Eindejaarslijstje 2020 van Matthieu Van Steenkiste

Moeten we er nog doekjes om winden dat dit een kutjaar was? Dat het echt een hoop ellende en miserie was, dat – neen wacht. Andere plaat. Dit was een geweldig jaar. Eentje dat ondanks alles een hoop sterke platen opleverde. Dat we dié live niet hebben mogen vieren, dàt was balen. Vooruit, dan: 2020 van de positieve kant bekeken.

  1. I Like Trains :: KOMPROMAT     Twaalf jaar. Zo lang is het geleden dat de bankwereld ons in een crisis zonder weerga stortte, sindsdien kregen we er het NSA-afluisterschandaal, Brexit en Trump bovenop. Al een geluk dat I Like Trains KOMPROMAT al had afgemixt, of ze smeten er Corona nog bovenop. Punt is: geen plaat vat deze fake newstijden beter samen dan deze nijdige muzikale heruitvinding. I Like Trains klonk zelden relevanter dan in deze post-punkversie.
  2. Algiers :: There Is No Year     De opvolger van het briljante The Underside Of Power was persoonlijker, soulvoller en bedachtzamer. Maar ook in die modus klonk Algiers nog steeds hoogst uniek.
  3. Glauque :: Glauque EP     Alsof MC Solaar en Massive Attack ergens in de Ardennen frontaal in botsing zijn gekomen, zo straf klonken deze zes tracks. Vijf bleke jongens uit Namen hebben het hiphopdebuut van 2020 gemaakt; schreeuw het van de daken, want het moet van de Blanche de Namur zijn geleden dat er nog eens iets zo smakelijk uit die stad kwam.
  4. Billy Nomates :: Billy Nomates     Muurbloempje: een geuzennaam als een ander, maar Tor Maries neemt nochtans geen blad voor de mond. ‘No’ werd het standaardantwoord, de attitude werd voor de spiegel geoefend. Klinkt Sleaford Mods als die gast in de pub die het allemaal eens goed zal zeggen, dan klinkt Billy Nomates als die griet die bij een pint haar vriendin bijpraat. Dat, maar dan miljarden keren spitanter, venijniger en grappiger. Geen plaat was dit jaar meer citeerbaar dan deze.
  5. Heisa :: Joni     A one, a two, a one two 11/8e. Heisa is mathrock met de attitude van The Ramones: het moet vooral swingen. Joni was de djoef van de week die je na weken lockdownfrustratie nodig had. Al deed het nét iets te hard verlangen naar een potig optreden.
  6. Einsturzende Neubauten :: Alles Im Allen     ‘Al bij al’, dat klonk alsof Blixa Bargeld klaar was om de balans op te maken. Met persoonlijke teksten over zijn Berlijnse jeugd kon dat zelfs zeer goed zo zijn, maar zijn maten lieten muzikaal horen nog lang niet aan het einde van hun Latijn te zijn.
  7. Badly Drawn Boy :: Banana Skin Shoes     Tien jaar na zijn laatste reguliere plaat, nog veel langer sinds zijn laatste echt sterke album, vindt Badly Drawn Boy de vorm van zijn leven terug met veertien klassieke songs waar een warmvoelend hart in klopte.
  8. Glass Museum :: Reykjavik     Het was een instrumentale plaat die dit jaar zowat het meest eloquent klonk. Elke keer Antoine Flipo zijn pianotoetsen raakt, begint een verhaal, de hartslag van Martin Grégoires drums zorgt dat je luistert tot het einde.
  9. School Is Cool :: Things That Don’t Go Right     De dichter is een ziener, de singersongwriter een ambetante voorspeller. Net voor alles fout ging, was er deze plaat, waarop alles eigenlijk nog zeer goed verliep. Johannes Genard wordt alleen maar beter als songschrijver, zijn band alleen maar competenter.
  10. Pothamus :: Raya     Nog zoiets dat je net als dat virus niet zag aankomen: post-metal uit Mechelen. Op Raya toont Pothamus zich beurtelings lyrisch, mystiek en dreigend, maar altijd even straf. Deze band is klaar voor de grote podia.

Voor een kutjaar ging het op muzikaal vlak best lekker, want ook deze kregen een ereplekje in de kast: 11. Lili Grace :: Silhouette, 12. Lucy Love :: Hammerhead, 13. Hinds :: The Prettiest Curse, 14. The Flaming Lips :: American Head, 15. Georgia :: Seeking Thrills, 16. Bright Eyes :: Down In The Weeds Were The World Once Was, 16. Greg Dulli :: Random Desire, 17. Styrofoam :: Political Songs, 18. Linde :: Cold Sore, 19. Spinvis :: 7.6.9.6 en 20. Idles :: Ultra Mono.

 

Live dus veel te weinig gezien, maar als het mocht, was het elke keer weer smullen. In de Botanique blies The Murder Capital vroeg in 2020 alle persoonlijke ellende voor even weg, zelfs zittend bleek Compact Disk Dummies een dansfestijn, en kon Glauque imponeren op een laat Les Nuits. En toen het even – héél even! – bijna voor echt mocht, liet School Is Cool zich zien in zijn Live Aidfase. Het bleek een goeie fase. Het zou meteen weer zowat het laatste concert zijn, op een nieuwe frats van Rudy Trouvé na.

Kom, kop op, volgend jaar kan alleen maar beter zijn.

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × 1 =