Al een maand lopen wij met Damos Room rond. We hebben nog altijd geen idee wat Damos Room is en moet zijn – buiten: just niks. We weten enkel dat verzet nog altijd leeft.
Even de feiten: Damos Room komt uit de UK, het land van raves en recessies, en dat hoor je. Het Londense trio zit ergens op een landmijn tussen postpunk, hiphop en dub. All Shall Go klinkt alsof Moor Mother en Death Grips samen twintig minuten pure woede bij elkaar gebricoleerd hebben. Een mixtape voor postindustrieel Londen. Het resultaat is de anti-nu, een keiharde middelvinger dat de underground levend en wel is. Neen, muziek is niet per definitie entertainment en neen, het onderscheid tussen mainstream en alternatief is niet dood. We moeten niet allemaal plooien naar de wetten van de popindustrie of de mood machines. Damos Room is: weg sfeer. In de plaats krijgen we ijskoude beats, afstandelijke zanglijnen, industriële noise, een soundsystem uit de hel. Daarmee vat de band iets wat popshows in de AFAS Domes van deze wereld nooit kunnen benaderen, laat het je ondergaan dat muziek niet moet verbinden of plezieren. Muziek moet helemaal niets.
Het is makkelijker om te zeggen wat Damos Room niet is dan wat ze je dan wel in het gezicht gooien. Buiten dan: een handgranaat. Die granaat gaat af. “Botanical Supper” begraaft de oude wereld en conventies, “ mad to the marrow/ glad to the bone” . “All Shall Go” is misschien nog wel het meest concrete, herkenbare handvat op deze korte plaat. Dubbassen, ritmes en noiseflarden vormen een soort tastbaar skelet met een zweem van melodie. Ghostpoet maar dan een paar recessies verder, Young Fathers maar dan bozer. “ You will die here” wordt er in je gezicht gefluimd, de rest van de tekst is een Burroughs-achtige koortsdroom.
Voor de rest van All Shall Go ben je eraan voor de moeite. In “Ghee”, “Voice Acting” en “Straightening” laat je je best meeslepen, verdrinken zul je toch. Het zijn reclameslogans cynisch uitgeperst tussen industriële klanken, meer absurdistische statements dan nummers. “Gullet” en “If You Want To, You Are” – misschien kom je hier in een heel donkere club nog net mee weg – zijn bevreemdende hiphop, ver weg van Superbowls en disstracks. “ Ever get the feeling you’ve been cheated?” claimt Damos Room terug van uitgerangeerde azijnpissers als John Lydon die al lang hun idealen ingeruild hebben voor een lidkaart van Reform. Deze muziek voelt zich verraden door alles en iedereen.
“ Autumn strikes with mighty force” en dan is het al gedaan. 21 minuten in 9 nummers maar je voelt je alsof je tien platen tegelijkertijd gehoord hebt – zonder ankerpunten, zonder referenties. Is All Shall Go perfect in al zijn beknoptheid, zijn chaos en woede? Bijlange niet. Niet eens door het gebrek aan coherentie en helder verhaal – fuck verhalen, “het verhaal” blijft tegenwoordig enkel over als holle verkoopstactiek. Wel omdat deze splinterbom nergens echt volledig uit de bocht gaat. Damos Room gaat voor auditieve terreur van de onderkoelde soort en totale vervreemding in plaats van een kopstoot. Misschien daarom dat wij net op onze honger blijven zitten? Geen idee. Maakt ook niet uit. Zoals we al zeiden: muziek moet niets en Damos Room al helemaal niet.




