Pothamus :: Raya

Een van de beste (post)metalplaten van het jaar komt van het Mechelse Pothamus. Met een meditatieve mix van postrock, doom en sludge heeft het trio een monumentale plaat gemaakt die dit jaar zijn gelijke niet kent.

We schrijven meditatieve metal? Jawel, bij deze vijftig minuten durende sonische reis zouden kaarsjes en wierook passen. “Heaviness is geen doel op zich, muziek moet kunnen vastgrijpen”, zei de band in een interview met enola. Dat vastgrijpen, dat kan Pothamus als de beste. En dat de hele plaat lang. Dit jaar moesten we in het Belgische metallandschap jammer genoeg afscheid nemen van Witch Trail en Soul Grip, maar gelukkig is er dus nog Pothamus.

Als eerste single kon “Orath” tellen. Onheilspellende gitaren met vervolgens tribale drums, woeste bassen en ijle vocalen bouwen de drie op naar eerste climax om dan weer de storm te laten liggen. Het nummer herbergt een meeslepende kracht die vergelijkbaar is met de eerste keer dat we Amenra, Stake (toen nog Steak Number Eight) en Isis hoorden. Het geheel kabbelt, kolkt en ontploft, grijpt bij het nekvel en bereikt op het juiste moment een catharsis.

“Viso” is al even meeslepend en ook weer een nummer waar niets, maar dan ook niets op aan te merken is. De verwoestende break bij de zesde minuut voelt als een kolkende oceaan van riffs en ritmes. Op muzikaal vlak doet Pothamus hier denken aan het meest atmosferische van Amenra, het tribale van OM en het overrompelende kracht van Year Of No Light.

Het zijn stuk voor stuk nummers die als het ware de geest zuiveren. Daarin blinken “Heravis I” en “Heravis II” vooral uit; beide zijn een soort atmosferisch intermezzo maar daarom niet minder indrukwekkend. Opnieuw zuigen ze als een oogverblindend droomlandschap alle aandacht naar zich toe en doen ze aan het etherische van Alcest denken. Of hoe metalmuziek toch betoverend kan klinken.

Dan moet “Raya” nog komen. Aanvankelijk is het vooral het primordiale van Heilung wat de klok slaat. We krijgen te maken met een tribale, minuten lange opbouw die meer en meer een louterende ervaring wordt. De oerschreeuwen en korrelige bassen nemen vervolgens steeds meer de bovenhand, alsof Sleep en Amenra een intense paringsdans aangaan. Zweverige vocalen leiden het nummer naar een soort oerknal die ons volledig murw slaat. Pure zwarte magie, net als “Varos” waarin een geduldige opbouw, huilende gitaren en zweverige vocalen ons naar een andere wereld meenemen. Wat een eindpunt.

Pothamus combineert indrukwekkend opgebouwde nummers met een thematiek die verbonden is met een eigen interpretatie van verschillende religies en wereldbeelden, én prachtig artwork van Iljen Put. Grijp hun Codex Pothamus dus aan om even te ontsnappen aan de realiteit. Dat het bitter ontwaken uit deze postmetalroes is dan ook niet verrassend. Als er een band is die we na deze vreemde tijden aan het werk willen zien, is het Pothamus wel.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 2 =