Let It Be – Past Masters Vol.1 – Past Masters Vol. 2




Let It Be

Sleuteltracks: ‘Let It Be’, ‘I Me Mine’, ‘Across the
Universe’

De cover van ‘Let It Be’ is meteen tekenend voor de onderlinge
relatie tussen het ooit zo olijke viertal, dat ten tijde van dit
laatste album ver onder het vriespunt ligt. Geen idiote poses of
potsierlijke kostuums, wel vier afzonderlijke foto’s van John,
Paul, Ringo en George, alsof ze na het gekibbel dat aan de release
van de plaat voorafging niet langer samen voor de lens te krijgen
waren. ‘Let It Be’ komt op de markt in mei 1970, kort na de
aangekondigde split van de groep en is officieel het laatste album
van The Beatles, maar het leeuwendeel van de nummers werd al in
januari 1969 opgenomen, enkele maanden vóór klassieker ‘Abbey Road’
dus. McCartney was de bezieler van de Get Back-sessies, waarin de
groep zou terugkeren naar haar roots en de technische snufjes
achter zich zou laten zodat een groot deel van de plaat ook live
zou kunnen worden opgenomen. De release van ‘Get Back’ – de
initiële titel van het album – wordt eerst opgeschoven om samen te
vallen met de gelijknamige film en later voor onbepaalde tijd
opgeschort wegens desinteresse van The Beatles zelf, die zich nu
liever focussen op ‘Abbey Road’. Meer dan een half jaar later raken
de ongepolijste opnames alsnog verzeild bij producer Phil
Spector
, die ze bijschaaft, er een hele rist moderne
spielereien op toepast en zo het uiteindelijke resultaat, ‘Let it
Be’, mijlenver van McCartney’s back to basics-filosofie
doet afwijken.

Spectors ingrijpen wordt misschien wel het meest duidelijk op ‘The
Long and Winding Road’, een pianoballade van Paul waarin hij,
geïnspireerd door het Schotse platteland, de groeiende spanningen
tussen de groepsleden van zich probeert af te schrijven. De eenvoud
die het nummer oorspronkelijk siert, wordt teniet gedaan door een
uit de hand gelopen fantasietje van Spector, die een heuse
strijkerssectie en een 14-koppig vrouwenkoor laat aanrukken.
McCartney is niet te spreken over de Wall of Sound die Spector aan
zijn creatie toevoegt en probeert de release van de single nog
tegen te houden. Tevergeefs en dat is de druppel voor Paul, die
prompt publiekelijk zijn vertrek uit de groep aankondigt. Later zou
hij hierover zeggen “I didn’t leave the Beatles. The
Beatles have left the Beatles, but no one wants to be the one to
say the party’s over”.

En dat is geen boutade, want eerder hadden ook Harrison en Lennon
in privésfeer al met hun vertrek gedreigd, en deze dreiging wordt
pijnlijk accuraat weergegeven in de documentairefilm ‘Let It Be’
die met het album gepaard gaat en waarvan wel eens gezegd wordt dat
hij niet ‘the making of’ van een album schilderde -zoals
oorspronkelijk de bedoeling, maar wel ‘the breaking up’ van een
band. De film geeft de gespannen sfeer in de opnamestudio weer,
waar de voortdurende aanwezigheid van Lennons wederhelft
Yoko Ono niet op prijs wordt gesteld door de
andere drie bandleden, maar ook Lennons heroïneverslaving en de
muziek zelf zorgen voor conflict. ‘I Me Mine’, een pareltje van
George Harrison dat met een opzwepende riff en zijn naar een
kinderlijke driftbui neigend refrein een aanklacht vormt op het
egoïsme van die tijd – maar vooral op de botsende ego’s in de groep
zelf – wordt door Lennon afgekraakt met de woorden “We’re a
rock and roll band, run along boy”
. Maar ook McCartney weet
zich te mengen en zijn kleinerende opmerkingen op Harrisons
gitaarspel – dat nochtans wel op de goedkeuring van
Dylan en Clapton kon rekenen –
vormen de aanleiding tot een verhitte discussie die later
uitgroeide tot een van de meest beruchte scènes uit de film.

Vele nummers op de plaat kan men dan ook zien als de kroniek van
een aangekondigde dood, of krijgen in elk geval een dubbele bodem
in het licht van de breuk van de ooit zo geoliede muziekmachine die
The Beatles waren. ‘Two of Us’ schreef Paul voor zijn toekomstige
echtgenote Linda, maar kan ook beschouwd worden
als een laatste oproep aan John om de brokken te lijmen – “You
and I have memories, longer than the road that stretches on
ahead”
. Ook het inhoudelijke contrast in ‘I’ve Got A Feeling’
toont aan hoezeer The Beatles uit elkaar gegroeid zijn; het
optimisme van Pauls deel waarin hij nogmaals zijn liefde verklaart
aan Linda botst met de donkere ondertoon in Johns ‘Everybody Had a
Hard Year’, het relaas van zijn persoonlijke problemen – de
scheiding van Cynthia, zijn arrestatie voor
drugsbezit en Yoko Onos miskraam. Maar het nummer dat het best de
ondertussen maandenlang aanslepende conflicten samenvat is
natuurlijk ‘Let It Be’, Pauls meeslepende ballad waarvoor hij naar
verluidt inspiratie haalde bij de verschijning van zijn moeder in
een droom. Zoals vaker bij McCartney geen echt diepgaande teksten,
maar de zinderende piano en de boodschap van zijn Mother Mary dat
alles uiteindelijk wel goed zal komen, maken van dit nummer een
klassieker die tot op de dag van vandaag door jong en oud wordt
meegeneuried en -gezongen. En terecht.

Alles bij elkaar gerekend is ‘Let It Be’ echter niet het beste dat
the Beatles te bieden hebben, deels door de strubbelingen in de
opnamestudio, deels omdat Spectors versie onsamenhangend lijkt en
te kampen heeft met een te veel aan bombast en technische ingrepen.
Daaraan zal later in 2003 door McCartney een mouw gepast worden met
‘Let It Be…Naked’, een heruitgave die volgens hem veel dichter
aanleunde bij het oorspronkelijke idee van het album, zonder
Spectors bij momenten overdadige Wall of Sound. Maar zelfs met een
aantal mindere nummers, zoals het chaotische ‘Dig It’ of de ietwat
overbodige folksong ‘Maggie Mae’ – beiden niet geheel toevallig
weggelaten op de ‘Naked’ versie – blijft ook ‘Let It Be’ een meer
dan degelijke plaat, en wanneer Lennon op het einde van de plaat
schertsend zegt “I’d like to say ‘thank you’ on behalf of the
group and ourselves, and I hope we passed the audition!”

kunnen wij niet anders dan ja knikken.

Past Masters – Vol. 1

Sleuteltracks: ‘She Loves You’, ‘I Feel Fine’, ‘I’m
Down’

‘Past Masters’ is een tweedelige compilatie-cd, die in 1988 op de
markt komt om de Beatlescollectie van de echt devote fans te
vervolledigen en bestaat uit een aantal nummers die nooit eerder op
cd werden uitgegeven. Vol. 1 bevat 13 singles en b-kantjes, alle 4
nummers van de ‘Long Tall Sally’-elpee en één nummer dat enkel in
de VS op plaat was verschenen, allemaal origineel uitgebracht
tussen 1962 en 1965. Niet meer dan een aardigheidje voor de
fanatiekelingen, gewoon een gladde marketingtruc of toch echt
onmisbaar in je platenkast?

‘Love Me Do’ staat in principe al op het debuut van The
Beatles, maar op deze versie speelt Ringo Starr en niet Andy White
drums en is ook de tamboerijn achterwege gelaten. Op het eerste
zicht een klein detail, maar uiteindelijk is het toch die
samenstelling waarin het viertal wereldroem vergaarde. De andere
nummers op deze ‘Past Masters’ zijn wel onvindbaar op de reguliere
Beatlesalbums, maar of ze het daarom allemaal waard zijn om op cd
gebrand te worden is nog maar de vraag. De compilatie bevat een
aantal leuke singles uit de beginperiode van de band, maar tegelijk
blijft het allemaal behoorlijk braaf, want pas in de tweede helft
van de zestiger jaren durfden ze echt buiten de lijntjes te
kleuren. Nummers als ‘From Me To You’ of ‘Thank You Girl’ dragen
een onmiskenbare Beatlesstempel – herkenbare maar oh zo meeslepende
melodietjes die zich meteen in je geheugen nestelen, maar zijn
tegelijk ook vrij ingetogen, met jongensachtige samenzang en weinig
avontuurlijke arrangementen. Single ‘She Loves You’ is al een pak
gedurfder, met zijn voor die tijd onconventionele lyrics en een
refrein –“Yeah yeah yeah” – dat iets korreliger wordt
gezongen en ook b-kant ‘I’ll Get You’ neigt naar groove, met Lennon
op mondharmonica. ‘That Boy’ begint erg klassiek, maar komt naar
het einde toe verrassend venijnig uit de hoek, net als ‘I’m Down’
dat scherp uithaalt naar het bedrieglijke vrouwelijke geslacht. ‘I
Feel Fine’ begint met zowat het meest funky gitaarriedeltje ooit,
en Carl Perkins-cover ‘Matchbox’ biedt met zijn
rockabilly sound een leuke afwisseling van de poprock die The
Beatles gewoonlijk brengen.

Een aangename verzameling singles dus, maar helaas ligt het niveau
niet altijd even hoog, waarvan akte in ‘Yes It Is’ – niet veel meer
dan te ingetogen, bijna saaie samenzang – en ook ‘I Call Your Name’
mist dat beetje extra schwung van de echte Beatlesclassics. De
echte stinkers zijn echter de Duitse covers van ‘She Loves You’ en
‘I Want to Hold Your Hand’ -respectievelijk ‘Sie Liebt Dich’ en
‘Komm, Gibb Mir Deine Hand’ die door de lachwekkende Duitse
uitspraak van het viertal tot echte kitsch verworden. Het spreekt
natuurlijk wel in het voordeel van John, Paul, George en Ringo dat
ze dit commerciële idee – want in het Engels zouden ze in Duitsland
geen voet aan wal kunnen zetten – lang hebben trachten te
boycotten. Artistieke integriteit, quoi?


Past Masters – Vol.2

Sleuteltracks: ‘Lady Madonna’, Hey Jude’

Volume 2 van de ‘Past Masters’ bundelt de singles van de
grootmeesters der pop die tussen 1965 en 1970 op de wereld werden
losgelaten en net als Vol. 1 vormt dat een bont allegaartje van
poppareltjes en aardige middenmoot. ‘Lady Madonna’, een “bluesy
boogie-woogie thing”
waarvoor McCartney zich liet inspireren
door Fats Domino, is altijd al een persoonlijke
favoriet van me geweest, met zijn bezwerende piano- en
saxofoonpartijen en Pauls heerlijk hoge stemmetje in het refrein.
Meezinger ‘Hey Jude’ was ondanks zijn lengte – het hypnotiserend
eenvoudige melodietje wordt meer dan zeven minuten lang aangehouden
– meteen een succes en ook vandaag houdt enkel nog de grootste
droogstoppel de lippen stijf of de voeten stil bij het horen van
het “Na na na na na na”-refrein.

Op dit tweede luik is ook zeer duidelijk de evolutie van The
Beatles te merken, die steeds meer beginnen te experimenteren met
zowel nieuwe instrumenten als geestesverruimende middelen. De sitar
is bijvoorbeeld prominent aanwezig in ‘The Inner Light’, de eerste
compositie van Harrison die het tot single schopt – nu ja b-side en
niet geheel onterecht, want dit Oosters getint nummer is niet meer
dan een weinig meeslepende weergave van een preek uit het Taoisme.
Ook tekstueel verkennen ze nieuwe horizonten, en de single
‘Paperback Writer’ uit 1966 was de eerste die niet over de liefde
of het andere geslacht ging, maar wel over een beginnend schrijver.
Verder halen The Beatles de mosterd natuurlijk ook bij hun
succesvolle Amerikaanse tijdsgenoten, zo doet ‘The Ballad of John
and Yoko’ wel erg Dylanesk aan, waarbij John zich zelfs een nasaler
stemgeluid aanmeet voor het relaas van zijn relatie met Yoko Ono en
hun Bed-In.

Naast de reguliere singles bevat ‘Vol.2’ een aangepaste versie van
een nummer dat eerder al op ‘Let It Be’ verscheen; ‘Across the
Universe’ wordt opgesmukt met wat vogelgeluidjes en een tikkeltje
sneller gespeeld om dienst te doen op ‘No One’s Gonna Change Our
World’, een liefdadigheidsalbum voor het WWF. Ook van klassieker
‘Let It Be’ bestaan twee versies en ‘Past Masters’ bevat natuurlijk
de oorspronkelijke singleversie, mét de backing vocals van onder
andere Linda McCartney die de uiteindelijke albumversie niet
gehaald hebben. Daarvoor hoeft u zich deze verzamelaar echter niet
aan te schaffen, wel voor curiosa als ‘You Know My Name (Look Up
the Number)’; waarschijnlijk het onnozelste, maar ook best
ontwapenende nummer uit de backcatalogue van The Beatles, dat John
in zeven haasten bijeenschreef na het zien van een telefoonboek.
Maar misschien nog het meest van al verdient ze haar plaats in uw
platenkast voor het absoluut tijdloze ‘Hey Jude’, waarvan het nog
steeds een raadsel is waarom het nooit eerder een album haalde.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

9 − 1 =