Submarine Races :: Submarine Races

Een jaar nadat Ian Adams het bij The Ponys voor bekeken hield, heeft hij alweer een nieuwe band en een nieuwe plaat klaar. Dat Submarine Races bij het garagelabel In The Red verschijnt, neemt echter niet weg dat de plaat niets minder is dan Adams’ poging om zichzelf een nieuw arty indiebandje cadeau te doen, en op die manier met zijn verleden te breken.

De man die The Ponys stichtte, heeft het er duidelijk moeilijk mee dat zijn vorige groep al vlug het etiket van garage kreeg opgeplakt. Op Submarine Races maakt hij daar van bij het begin dan ook korte metten mee. De zes minuten lange openingssong, die hij niet toevallig het "Theme" van Submarine Races heeft genoemd, bevat geen vaste melodielijn, heeft geen zang en bestaat voornamelijk uit noise. Daarmee slaat Adams niet alleen aan het experimenteren, maar breekt hij tevens met de ongeschreven regel dat eventuele experimentele uitstapjes voor het einde van een plaat — het liefst in de vorm van een ghosttrack — bewaard worden.

Het is echter een maat voor niets, want met "Difficult Night" komt de luisteraar al vlug in contact met zijn geschiedenis. Adams’ speciale stem maakt van het nummer een kant-en-klare popsong, terwijl het newwaveritme sterke herinneringen aan zijn twee voormalige bands — The Ponys en Happy Supply — oproept. Dat Adams die lijn met "Get Yourself Together" gewoon verderzet, bevestigt dat hij het moeilijk heeft om zijn diepgewortelde eightiesroots te verloochenen.

Gelukkig maakt dat niet alle moeite vergeefs. Het speelse karakter van songs als "Ghosts And Worms" en "Hey Dad (The War Is Over)" roept immers zeker zo vaak sterke referenties aan Stephen Malkmus en Pavement op, en dat is volgens de Amerikaanse beschrijving natuurlijk nog altijd op en top indierock. Daardoor ziet Submarine Races toch nog een paar verhoopte ambities in vervulling gaan.

In "Get Yourself Together" klaart Submarine Races de klus met mannenkoortjes, terwijl die in "Watch What You Say" een beetje Fencegewijs als vogeltjes staan te fluiten. "Six Foot Two" klinkt een stuk ruwer, maar sluit daardoor beter aan bij de uit punk voortgekomen indierock van Weezer, terwijl "One Foot, Three Back" tien jaar geleden gerust hét grunge hinklied van de jaren negentig had kunnen worden.

Dat veel van de Amerikaanse indierock hier in Europa tegenwoordig als klassieke rock wordt beschouwd, mag echter ook uit de plaat blijken. Dat omdat de band ondanks moedige pogingen interessante muziek te maken toch maar blijft zweven tussen het talent van een enthousiaste singer-songwriter, een handvol loze experimentjes en invloeden uit allerlei richtingen waar eigenlijk toch nog veel te weinig mee gedaan wordt.

Dat maakt dat Submarine Races strandt als een project dat nét interessant genoeg is om voor een beetje entertainment te zorgen, maar dat als groep op zich toch nog veel te weinig te vertellen heeft om echt te kunnen overtuigen. Misschien dat de groep net iets langer in het zadel had mogen zitten alvorens een eerste officiële plaat uit te brengen, maar dat zal die eventuele opvolger dan wel aan het licht brengen. In de tussentijd valt er niet bijster veel te missen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − 12 =