Submarine Races :: Hard To Look At And Easy To See

Wij vragen ons wel eens af hoe Ian Adams nog op beide oren kan slapen. Na zijn vertrek uit The Ponys stelt de groep immers totaal niets meer voor en met Submarine Races lijkt hij maar een beetje te doen waar hij zin in heeft. Een geluk dat Larry Hardy, platenbaas van In The Red Records, Submarine Races’ eigenzinnige artpop zo gunstig gezind is en Adams heeft toegestaan met Hard To Look At And Easy To See een tweede plaat in the blikken.

Toegegeven: het was even slikken toen we vier jaar geleden het niet al te consistente Submarine Races op ons bord kregen als vervolg op het rockende, doch popgevoelige The Ponys. Een alternatief was er echter niet: met Turn The Lights Out bewees het overblijvende personeel van The Ponys dat er zonder het creatieve brein Adams geen toekomst meer was en bijgevolg waren onze ogen enkel nog op hem gericht. Met zijn nieuwe groep Submarine Races liet hij het rock-’n-rollgenre echter volledig achter zich om muziek te brengen waarin je tegelijkertijd experimentele noise, ultralichte britpop en hippe indierock herkende. Geen kleine boterham, en dat is waarschijnlijk de hoofdreden waarom het debuut Submarine Races veelal verkeerd begrepen werd: het is heel moeilijk om in zo’n verscheiden mix de muzikale invloeden met elkaar te verzoenen en tegelijkertijd toch geloofwaardig te klinken.

Dat Adams met Hard To Look At And Easy To See toch verder gaat op dat elan, bevestigt nochtans dat het helemaal de bedoeling was om met Submarine Races verschillende kanten tegelijkertijd op te kijken, wat meteen een ander licht werpt op het debuut. Een noisenummer als "Theme" valt na The Ponys moeilijk te plaatsen, maar krijgt meer betekenis wanneer men Adams in een nummer als "Part B (Where Are You Going)" een poging hoort wagen om traditionele indierock à la Pavement en Yo La Tengo in perfecte harmonie te brengen met oosterse sitars. Dat het een geslaagd experiment is, bewijst het feit dat het nummer tegelijkertijd een van de meest radiovriendelijke én experimentele liedjes van Hard To Look At And Easy To See is.

Dat wij de waarheid er echter oneer mee zouden aandoen door te beweren dat Submarine Races plots een toegankelijke groep is geworden, blijkt eveneens uit genoeg nummers. "Harem Bells" is de complete tegenpool van "Part B (Where Are You Going)", een nummer dat ondanks de exotische titel geen oosterse instrumenten bevat, maar demonstreert hoe Adams’ indiepop in complete free jazz met een vleugje Link Wray-achtige surf kan uitmonden en hierdoor al even buitengewoon klinkt. Wanneer wij u hierbij nog even onthullen dat zulke uitlopers het meest interessante materiaal uitmaken van Hard To Look At And Easy To See, dan kent u Submarine Races’ grenzen en weet u wat u kan verwachten. Dit is een tweede indierockplaatje waarvan het leeuwendeel uit toegankelijke nummers bestaat, hier en daar aangevuld met echo’s van Adams vorige, naar eightiespop neigende bands.

Toch is Hard To Look At And Easy To See geen nuloperatie. Hoewel het meeste materiaal niet erg experimenteel klinkt, lukt het Adams vrij goed om het spook van Happy Supply en The Ponys langzaam maar zeker van zich af te schudden. Het baslijntje van "Trees Of Mystry" had weliswaar nog even goed op een trieste, door Joy Division geïnspireerde plaat van The Ponys kunnen staan, het klinkt in Adams’ eigenzinnige indiepop evenmin als een vreemde eend in de bijt. Wie na zo’n nummer nog niet van Submarine Races’ toegevoegde waarde overtuigd is, kan het erg naar The Clash neigende "Let It Go" of het poëtische "Literal Mind" nog een kans geven. Het zijn allebei nummers waarmee het combo heel wat terrein in het britpopkamp wint.

Het is uiteindelijk vooral aan zulke verrijkende nuances te danken dat Hard To Look At And Easy To See beter te verteren valt dan voorganger Submarine Races. Met het debuut bracht het combo een ruwe schets van een paar leuke, maar onrijpe ideeën, wat tegen de achtergrond van het fantastische, maar ter ziele gegane The Ponys een bittere pil was om te slikken. Met Hard To Look At And Easy To See is Submarine Races er evenmin aan toe om The Ponys’ hoogtepunten te evenaren, maar krijg je toch tenminste de indruk dat er naar iets hogers toegewerkt wordt. Een heilig doel waarvan wij het volmaakte resultaat hopelijk ooit nog eens op goddeau mogen beschouwen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − 5 =