Lord of War




Andrew Niccol is terug onder de levenden. De brave man liet zich
voor het eerst opmerken als scenarist van ‘The Truman Show’
(fantastisch) en vervolgens als regisseur van ‘Gattaca’
(uitstekend), om daarna pijnlijk onderuit te gaan met ‘Simone’ (niet om aan te zien). Wat al die
films gemeen hadden, was een scherp bewustzijn van de buitenwereld
en de actualiteit: manipulatie door de media in ‘The Truman Show’
en ‘Simone’, de dreigingen van een
subtiele vorm van fascisme in ‘Gattaca’. In ‘Lord of War’ gaat
Niccol nog een stap verder, en pakt hij de wapenindustrie aan. Dit
is zijn meest cynische prent tot op heden: het hoofdpersonage hier
draagt bij aan de dood van duizenden, zoniet miljoenen mensen door
de geweren te verkopen waarmee ze worden afgemaakt en zijn
verantwoording is “als ik het niet doe, doet een ander het”. Niccol
is altijd al een regisseur geweest die in al zijn projecten wel het
een of ander ei te leggen had, en nergens werd dat duidelijker dan
hier. De resulterende film heeft zo z’n gebreken, maar is in ieder
geval goed genoeg om ‘Simone’ te
kunnen afschrijven als eenmalige uitschuiver.

Nicolas Cage speelt Yuri Orlov, de oudste zoon van Oekraïnse
immigranten in Brooklyn. Begin jaren tachtig begint Yuri, samen met
zijn broer Vitaly (Jared Leto) een bescheiden wapenhandeltje, dat
zich aanvankelijk afspeelt in luizige motelkamers waar dan kleine
koffertjes met munitie worden doorgegeven. Maar dat duurt niet
lang: ‘de mensen zullen altijd oorlog voeren’, horen we Yuri
zeggen, ‘en dus zullen mannen als ik altijd werk hebben’. Binnen de
kortste keren doet Yuri zaken met zowat alle dictators en
machtswellustelingen ter wereld, zonder zich ook maar iets aan te
trekken van moraliteit. ‘Aan Osama Bin Laden heb ik nooit iets
verkocht – zijn cheques waren nooit gedekt.’ Wanneer er een einde
komt aan de koude oorlog, is het helemaal payday voor Yuri:
het hele oostblok bàrst van de wapens, destijds gemaakt voor een
oorlog tegen Amerika die er nooit is gekomen, en het wordt
grotendeels geleid door corrupte bureaucraten. Yuri pendelt over en
weer tussen Wit-Rusland en Afrika, waar kindsoldaatjes een zekere
dood tegemoet worden gestuurd met goedkope Kalashnikovs in hun
handen. Maar hij wordt gevolgd door Jack Valentine (Ethan Hawke),
een integere flik die vastbesloten is om Yuri de bak in te
draaien.

De grote vraag bij dat alles is natuurlijk: hoe kun je zoiets over
je hart krijgen? Je wéét toch dat dankzij jouw wapens mensen zullen
sterven – hoe kun je dan nog naar jezelf in de spiegel kijken? Het
antwoord is dat Yuri Orlov zichzelf die vraag simpelweg niet stelt.
Hij weigert om zich bezig te houden met vragen over moraliteit: hij
verkoopt een product en krijgt daar geld voor, punt uit. Wanneer
anderen hem dan toch confronteren met de gevolgen van zijn daden
(zijn vrouw, zijn broer, Jack Valentine), neemt hij zijn toevlucht
tot de gebruikelijke clichés: als ik het niet doe, doet een ander
het. Aan drank en sigaretten gaan nog veel meer mensen dood. Van
mij moeten ze niemand neerschieten – ik geef ze alleen een wapen,
de trekker overhalen doen ze zelf. Enzovoort, enzoverder. Nicolas
Cage is de voorbije tijd aan een come-back bezig (ook in ‘The Weather Man’ was hij erg sterk), en hij
weet die ambiguïteit van dat personage perfect uit te beelden.
Ergens diep binnenin hem zit nog altijd een menselijke kern –
wanneer in zijn aanwezigheid iemand wordt neergeschoten, reageert
hij geschokt – maar over de loop der jaren begraaft hij dat deel
van zichzelf onder het verstikkende pragmatisme dat je als
wapenhandelaar nu eenmaal nodig hebt. Zo’n mentaliteit van “de
wereld gaat toch wel naar de kloten, dus kan ik er net zo goed nog
even een slag uit slaan”.

Andrew Niccol weet dat hele verhaal op een erg heldere, visuele
manier te vertellen: we beginnen met een magistrale
openingssequens, waarin we in één ononderbroken shot het
productieproces van een kogel volgen. Hij wordt gemaakt, ergens in
een fabriek in het oostblok, verpakt en verscheept naar Afrika.
Daar wordt hij in een pistool geladen en aan het einde van het shot
zien we de kogel het hoofd van een kindsoldaat ingaan. In zekere
zin doet Niccol hier wat Terry George verleden jaar niét deed in
‘Hotel Rwanda’: hij plaatst het
gruwelijke geweld in de Afrikaanse landen in een bredere politieke
context (er is geen grotere wapenhandelaar dan de regering van de
VS, en dat wordt erg duidelijk gemaakt) én hij brengt dat geweld op
een eerlijke manier in beeld. ‘Lord of War’ wordt nooit gratuit
gewelddadig, maar je weet aan het einde maar al te goed waar het
over gaat, en wat een kogel kan aanrichten.

Daar staat wel tegenover dat het scenario niet helemaal op punt
staat: een echte plot is er niet – in essentie volgen we twintig
jaar uit het leven van een wapenmarchant, met alle smerige deals
die daarbij horen. Het gevolg daarvan is dat het verhaal al gauw
erg fragmentarisch wordt, met een voice-over van Cage om alles bij
elkaar te houden. Die individuele scènes werken wel, maar je merkt
dat de commentaar van het hoofdpersonage hier gebruikt wordt als
lapmiddel, om een cohesie tussen de scènes te suggereren die er
eigenlijk niet is. Nog een gevolg daarvan is dat de nevenpersonages
niet altijd even goed worden uitgewerkt – Yuri’s echtgenote, die
niet precies weet (of wil weten) waar haar man mee bezig is krijgt
nog een beetje gelegenheid om zich te ontplooien als personage,
maar Ethan Hawke als eerlijke agent en Ian Holm als rivaliserende
gun runner komen er uiteindelijk maar bekaaid vanaf.

En ook wil Niccol z’n boodschap er af en toe wat àl te nadrukkelijk
inhameren. De wapenhandel is per definitie immoreel en andere
mensen afschieten is ook niet erg vriendelijk, maar dat hadden we
zo óók al wel begrepen. Een scène waarin Ethan Hawke uitdrukkelijk
een monoloog krijgt om het ons even uit te leggen, hoefde daar echt
niet meer bij. Al evenmin als een moment waarin een Afrikaans
meisje van een jaar of zes het stompje van haar rechterarm toont en
aan de blanke man vraagt of die nog zal teruggroeien. ‘Lord of War’
is een boodschapfilm – op zichzelf is daar niks mis mee, maar je
mag het niet teveel laten merken.

Niettemin is dit een onderhoudende prent die zich bedient van een
zwartgallig gevoel voor humor om een zeer geldige boodschap de
wereld in te sturen. De acteurs doen het goed, Niccol brengt alles
met veel schwung in beeld en twee uur later sta je terug op
straat met het gevoel dat je nog eens een film hebt gezien die
ergens over ging. Dan neem je de gebreken er maar gewoon bij.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

7 + 9 =