Mercelis :: Western Union

Negen jaar na zijn fantastische debuut The Hopes And Dreams Of A Drunk Punk is er plots Iets Nieuws van Jef Mercelis. Zomaar, een beetje out of the blue, en al lang niet meer verwacht. We durfden er zelfs niet meer van dromen, denken we, en dat is maar goed ook: Western Union is best te benaderen zonder voorkennis, want oude vormen en gedachten zijn een beetje gestorven. De hoge kwaliteit is gelukkig wel gebleven.

Desondanks vatten we het verhaal nog even samen in een handig biografisch overzicht. Songschrijver Jef Mercelis gooit als prille twintiger geen slechte ogen in de Rockrallyfinale van 1992, duikt vervolgens vier jaar onder om in 1996 terug aan de oppervlakte te verschijnen met een groep (voor het gemak Mercelis genaamd) en een geweldige debuutplaat. Die raakt een paar harten, verkoopt voor de rest voor geen meter, en Mercelis verdwijnt de volgende negen jaar uit de aandacht.

Af en toe steekt er nog een hand boven het water uit. Eerst zou er in 1998 een samenwerking met Geert Van Bever komen, er wordt niets meer van vernomen. Vier jaar later is het opnieuw van dat, deze keer richt Jef samen met Guy Van Nueten (van The Sands en Tom Barman & zichzelf) de groep Zon&Zero op. Er vinden een aantal optredens plaats, waaronder een op De Nachten van 2002. Ook die samenwerking loopt echter fout af. Een controlefreak die niet kan loslaten? In elk geval wordt het oppervlak vanaf dan rimpelloos, en lijkt de Kempenzoon van de kaart verdwenen.

En toch heeft Mercelis de afgelopen jaren niet stilgezeten. Onder de waterspiegel van ons gezichtsveld waren er tal van bijdragen voor obscure en iets minder obscure theatergezelschappen, (kort)films en wat dies meer cultureel zij. De songschrijver Mercelis leek echter maar niet terug op het goeie spoor te raken. Tot hij ons ergens vorig jaar in een kleine Hasseltse kroeg toevertrouwde een nieuwe plaat opgenomen te hebben die zelfs “binnen de maand uit zou komen”.

Een maand later — het kunnen er ook twee zijn geweest — in het Brusselse KultuurKaffee klonk het dat hij opnieuw was beginnen mixen. Waarna het opnieuw oorverdovend stil werd voor een jaar. Maar nu is die nieuwe plaat met Western Union een feit: een behoorlijk ingetogen, slepende en pikzwarte affaire.

Hier geen bright young man meer die tekstueel een pathosvolle Morrissey-fixatie torst, maar een late dertiger die het leven ondertussen nog minder vrolijk bekijkt. Western Union klinkt alsof hij nachtelijk bijeen werd gefluisterd, half gekreund, in een spookachtig verlaten zwembad: de wat holle klank van een veel te grote ruimte, vaak lichtjes ongemakkelijk.

De zang is ingehouden, niet het grote keelgeluid, maar een fluister over jachtige akkoorden waar producer Kris Dane wat stoorzenders doorheen jaagt, als in “The Main House”. Ronduit griezelig is het volledig uit zompige moerasgrond opgetrokken baslijntje van “Muddy Waters”, waarover een galmende echo een leger Kluddes achter ons suggereert. “Blossom” krijgt bevreemdende blazerachtige geluiden over de vloer, ze hebben hun voeten niet geveegd. Neen, dan voelt een mineurversie van Buddy Holly’s “That’ll Be The Day” bijna gezellig aan.

Het kan ook eenvoudiger, als in het pakkende “Heart” (dat nog uit de Zon&Zero-tijd is overgebleven) en afsluiter “Radiate”, het onbetwiste hoogtepunt van Western Union: voor één keer lijkt de warmte van de elektrische kachel het centrum van het lege bad te bereiken, een eenzame piano doet ons uitgeleide voor we de deur dicht trekken, in de verte galmt nog dof een laatste akkoord.

Vrolijker is niemand er ondertussen op geworden, maar niettemin: Mercelis is terug. Optredens met groep staan verder gepland, wij zagen dan al glunderende gezichten op én voor het podium. Weet dat de songs van Western Union dan groeien. En reken dat Jef Mercelis niet van plan is het deze keer opnieuw te laten fout lopen: zo zou een opvolger er binnen een jaar al moeten zijn. Wij houden onze vingers gekruist en koesteren ondertussen deze ongedroomde comebackplaat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × 4 =