Gravenhurst :: Fires In Distant Buildings

Complexe en onvoorspelbare songstructuren bij de broertjes Wauters,
fonofobe fans van Dynamite, dynamic characters in ‘Familie’:
sommige combinaties zullen er wel nooit komen. Wij zijn dan ook al
lang tevreden met kleine verrassingen. Een band die anders uit de
hoek komt zonder daarbij zijn eigenheid te verliezen kan ons
bijvoorbeeld al in opperste staat van verrukking brengen. Sophia
kreeg het voor mekaar in 2004 met People Are Like Seasons en dit jaar is
het (naast My Morning Jacket en
The White Stripes) de beurt aan
Gravenhurst. Waar songschrijver Nick Talbot zich op ‘Flashlight
Seasons’ nog profileerde als een folkie met een iets te hoge Nick
Drake-fixatie, heeft hij met ‘Fires In Distant Buildings’ een
donkere nachtplaat gemaakt met grootstedelijke allures. We horen
geen eenzame bard die zijn depressieve buien in songs giet, maar
een groep die slaat en zalft: warme, tedere passages worden
afgewisseld met gulpen venijnige noise die even onvoorspelbaar zijn
als de klasseflitsen van Zlatan Ibrahimovic.

De donkere soundscape die ‘Down River’ inluidt, verraadt het al:
lichtvoetigheid zal u op ‘Fires In Distant Buildings’, een metafoor
voor machteloosheid, niet aantreffen. We horen een amalgaam van
vreemde geluiden die ons herinnerden aan ‘What’s He Building?’ van
Tom Waits. Talbot trekt de luisteraar onmiddellijk mee naar de
donkerste krochten van zijn psyche. Een heldere, rustige gitaar en
de zachte stem van Talbot verleiden de luisteraar, maar na de lap
teringherrie die deze oorverdovende zachtheid bruusk doorbreekt,
weten we het wel zeker: niets is wat het lijkt op deze plaat. Amper
bekomen van deze schok moet de angstaanjagende finale van het
nummer nog komen. “Something’s stirring / You feel it on your
skin / Down river it lies / Down river it lies
“, zingt Talbot
licht dreigend terwijl gitaren aanzwellen om dan als een rijpe
zweer uit te barsten in bijtende distortion (Denk aan ‘Desert Song
No 2’ van Sophia, maar nog verwoestender).

Veel tijd om naar adem te happen is er niet, want ‘The Velvet Cell’
schiet erg snel en aan een hoog tempo uit de startblokken. De
sluimerende woede die de plaat muzikaal kenmerkt, steekt hier op
tekstueel vlak de kop op: “To understand the killer / I must
become the killer / And I don’t need this violence anymore / But
now I’ve tasted hatred I want more
“. Talbot zingt het met
zoveel overtuiging dat we even ongemakkelijk op onze stoel zitten
te schuiven. Na dit up-tempo nummer pakt ‘Animals’ het weer iets
subtieler aan: een trage opbouw, een tekst die zo op ‘Murder
Ballads’ van Nick Cave had kunnen staan, contrasterende lieflijke
zanglijnen en gitaren die langzamerhand dieper en dieper
snijden.

Na dit moordende trio moet Gravenhurst zelf aangevoeld hebben dat
het tijd was voor een rustpunt. ‘Nicole’ heelt de geslagen wonden
door het mooie akoestische gitaarspel en de zachte stem van Talbot,
maar het is slechts het oog van de orkaan. De volgende songs rijten
diezelfde wonden weer open met hun weerhaken die zich soms dieper
in je vlees boren dan je zelf wel zou willen. Talbot weet zijn
muzikale exploten echter zo te verpakken dat je niet anders kan dan
meegesleurd worden naar het duistere niemandsland dat hij en zijn
band creëren. De door weemoed gekenmerkte songs slaan vaak om in
muzikale bastaards met suïcidale en destructieve neigingen. Zo is
‘Cities Beneath The Cities’ een stukje atypische graveyard
poetry
waarboven een meeslepende synth zacht huilt.
Konden we tot nu toe nog net bovenblijven, dan duwen de laatste
twee songs ons finaal kopje onder. In ‘Songs From Under The Arches’
worden gitzwarte regels gezongen boven een tranerige gitaar en
zachte percussie terwijl donderwolken zich samenpakken. Na de
veelbetekenende woorden “We can’t function outside these dreams
of suicide
” krijgen we bliksemschichten van noise te verwerken
waarbij Mogwai goedkeurend zou knikken (zie: ‘Like Herod’). Wie na
deze goeie tien minuten ondraaglijke intensiteit niet compleet is
leeggezogen, is een wel heel taaie. De plaat wordt daarna passend
afgesloten met een postrockherwerking van The Kinks’ ‘See My
Friends’.

De timing van Gravenhurst is perfect. Nu het vroeg begint te
schemeren en melancholische buien zich steeds meer manifesteren, is
‘Fires In Distant Buildings’ de ideale plaat om een afdaling te
maken in uw persoonlijke Hades. Nu nog uitkijken dat Charon u op de
terugweg nog wil meenemen!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × vijf =