Keo :: Put A Smile On For Me

Het borrelt en broebelt al een tijdje, de revival van de ongedistilleerde grunge. Tot voor kort waren de getroebleerde Britten van Wunderhorse koploper van de Gruizige Gitarenclub, maar met hun landgenoten van Keo zijn er kapers op de kust. Hun eerste serieuze gooi naar de troon doen ze met Put A Smile On For Me, dat zich van kop tot staart uitstekend leent tot een rondje dramatisch meekelen.

In hun thuisland bestookte de pers Keo op basis van een handvol nummers al met superlatieven. Het ultieme break-upanthem “Thorn” was een van die bejubelde singles. Dat kreeg, naast een plekje op een eerste EP, dan ook de eer om hun debuut een niveautje hoger te tillen. Snappen we, want het kriebelt bij elke luisterbeurt opnieuw om op de schouders van een gewillige bijstander te gaan zitten en wijdarms en -keels het refrein te brullen. Check via je favoriete zoekmachine hoe frontman Finn Keogh vanuit het raam van de Londense pub The Elephant’s Head, gewapend met enkel een akoestische gitaar en die “Thorn” in de achterzak van z’n baggy jeans, een waar Moment creëert met een leger fans aan de voeten. Het is er zo eentje, een indierockbanger die zowel in volle glorie als helemaal uitgekleed onweerstaanbaar en kaarsrecht overeind blijft.

Een TikTokhit, ja. Maar dat zal niet aan Keo zelf gelegen hebben. Hun devote fanbase bracht de hypetrein aan het denderen, de band rond Keogh en zijn broer houdt zich enkel met zijn core business bezig. Dat ze vooral naam maakten op basis van buzz rond hun shows, niet op een paar platgeproducete singles of PSYOP-gedoe, is hun sterkte. Dat beseffen ze maar al te goed. De touwtjes houden ze het liefst zelf in handen, hun sound het liefst zo ongemanipuleerd mogelijk, dus namen de frontman en gitarist Jimmy Lanwern de productie op zich en zetten de hele band in een kamer om het ding zo live mogelijk op te nemen. Resultaat: een imperfecte plaat met ruwe randjes waar je al eens aan blijft haperen, maar die enkel tot fijne pijn leiden.

Binnenknaller “Be Happy” kan tellen als vibe check. Is deze je meug, blijf zeker hangen, zo niet, dan zal Keo’s verdere oeuvre je niet gelukkig maken. Wat ons betreft: distortionkraan open, onheilspellende mokerslagen op de drums, even smekende als snauwende vocals? Graag! “Can you teach me to be happy, just like you?” Tekstueel is het nooit moeilijk gedoe, wel bondig en efficiënt. Op “Loser”, dat exact klinkt als wat je van een grungenummer met die titel verwacht, gaat het van: “I’ve let the bad voices in my head control / I’m such a loser / I’m best alone / I’ve let all my made up stories take a toll on everyone I know.” Laat ons zeggen dat de frontman zonder schroom met de billen bloot gaat. Zo is er ook de onflatterende spotlight in “That’s Me” (pun intended – je kan geen 90’s geïnspireerde muziek maken, “That’s me in the corner” zingen en schrikken als we “R.E.M.!” roepen) onthult ‘s mans toxisch gedrag. En ja, we krijgen toestemming om auteur en verteller over dezelfde kam te scheren. Wat hij liever niet aan z’n omgeving vertelt, durft de zanger bij wijze van zelftherapie wel neerschrijven. Geweldige, gebalde track verder: we wensen ‘m ieders innerlijke tere tienerzieltje met een soft spot voor melodische rockbommetjes toe.

Het is niet altijd volle gas vooruit. Op “Bird On The Wire”, “Blue Song” en “Spent On You” bindt de band in en buigt hun merk alternatieve rock zelfs wat richting folk. De akkoorden zinderen lekker lang na, een frêle Keogh klinkt prachtig aangedaan. Zichzelf beteugelen blijkt echter lastig tot onmogelijk, dus moet de boel steevast weer worden opengetrokken. Zijn ze goed in, dat geven we hun graag, maar het lijkt daardoor soms wat aan variatie te ontbreken. Misschien eens echt durven door te zetten op dat vlak, mannen? Het hele album rekent nogal op onze goodwill om niet al te veel te denken aan het feit dat hun sound niks nieuws onder de zon is – hoeft ook niet, maar dan verlangen we nog net iets méér.

Keo’s debuut is een Serieuze Plaat vol grote gevoelens en dito muzikale gebaren. Luisteren doe je het best zo dicht mogelijk tegen de geluidsbron geplakt om dat ruwe livegevoel mee te pikken. Het scheuren hebben ze onder de knie, de kunst van de opbouw hebben ze te pakken. We denken Soundgarden, Bush en Alice In Chains, of, als het wat recenter mag, Wunderhorse, en daar denken we meestal graag aan. Nu de eigen sound nog wat verdiepen, dan kijken we reikhalzend uit naar wat volgt.

7.5
Island Records

verwant

Left Of The Dial 2024: Een feestje van angst en pijn

Waar beter dan Rotterdam, een stad die drijft op...

aanraders

The Afghan Whigs :: Soft Control

Bijna vier jaar na het verschroeiende How Do You...

Westside Cowboy :: It Goes On

Stel je je meest zorgeloze zomer voor, zo eentje...

Kristin Hersh :: Sugar On Blackstone

Van indieband Throwing Muses over punkgroep 50 Foot Wave...

Floris Francis Arthur :: Normaal ben ik beter

"Plots kwam het er in het Nederlands uit, en...

Pulp :: Live!

Het lijkt wel alsof Jarvis Cocker en de zijnen...

recent

Paradise

Paradise, heette ooit blijkbaar gewoon Paradijs, maar kreeg gaandeweg...

Sense and Sensibility

Meer dan tweehonderd jaar oud is het oeuvre van...

Heart of the Beast

Twee jaar geleden was er Mark Wahlberg die met...

tankerlow :: FORMULA BABY

Ligt u ook al 35 jaar wakker van de...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in