U2 :: No Line On The Horizon

Stand
up to rock stars / be careful of small men with big ideas”

zingt Bono in ‘Stand Up Comedy’, ergens halverwege ‘No Line On The
Horizon’. Een waardeoordeel over de zanger is voor veel rockfans
onlosmakelijk verbonden met hun mening over U2. Begrijpelijk, want
in het wereldje lopen er niet veel rond met een dergelijk ego en
Messiascomplex. Maar de Dubliner weet perfect hoe smalend er al
eens over hem wordt gedaan. “I gotta stand up to ego but my ego
is not really the enemy”
klinkt het namelijk in hetzelfde
nummer. Zeg over hem wat je wil, het is een feit dat U2 sinds ‘All
That You Can’t Leave Behind’ on a roll is. Echt dapper kon
je de laatste platen niet meer noemen, maar als experimenteerdrang
leidt tot een draak als ‘Pop’ is het geen schande dat de Ieren
blijven bij wat ze het beste doen.

Maar waar de laatste cd vooral het geesteskind was van Steve
Lilywhite, werd voor het nieuwe ‘No Line On The Horizon’
voornamelijk opnieuw de hulp ingeroepen van Daniel Lanois en Brian
Eno. Ook geen onbekenden in Bono’s adresboekje, maar laten we niet
vergeten waar sommige vorige samenwerkingen met het duo toe
leidden. ‘The Unforgettable Fire’ was het album dat hun sound
voorgoed bepaalde, en het recent nog opnieuw uitgebrachte ‘The
Joshua Tree’ maakte van U2 eind jaren ’80 de superband die ze
vandaag nog steeds zijn.

Een compleet nieuwe richting zal je U2 anno 2009 zoals gezegd niet
al te snel meer zien inslaan, wat tot gevolg heeft dat ‘No Line On
The Horizon’ al van bij een eerste luisterbeurt erg vertrouwd
aandoet. Het openende titelnummer is vintage U2, maar dan
zoals we hen het liefst horen. Bono oooh’t meer dan hij zingt,
terwijl The Edge en Adam Clayton hun versterkers op 11 hebben
staan. Hoogtepunt van het vierdelige openingssalvo is zonder
twijfel ‘Magnificent’, een mastodont van een nummer dat wat ons
betreft een veel betere eerste single was geweest. Ook de ballads
‘Moment of Surrender’ en ‘Unknown Caller’ laten een bekend geluid
horen: de U2 van de weidse vlaktes en volle Koning
Boudewijnstadions.

Op het middelste deel van ‘No Line On The Horizon’ laat de band een
andere kant van zichzelf horen. Het bijna poppy ‘I’ll Go Crazy If I
Don’t Go Crazy Tonight’ is een oneindig veel betere song dan de
titel doet vermoeden, en de troeven van ‘Get On Your Boots’ moeten
we u ondertussen al niet meer uitleggen. Een onweerstaanbaar nummer
met een vette knipoog, zoals u er dit jaar niet al te veel meer zal
horen.

Maar tijdens de laatste twintig minuten keren Bono en de zijnen
opnieuw terug naar hun typische geluid. ‘Breathe’ is een van Eno’s
favorieten, en we snappen waarom. De band gaat voor het laatst op
de plaat voluit alsof er geen dag van morgen bestaat, en het
refrein is duidelijk de finale climax waar de hele plaat naartoe
werkte. ‘Cedars of Lebanon’ fungeert als een epiloog na de storm,
en is een ingetogen klaagzang van een correspondent in
oorlogsgebied.

Als er op ‘No Line On The Horizon’ een ding opvalt in vergelijking
met de andere U2-platen van dit millennium, is het wel dat deze cd
veel meer een coherent geheel vormt. Waar je bij ‘All That You
Can’t Leave Behind’ duidelijk een goeie en een zwakke helft had, is
dit een veel evenwichtiger album geworden. Bij een eerste
kennismaking lijken instant classics als ‘Beautiful Day’
en ‘City of Blinding Lights’ te ontbreken, maar geef ‘No Line’ wat
tijd en u zal snappen waarom wij nu al twee weken lang naar weinig
anders hebben geluisterd. De criticasters die U2 te bombastisch en
groots vinden om de luisteraar echt te raken, zullen nu wel opnieuw
reden tot klagen hebben. Maar vergis u niet: zij dwalen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien + 17 =