M.I.A. :: Kala



Door het overdonderende succes van de debuutplaat Arular leek het alsof
Mathangi Arulpragasam – onze tongspieren zijn haar nog steeds
dankbaar dat ze voor het acroniem M.I.A. als artiestennaam opteerde
– het geluk in de schoot geworpen kreeg. Haar eclectische
muziekstijl is echter gegroeid door een explosief verleden, dat al
toen ze zes maanden oud was in een chaotische stroomversnelling
terechtkwam toen ze terug naar het moederland Sri Lanka verhuisde
om de volgende tien jaar op de vlucht voor de burgeroorlogen door
te brengen. Terug in Londen ontdekte ze de hiphopwereld, maar
manifesteerde ze zich toch eerst als graffitikunstenares. Het was
pas toen ze Elastica op tournee vergezelde om een documentaire te
regisseren, dat ze door Peaches gestimuleerd
werd om ook muziek te maken. Drie jaar later lag Arular in de winkels
en startte het verhaal in de schijnwerpers, dat nu aan een tweede
hoofdstuk begint.

Was de titel van haar debuutplaat nog een verwijzing en eerbetoon
aan haar vader, dan koos M.I.A. voor de opvolger voor ‘Kala’ om ook
haar moeder eens in de bloemetjes te zetten. Wanneer we de eerste
noten door de boxen horen schallen, lijkt het dan ook alsof beide
platen inderdaad sterk synchroon verlopen. De weinig verrassende
opener ‘Bamboo Banga’ klinkt te chaotisch om een degelijke eerste
indruk te maken en gaat eveneens gebukt onder een te magere en
eentonige aankleding. ‘Birdflu’ klinkt al iets beter, maar leunt
nog te sterk aan bij de klank van Arular aan om
verrassend uit de hoek komen. Gelukkig keert het tij snel en zijn
er de aanstekelijke singles ‘Boyz’ en ‘Jimmy’ om de sfeer erin te
brengen. Vooral deze laatstgenoemde laat, gestut op een single uit
de Bollywood-film ‘Disco Dancer’ die M.I.A uit haar jeugd
herinnerde, al eens een ander geluid horen dan we van haar gewoon
zijn.

Wat volgt is een hele reeks catchy, ogenschijnlijk spontane
experimentjes die voor aanhoudend entertainment zorgen.
Arulpragasam schakelt van urban folk (‘The Turn’) naar baile funk
(‘Hussel’) en haalt voor de ingetogen hiphoptrack ‘Mango Pickle
Down River’ zelfs even een kinderstemmetje in zich naar boven. Hier
en daar horen we een al dan niet aldus bedoelde knipoog naar een
andere artiest (de electrotrack ’20 Dollar’ die voor de refreinen
een flard ‘Where Is My Mind’ reciteert, de Timbaland-samenwerking
‘Come Around’ die door de grime-factor even aan het werk van
Lady
Sovereign
doet denken) maar toch behoudt M.I.A. doorheen de
hele plaat haar eigen karakter. Op weg naar de eindmeet krijgen we
zelfs nog het ultieme hoogtepunt ‘XR2’ op ons bord: een combinatie
van krassende electronica met kitschy baile funk die onze
droomtrack vormt om een undergroundfeestje mee te bouwen dat gevuld
is met zwetende lijven en goedkope tequila sunrise.

Omdat het verrassingseffect net iets minder groot is dan bij de
voorganger, zal ‘Kala’ waarschijnlijk minder furore maken dan
Arular. Toch
toont het album de verdere groei en zoektocht naar diversiteit van
een beloftevolle artieste. Ondanks de duurdere productie behoudt
M.I.A. haar eigen stem en gebruikt ze deze om een plaat mee te
maken die zowel karaktervol als catchy is. Laat je dus niet
misleiden door het verschrikkelijke artwork (wij kunnen in Paint
een betere cover ontwerpen): voor de liefhebbers van alternatieve
hiphop is dit een plaatje om te koesteren. Let wel op dat je er
voldoende jaren mee kan overbruggen, want M.I.A. heeft al
aangekondigd dat de opvolger voor dit album ten vroegste in 2010 in
de winkelrekken zal liggen en dat dat wel eens haar laatste
muzikale wapenfeit zou kunnen worden.

<object width=”425″ height=”350″><param name=”movie”
value=”http://www.youtube.com/v/Y9_Dk_F98cU”></param><param
name=”wmode” value=”transparent”></param><embed
src=”http://www.youtube.com/v/Y9_Dk_F98cU”
type=”application/x-shockwave-flash” wmode=”transparent”
width=”425″ height=”350″></embed></object>

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

19 + zes =