Panic Room


112 min. / USA

David Fincher die een lichte film draait – het klinkt als een
contradictio in terminis, als je kijkt naar de zwartgallige,
symbolisch geladen werkstukken die de man tot nu toe afleverde.
‘Alien 3’, waarin hij de beroemde franchise veranderde in een
metafoor voor de christelijke wedergeboorte. ‘Seven’, een intens deprimerende maar
sublieme thriller die evengoed “schuld en boete” had kunnen heten.
‘The Game’, een half geslaagde thriller over de gevaren van een
materialistisch leven, en tenslotte het enorm controversiële
‘Fight Club’, over de Hitler in elke
man. Nee, David Fincher is nu één regisseur die ik voorlopig nog
geen Disneyfilm zie maken.

Het was al verrassing om te zien dat hij als opvolger voor zijn
complexe zwarte komedie ‘Fight Club’
een project koos dat inhoudelijk zo conventioneel is: ‘Panic Room’
is een thriller die in wezen door iedereen gemaakt had kunnen
worden. Misschien niet op diezelfde, visueel soms adembenemende
manier, maar het verhaal had wel zowat iedereen kunnen vertellen.
Ik veronderstel dat ook Fincher al eens een kleinere uitdaging
nodig heeft om zich in alle rust met zijn visuele speeltjes te
kunnen uitleven. En waarom eigenlijk ook niet?

Het verhaal dan maar. Jodie Foster speelt Meg Altman, een pas
gescheiden vrouw die samen met haar dochter Sarah (Kristen Stewart)
haar intrek neemt in een gigantisch huis aan Central Park in New
York. Het huis is voorzien van een zogenaamde panic room, een grote
stalen kluis, voorzien van een eigen elektriciteitstoevoer en
telefoonlijn, waar de bewoners zich in geval van nood kunnen
schuilhouden. En dat zul je dan meteen ook zien: al de eerste nacht
in dat huis hebben Meg en Sarah hun kleine fort ook nodig. Drie
mannen dringen het huis binnen, op zoek naar iets dat zich
uitgerekend in de panic room bevindt. Een kat-en-muisspel begint,
dat zich nog het best laat omschrijven als ‘Home Alone’ voor
volwassenen.

Fincher bouwt zijn film logisch op, met een rondleiding doorheen
het huis aan het begin, zodat we alle nodige informatie hebben
vooraleer de actie begint. Dan hoeven we daar later geen tijd meer
aan te besteden. Daarna is het duidelijk tijd voor de obligatoire
personage-scènes; een paar korte momenten waarin we te weten dienen
te komen wie de hoofdpersonen zijn, en waarom zij interessanter
zijn dan een ander. Hier schiet het scenario duidelijk te kort: we
zien Meg een fles wijn achterover kiepen, we zien haar even janken
in een bad en we komen erachter dat haar dochter diabetes heeft. Is
dit allemaal specifiek overtuigend? Nee, maar gezien het genre film
waarmee we te maken hebben, is het voldoende.

Want ‘Panic Room’ is in de eerste plaats een machine, met maar één
doel: spanning creëren. De film sprint van de startlijn tot aan de
finish zonder er onnodige nevenpersonages bij te sleuren, zonder
informatie te geven die geen directe invloed heeft op de plot en
zonder er, zoals andere films dat wel zouden hebben gedaan, een
epiloog aan te breien van tien minuten op het einde. Wat dat
betreft, is dit een zeer compacte film, die z’n doel duidelijk voor
ogen heeft en er recht op afgaat.

Fincher, ditmaal niet gehinderd door een complex scenario met
ingewikkelde sociale en humanistische bespiegelingen, neemt hier de
vrijheid om visueel het één en ander uit te proberen. Hij sleutelt
ellenlange shots in elkaar, en filmt vaak vanuit volkomen
onmogelijke camerastandpunten. Huzarenstukje hierin is de
inbraakscène zelf: het shot vertrekt vanuit Jodie Fosters
slaapkamer, gaat naar beneden, het sleutelgat in en weer uit, door
de rugleuning van een stoel, terug naar boven, tussen de spaken van
de trapleuning heen, enzovoort. De regisseur gedraagt zich soms als
een kind met een nieuw speeltje; het enthousiasme over de
filmmakerij zelf straalt ervan af.

Op het gebied van het scenario blijven er echter problemen bestaan:
het trio criminelen zijn wandelende clichés, evenzeer als het
moeder/dochterduo. Je hebt de humane (Forest Whitaker), de
psychopaat (Dwight Yoakam) en de sul die daar tussenin zit (Jared
Leto). Waar hebben we dat eerder gehoord? De vertolkingen zijn
echter goed genoeg om dat gebrek op te vangen.

‘Panic Room’ ontwikkelt zich als een vindingrijke claustrofobische
thriller, met een hoog aantal puntje-van-je-stoel-momenten. De film
gehoorzaamt aan alle conventies van het genre, in de zin dat de
slechten gestraft moeten worden, inclusief de overspelige
echtgenoot die Foster aan haar lot overliet en daarmee een code van
de Hollywood-moraliteit overtrad die uiteraard gevolgen heeft. De
man ziet er aan het einde niet al te best uit.

Binnen de grenzen die die conventies opleggen, werkt de film echter
prima. Met een goed gevoel voor ritme (de film is letterlijk
retestrak gemonteerd), goeie acteerprestaties en visuele toverij om
u tegen te zeggen, is ‘Panic Room’ één van de betere thrillers van
het voorbije jaar.

http://www.sony.com/panicroom/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien − 11 =