Ook dit jaar zijn onze recensenten aanwezig op het belangrijkste filmfestival van het land. We beginnen met een kort verslag over de persvoorstelling van het programma en reeds een paar voorbeschouwingen. Vanaf 7 oktober kan u in detail elke dag volgen wat er in Gent op het witte scherm te ontdekken valt.
Donderdagochtend 18 september was de verzamelde pers opnieuw in groten getale aanwezig in Cinema Sphinx, waar het volledige programma van Film Fest Gent 2025 werd voorgesteld. Naar goede gewoonte loodsten programmadirecteur Wim De Witte en zijn collega Michiel Philippaerts ons door het reusachtige filmaanbod en de waaier aan activiteiten. Dirk Brossé gaf via een videoboodschap een korte toelichting over de World Soundtrack Awards, die dit jaar 25 kaarsjes uitblazen, en de speciale cd-opnames die naar aanleiding van dit jubileum werden gemaakt. Daarnaast mocht ook Wouter Vanhaelemeesch van VierNulVier niet op het appel ontbreken, om iets meer te vertellen over het Videodroom-parcours – maar het laatste woord was voor algemeen directeur Marijke Vandebuerie.

“Film Fest Gent 2025 presenteert een geëngageerd en verbindend programma dat zo rijkgeschakeerd is als het leven zelf. Van intieme familiedrama’s tot epische vertellingen, van hyperpersoonlijke documentaires tot visionaire fictie en pakkend actuele films”, aldus de perstekst. Daarbij werd wederom een mooi evenwicht gevonden tussen gevestigde namen en jong aanstormend talent. Met nieuw werk van Derek Cianfrance, Michel Franco, Luca Guadagnino, Jim Jarmusch, Radu Jude, Yorgos Lanthimos, Richard Linklater, Dominik Moll, Lynne Ramsay en Kelly Reichardt biedt de 52e editie genoeg om iedere filmliefhebber in vervoering te brengen.
“Als festival vinden we het eveneens belangrijk om op zoek te gaan naar nieuwe stemmen en die ook aan bod te laten komen”, dixit Wim De Witte. Daarom opent en sluit de 52e editie niet alleen met een opmerkelijke debuutfilm (respectievelijk Julian van Cato Kusters en Urchin van Harris Dickinson), maar laat dit zich ook duidelijk voelen in de samenstelling van de officiële competitiefilms. Binnen deze twaalf titels, die het hart vormen van het festival, is het onder meer uitkijken naar het veelbesproken The Voice of Hind Rajab, dat onlangs nog de Grote Juryprijs won op het filmfestival van Venetië. De naar verluidt beklijvende documentaire Timestamp toont de impact van de oorlog op het Oekraïense onderwijssysteem. Het meditatieve Resurrection trakteert ons dan weer op een reis doorheen de filmgeschiedenis, en koppelt dit aan een verbluffende beeldenstroom. Of u vindt uw gading in Blue Heron, het langspeelfilmdebuut van de Canadees-Hongaarse Sophy Romvari, een volgens Wim De Witte fijnzinnig portret van een uiteenvallend gezin.
Voorts verdient ook het retrospectieve Classics-luik uw aandacht. In deze reeks films zoomt curator Patrick Duynslaegher immers in op de carrière van de ten onrechte in de vergetelheid geraakte Britse cineast Nicolas Roeg (Bad Timing, Don’t Look Now, Eureka), wiens radicale oeuvre zeker aan een herontdekking toe is.
Wie van al dit moois en meer wil genieten maar bezwijkt onder de keuzestress, kan natuurlijk een beroep doen op Enola. Onze filmredactieploeg tekent zoals steeds present in de Arteveldestad en houdt u vanaf 7 oktober (wanneer de eerste persvisies aanvangen) op de Enola Film Fest Gent-blog dagelijks op de hoogte over alle hoogtepunten uit de cinefiele marathon. (DiVb)
Film Fest Gent 2025
8 – 19 oktober
Alle info en tickets: www.filmfestival.be
Retrospectieve Nicolas Roeg
Het classics-programma van het Film Fest Gent, gecureerd door Patrick Duynslaegher, staat dit jaar in het teken van Nicolas Roeg. Zowat Roegs hele filmografie valt te herontdekken, evenals een aantal films waarvoor Roeg fotografieleider was. Hieronder een aantal besprekingen die u warm kunnen maken om het werk van deze grote Britse cineast te (her)ontdekken.
The Masque of the Red Death
De beste film uit de reeks Edgar Allan Poe-adaptaties die Roger Corman draaide, is een lyrische, door Nicolas Roeg briljant gefotografeerde nachtmerrie die de soms wat cabotinerende griezel uit de voorgangers inruilt voor een plechtstatige stijl met een bijna opera-achtige grandeur.
Vincent Price is ditmaal uitzonderlijk goed als de kwaadaardige prins die, terwijl in de omringende landerijen een plaag de bevolking teistert, zich opsluit in zijn kasteel waar hij via een pact met de duivel hoopt dat hijzelf en zijn gasten gevrijwaard zullen blijven van de ziekte. Zoals in de andere films, worden ook hier een aantal Poe-verhalen door elkaar heen gehaald, maar het narratieve element heeft eigenlijk bijzonder weinig belang in een film die helemaal inzet op set design, kleurpalet en beeldvoering. (Dvb)
“The Masque of the Red Death” met Vicent Price, Hazel Court. Regie: Roger Corman. USA, UK 1964. Score: 9/10.
Performance
Nicolas Roeg was zowel fotografieleider als co-regisseur (samen met Donald Cammell een populaire figuur in de Britse ‘Swinging London’ scene van de late jaren negentienzestig) voor Performance, een film die veel faam dankt aan het feit dat een van de hoofdrollen gespeeld wordt door de toen nog zeer jonge Mick Jagger. De frontman van de Rolling Stones speelt een variant van zichzelf als een rockster die zich teruggetrokken heeft uit het publieke leven, tot een misdadiger die wil onderduiken (James Fox) zijn kluizenaarsbestaan komt verstoren.
Duidelijk een kind van de tijd, zit Performance vol maniëristische kunstgrepen (Roger Ebert schreef in zijn recensie in 1970 dat de film een typisch product was van de Britse experimentele cinema: “movies that try so hard to remind us that they are movies, they forget to do what movies need to do”). In handen van iemand met het talent van Roeg, levert dat echter veel meer op dan louter wat visuele spelletjes en krijgen we een doordachte gefragmenteerde montage die verrassend sterk in de hand wordt gehouden en die het narratief op soms briljante wijze versplintert (een techniek die Roeg zou perfectioneren in later werk). Dit is ook een film waarin fysieke seksualiteit een krachtige aanwezigheid is – alweer iets dat Roeg zou behouden in bijvoorbeeld Don’t Look Now – en waarin genderfluïditeit op uitdagende manier deel uitmaakt van de beeldtaal, iets waarmee de film zijn tijd zeker vooruit was en dat ook zou opduiken in bijvoorbeeld The Man Who Fell to Earth. Uit dat alles mag dan ook duidelijk blijken dat Roeg de echte auteur is achter deze prent. (Dvb)
“Performance” met Mick Jagger, James Fox. Regie: Nicolas Roeg, Donald Cammell. UK 1970. Score: 8/10.
Walkabout
Tweede film van Roeg en in feite zijn eerste soloproject als regisseur (Performance draaide hij samen met landgenoot Donald Cammell). De prent speelde aan het begin van de jaren negentienzeventig goed in op de heersende tijdsgeest – het zoeken naar nieuwe zingeving na de desillusie van de sixties – en verwierf al snel een behoorlijke cultreputatie.
De titel verwijst naar de coming-of-age-tocht die zestienjarige Aboriginal-jongens ondernemen en die hen wekenlang alleen doet stranden in de woestijn, aangewezen op zichzelf om te overleven. Wanneer een veertienjarig wit meisje en haar jongere broertje verdwalen in de Australische outback, kruist hun pad dat van een lokale jongen die zijn initiatie ondergaat. De botsing tussen beschaving en natuur die dit oplevert, is zeker niet altijd even subtiel, maar scheert iconografisch wel hoge toppen. De Jungiaanse lezing van het materiaal put visuele inspiratie uit de symbolistische kunststroming en biedt een aantal indringende beeldenreeksen, die een unheimliche sfeer oproepen. De natuur is hier afwisselend zowel een hedonistische Tuin van Eden als een verwoestende kracht, en net als in de gevierde literaire SF-trilogie van James Ballard (The Drowned World, The Burned World, The Crystal World), doet het verblijf in de ongerepte wildernis allerlei oeroude impulsen en vormen ontwaken in de diepste regionen van de menselijke geest.
Die mentale landschappen – die buiten de normale tijd en ruimte lijken te bestaan – bieden Roeg een kans om aan de hand van geluid en beeld allerlei visuele motieven en symbolische associaties op te roepen. Vaak zit dat alles nog al te veel ingebed in de maniëristische en opzichtige stijl van het voorafgaande decennium, maar Roeg – die zich later zou ontpoppen tot een van de grootste talenten van zijn generatie – laat al snel zien dat het hem om meer dan louter spielerei te doen is. Zijn beelden proberen een visueel equivalent te vinden voor de geesteswereld van de protagonisten, en ook al slaagt dat opzet niet altijd, als toeschouwer blijf je wel gefascineerd toekijken. De grootste kracht van Walkabout schuilt dan ook in de manier waarop de film het concept van niet-lineaire tijd – schatplichtig aan filosoof Bergson – en aan droom verwante patronen in de menselijke geest, tot leven laat komen.
Die mentale wereld van de protagonisten zou een centraal thema worden voor de regisseur van Bad Timing en Eureka, wat van deze eigenzinnige prent een fascinerende vroege uitwerking maakt van gelijkaardige materie. (Dvb)
“Walkabout” met Jenny Agutter, David Gulpilil. Regie: Nicolas Roeg. UK, AUS 1971. Score: 9/10.
Don’t Look Now
Beklemmende morbide thriller van Nicolas Roeg naar een verhaal van Dahpne Du Maurier. Donald Sutherland en Julie Christie spelen een Brits koppel dat een kind verliest door verdrinking en in een naar en grijs winters Venetië plots denkt de figuur te ontwaren van een kind gekleed in dezelfde rode regenjas als hun overleden dochtertje. Dat een zonderling stel zussen beweert dat een van hen contact heeft met het dode kind en hen waarschuwt de stad te verlaten, draagt bij tot de bevreemdende sfeerschepping.
Roeg jongleert met intense symboliek – spiegelbeelden, kleuren en kadreringen – maar maakt van Don’t Look Now vooral een labyrintisch spel met tijd. Gebeurtenissen vinden plaats in een onduidelijke chronologie – hoogtepunt is zeker een veelbesproken vrijscène die doorsneden wordt met beelden van het koppel dat zich weer aankleedt – wat ervoor zorgt dat de hele film op verschillende manieren kan gelezen en geïnterpreteerd worden. Eerder echter dan een enkele verklarende sleutel is dit een doolhof van droom- en mentale landschappen die via allerlei invloeden – waaronder de Italiaanse ‘giallo’ – een complexe bespiegeling brengt over rouw, verlies en sterfelijkheid. Zowel een visuele als narratieve en thematische krachttoer, blijft deze beroemdste film van de Britse beeldenstormer ontegensprekelijk ook een van zijn beste, ook al is dat dan een erg relatieve uitspraak in een oeuvre dat zo rijk is als dat van Roeg. (Dvb)
“Don’t Look Now” met Donald Sutherland, Julie Christie. Regie: Nicolas Roeg. UK, I 1973. Score: 9,5/10.
The Man Who Fell to Earth
Deze bevreemdende sciencefictionfilm uit 1976 groeide uit tot een cultklassieker, wat zeker ook te maken had met de hoofdrol van David Bowie (in zijn acteerdebuut) als een buitenaards wezen dat in menselijke vorm naar de aarde komt om zijn stervende planeet te redden.
Bowie is schitterend als de wereldvreemde alien die fortuin vergaart dankzij een aantal uitvindingen en het geld nodig heeft om een ruimteprogramma uit te werken en zo zijn thuiswereld voor de ondergang te behoeden. De vertolking van de zanger is evenwel niet het enige bizarre aan deze eigenzinnige film die ook inzake beeldvoering en montage ingaat tegen de geijkte normen. Veel scènes worden op een heel bijzondere manier gesneden en ook narratief is het ritme gebouwd op associaties eerder dan lineariteit. Er is ook een grote aandacht voor het landschap – als achtergrond of als representatie ervan in kunst – en de gedurfde stijl zorgt ervoor dat het vrij lang duurt voordat we als kijker het echte thema onder dit alles beginnen te ontwaren. De buitenaardse bezoeker blijkt uiteindelijk een antikapitalistische en ecologische waarschuwing met zich mee te dragen die zijn tijd anno 1976 zeker vooruit was (zijn eigen wereld werd herleid tot een uitgedroogde woestenij), maar hij wordt verraden door medewerkers en onderuitgehaald door een schimmige organisatie die de economische en technische vooruitgang zelf in de hand wil houden. Uiteindelijk is het eigenlijk de menselijke natuur om het onbekende te vrezen of te willen weren, die hem de das omdoet. De hele film is immers opgezet als een kijk op een bijna kinderlijk open geest die niet kan aarden in een kille, op consumptie gerichte omgeving en finaal zelf ten onder gaat aan de mediocriteit en het onbegrip. (Dvb)
“The Man Who Fell to Earth” met David Bowie, Rip Torn. Regie: Nicolas Roeg. UK, 1976. Score: 9/10.
Voorbeschouwingen
Köln 75
In het Keulen van de jaren ‘70 begint spring-in-’t-veld Vera Brandes (Mala Emde) al op jonge leeftijd met het organiseren van muziekoptredens. Het op ware feiten gebaseerde Köln 75 volgt haar moeizame weg in de aanloop naar een legendarisch geworden improvisatieconcert van jazzpianist Keith Jarrett, waaruit z’n best verkochte solo-album ooit voortkwam. Het is een luchtige film over ondernemerschap en durf die netjes binnen het verwachtingspatroon van dit soort cinema blijft. Enige verschil is dat het rebelse karakter van de tiener gedeeltelijk wordt doorgetrokken in de vormgeving van de prent – al dienen deze ingrepen vooral om het rammelende scenario te camoufleren. Het mag een troost wezen dat we hier en daar een kleine opflakkering konden constateren, maar buiten die luttele momenten heeft de film nogal weinig om het lijf. (DiVB)
“Köln 75” Met Mala Emde, John Magaro. Regie: Ido Fluk. Duitsland, Polen, België 2025. Score: 4,5/10
Left-Handed Girl
De Taiwanese speelfilm Left-Handed Girl handelt over een alleenstaande moeder die met haar twee dochters verhuist van het platteland naar Tapei, om daar een noedelkraam te openen op de avondmarkt.
Met dit verhaal over een gezin dat het hoofd amper boven water kan houden en worstelt met deze nieuwe omgeving, begeeft regisseur Shih-Ching Tsou zich in de schaduw van Oscarwinnaar Sean Baker (The Florida Project, Anora). Dat is niet toevallig, want de twee stonden ooit samen achter de camera voor Take Out, en Tsou produceerde verschillende van Bakers films. Die laatste schreef op zijn beurt dan weer mee aan het scenario van Left-Handed Girl en stond daarnaast ook in voor de montage. Toch ontbreekt het de cineaste vooralsnog aan een eigen stem en duidelijke visie, waardoor het gedeeltelijk met een iPhone geschoten Left-Handed Girl blijft steken in een kleurrijk maar wat eenzijdig portret van het leven in de hectische grootstad. (DiVB)
“Left-Handed Girl” Met Nina Ye, Janel Tsai. Regie: Shih-Ching Tsou. Usa, Uk, Taiwan, Frankrijk 2025. Score: 6/10
Exit 8 (8-ban deguchi)
In Exit 8 komt een naamloze man vast te zitten in een levensgroot labyrint waaruit ontsnappen geen sinecure blijkt. Bijgevolg moet de astmatische protagonist zich een weg banen door een schier eindeloos doolhof van ondergrondse metrogangen, bezaaid met blinkend schone, spierwitte tegels – een beproeving die hem confronteert met z’n eigen angsten en onzekerheden.
Een dergelijk concept had voor hetzelfde geld lelijk kunnen tegenvallen (het is niet de eerste keer dat een succesvolle videogame die naar het witte doek wordt vertaald hopeloos de mist ingaat) maar dat is hier gelukkig niet het geval. Hoewel Exit 8 het niet moet hebben van grote plotwendingen – daar leent het flinterdunne script zich ook niet meteen toe – weet de Japanse regisseur en kinderboekenschrijver Genki Kawamura de op de loer liggende eentonigheid over het algemeen te ontwijken. Enkele schoonheidsfoutjes niet te na gesproken (soms gaat Kawamura het wat ver zoeken) illustreert hij dat je aan een paar simpele bouwstenen genoeg hebt om een clevere en onderhoudende genrefilm te fabriceren – met een hommage aan Stanley Kubricks horrorklassieker The Shining als toemaatje erbovenop. (DiVB)
“Exit 8” Met Kazunari Ninomiya, Yamato Kôchi. Regie: Genki Kawamura. Japan 2025. Score: 7/10
Eagles of the Republic
De nieuwste film van de Zweedse televisieproducent/regisseur Tarik Saleh handelt over een populaire Egyptische filmster die in een politiek wespennest terechtkomt dat zijn petje ver te boven gaat. Louter thematisch leunt Salehs jongste prent dicht aan bij Boy from Heaven. Het lang uitgesponnen Eagles of the Republic weet ons echter op te weinig momenten aan het scherm te kluisteren en kan hierdoor zijn ambities niet volledig waarmaken, laat staan wedijveren met de ijzersterke complotthriller uit 2022, waarmee de cineast in Cannes de prijs voor het beste scenario wist te bemachtigen. (DiVB)
“Eagles of the Republic” Met Fares Fares, Cherien Dabis. Regie: Tarik Saleh. Zweden, Frankrijk, Denemarken, Finland, Duitsland 2025. Score: 6,5/10
Drømmer (Dreams)
In het met de Gouden Beer bekroonde Dreams zoomt Dag Johan Haugerud in op het seksueel ontwaken van een schuchter tienermeisje (Ella Øverbye) dat verliefd wordt op haar nieuwe docente. Met deze film vervolledigt de Noorse cineast en scenarioschrijver zijn trilogie over liefde en relaties, waarmee hij tevens hulde bracht aan de stad Oslo. In tegenstelling tot het erg geforceerde Love – dat je los van het andere luik Sex kon zien – lijkt Dreams aanvankelijk iets evenwichtiger te zijn. Dat blijft ten dele zo, al kampt de prent nog wel met enkele gebreken. Hoewel Haugerud niet langer de behoefte voelt om ook dit segment vol te stoppen met filosofische prietpraat waar niemand echt een boodschap aan heeft, kan hij het toch niet laten om het verhaal te overladen met allerlei nodeloze discussies en analyses – wat heel storend werkt en ook totaal niet accordeert met de rest van de film. (DiVB)
“Drømmer” (Dreams) Met Ella Øverbye, Selome Emnetu. Regie: Dag Johan Haugerud. Noorwegen 2024. Score: 5,5/10
Dinsdag 7 Oktober
Het Festival gaat voor het publiek pas morgenavond van start, maar vandaag beginnen in de Kinepolis Gent om 9u30 de eerste persvisies. Vanaf vandaag kan u op de enola-blog elke avond nieuwe updates verwachten. Deze films zijn later tijdens het festival voor het publiek te ontdekken, en vele ervan zullen over een aantal weken of maanden ook te zien zijn in de reguliere bioscoopzalen.
La Petite Dernière
Voor La Petite Dernière nam actrice/regisseur Hafsia Herzi, die schitterde in Le Ravissement, opnieuw plaats achter de camera. De film volgt het wel en wee van een zeventienjarige moslima (Nadia Melliti) die nog niet helemaal in het reine is met haar lesbische geaardheid en ervaart hoe dit botst met haar religieuze opvoeding. Herzi vond de mosterd voor La Petite Dernière bij de gelijknamige debuutroman van de Franse auteur Fatima Daas en mocht voor deze prent in Cannes de Queer Palm in ontvangst nemen. Daarbovenop werd nieuwkomer Nadia Melliti uitgeroepen tot beste actrice. Dat is wat veel lof voor een film die een paar aangrijpende passages telt en louter esthetisch wel enkele mooie dingen laat zien (let op het uitgekiende kleurenpalet en het gebruik van beperkte lichtbronnen), maar verder erg traditioneel wordt ingevuld. (DiVB)
“La Petite Dernière” Met Nadia Melliti, Park Ji-min. Regie: Hafsia Herzi. Frankrijk,Duitsland 2025. Score: 6/10
L’intérêt d’Adam
Met het uitstekende Un monde uit 2021, ontpopte de Brusselse Laura Wandel zich tot een nieuw natuurtalent in de Belgische cinema. In haar tweede langspeelfilm schetst de cineaste het portret van een jonge moeder (Anamaria Vartolomei) en haar vierjarige zoontje, dat na een gerechtelijke beslissing wordt opgenomen in het ziekenhuis wegens ondervoeding. Léa Drucker vertolkt de verpleegster die waakt over het welzijn en de gezondheid van het jongetje, maar haar nek verder uitsteekt dan voor haar goed is. Voor L’intérêt d’Adam zoomt Wandel dus opnieuw in op de kwetsbare leefwereld van kinderen, maar plaatst het verhaal binnen een andere context. Niettegenstaande Wandel hetzelfde procedé toepast als in Un Monde (ook nu blijft de camera voortdurend in de directe omgeving van de protagonisten), is de emotionele impact van de film nog altijd groot. (DiVB)
“L’intérêt d’Adam” Met Léa Drucker, Anamaria Vartolomei. Regie: Laura Wandel. België, Frankrijk 2025. Score: 7,5/10
Julian
Regiedebuut van de Brusselse Cato Kusters die er meteen ook het Film Fest Gent 2025 mag mee openen. De film werd geproduceerd door Lukas Dhont (Close) en de broers Dardenne en dat is er ook wel een beetje aan te merken. Dit drama geïnspireerd door waargebeurde feiten, over twee vrouwen die in het huwelijk traden in elk land waar dat anno 2017 wettelijk kon, tot tragedie toesloeg, wordt gekenmerkt door met de hand geschoten beelden en een camera die dicht op de huid van de personages zit. Dat is een soort conventie van dit soort cinema als die in dit land gemaakt wordt, maar niet iedereen beheerst de finesses ervan zo goed als de Dardennes zelf bijvoorbeeld. Julian mist dan ook maturiteit, al moet het gezegd dat de film behoorlijk gered wordt door de sterke acteerprestatie van Nina Meurisse en Laurence Roothooft die doorheen blikken en gebaren bijzonder veel communiceren zonder dat het uitgesproken hoeft te worden. (Dvb)
“Julian” Met Nina Meurisse, Laurence Roothooft. Regie: Cato Kusters. België, Nederland 2025. Score: 6/10
Nouvelle Vague
Richard Linklater, bekend voor zijn Before-trilogie en Boyhood, brengt een ode aan een van de meest invloedrijke filmstromingen aller tijden. Nouvelle Vague wil daarvoor echter geen gedetailleerd high-brow docudrama zijn en Linklater geeft zijn hommage een speelse draai. De film volgt Jean-Luc Godard die op zijn 29ste zijn eerste langspeelfilm regisseert, als laatste van de collega-filmcritici bij Cahiers du Cinéma, Truffaut en Chabrol. À Bout de Souffle wist als geen andere prent de filmwereld door elkaar te schudden en met Nouvelle Vague creëert Linklater de illusie dat je er zelf bij was in Parijs in 1959.
Nouvelle Vague probeert cinefilie opnieuw hip te maken, maar bewandelt een dunne lijn door zijn iconen bijna karikaturaal voor te stellen. Het resultaat is een plezierige making-of-film waarbij een hele reeks belangrijke figuren en citaten uit de Franse filmgeschiedenis de revue passeren en Godards drang om een tegendraadse film te maken zijn crew de muren opjaagt. Linklaters ode aan de French New Wave gaat daarbij verder dan het inhoudelijke. Met de zwart-wit cinematografie, 4:3 aspect ratio en korrelige look roept hij ook de vormelijke aspecten van de filmstroming op. Toch heb ik vooral zin om À Bout de Souffle nog eens te herbekijken, dus daar slaagde Linklater alvast helemaal in. (Edl)
“Nouvelle Vague” Met Guillaume Marbeck, Zoey Deutch. Regie: Richard Linklater. Usa, Frankrijk 2025. Score: 7/10
Woensdag 8 Oktober
Vanavond schuiven de eerste gasten aan voor de openingsfilm Julian (u kon hier gisteren al de korte recensie vinden) maar bij de recensenten is de geur van bioscoopzaal en broodnodige koffie ondertussen reeds in de kleren gekropen nu er aangeschoven wordt voor een tweede volledige dag persvisies.
Dossier 137
Sinds zijn grote doorbraak met Harry, Un Ami Qui Vous Veut du Bien in 2000, is het oeuvre van Dominik Moll even beperkt als wisselvallig geweest. Het doet deugd te kunnen zeggen dat Dossier 137 opnieuw tot zijn betere werk behoort.
De film opent met de mededeling “dit is fictie, gebaseerd op feiten” en voert ons terug naar de periode dat Frankrijk op stelten stond door het protest van de zogenaamde ‘gele hesjes.’ Tijdens een manifestatie in Parijs raakt een jongeman zwaargewond door de zeer twijfelachtige inzet van zware wapens door een groep agenten in burger. Léa Drucker speelt de officier van de interne dienst toezicht die de zaak toegewezen krijgt.
Moll fileert de gebeurtenissen vooral in het eerste uur als een razendknappe dossierthriller waarin verslagen, e-mails en ondervragingen, aan een staccato ritme het tempo van de film bepalen, vaak aan de hand van strakke, uitgekiende montage. Het tweede deel zakt alles een heel klein beetje in elkaar omdat het privéleven van de protagoniste iets te veel schermtijd begint te vullen, maar zelfs dan blijft dit een meer dan degelijk werkstuk. (Dvb)
“Dossier 137” met Léa Drucker, Jonathan Turnbull. Regie: Dominik Moll. Frankrijk 2025. Score: 7,5/10
After the Hunt
Luca Guadagnino, de man die verbaasde met Call Me by Your Name en vervolgens verviel in mediocriteit – of erger – is terug, en hoe. After the Hunt – over een beschuldiging van grensoverschrijdend gedrag aan de prestigieuze Yale-universiteit – is niet alleen een complexe kijk op even complexe gebeurtenissen, maar wordt tevens ondersteund door Guadagnino’s meest virtuoze beeldbeheersing in hele lange tijd. Gebruik van verschillende lenzen, close-ups en montage, diepen de materie optimaal uit, terwijl de rest gedragen wordt door een sterke cast met voorop Julia Roberts die perfect past als een vrouwelijk icoon uit een andere tijd dat nu worstelt met meer moderne vereisten en geplogenheden. (Dvb)
“After the Hunt” met Julia Roberts, Andrew Garfield. Regie: Luca Guadagnino. Frankrijk, Italië, 2025. Score: 8,5/10
Father Mother Sister Brother
Indie-favoriet Jim Jarmusch won de Gouden Leeuw met deze fletse omnibusfilm die enkele losse verhaaltjes – waarin de gebeurtenissen parallel plaatsvinden in drie verschillende steden – aan elkaar knoopt. Jarmusch observeert de gespannen relaties tussen een aantal volwassenen en hun ouders met droge humor en laat ruimte voor ongemakkelijke stiltes. Toch kan de internationale sterrencast (die onder meer bestaat uit Cate Blanchett, Charlotte Rampling, Vicky Krieps, Adam Driver en Tom Waits) niet verhinderen dat de weinigzeggende film nergens heen leidt of amper iets voorstelt. Het zou allemaal ongedwongen of spontaan moeten overkomen, maar je voelt dat het daarentegen juist gekunsteld en heel erg berekend is. (DiVB)
“Father Mother Sister Brother” Met Mayim Bialik, Charlote Rampling. Regie: Jim Jarmusch. Usa, Italië, Frankrijk, Ierland, Duitsland 2025. Score: 4,5/10
Little Trouble Girls (Kaj ti je deklica)
Little Trouble Girls speelt nagenoeg volledig in en rond een bouwvallig klooster, wat aan deze coming of age-film een welhaast dromerige kwaliteit zou moeten geven. Centraal staat een naïef en introvert tienermeisje dat wordt geconfronteerd met haar ontluikende seksuele verlangens. Dit stelt niet alleen haar geloof op de proef, maar strookt ook niet met de restricties die de adolescente worden opgelegd.
Door het gebruik van extreme close-ups en een suggestief geluidsdesign roept deze debuutfilm van de Sloveense cineaste Urska Djukic vaag herinneringen op aan het werk van Walerian Borowczyk. Het is echter allemaal wat te mager (vooral het scenario is vrij snel uitgewerkt) om echt overeind te blijven. Om nog maar te zwijgen van de symboliek die er wel heel dik op ligt. (DiVB)
“Little Trouble Girls (Kaj ti je deklica)” Met Jara Sofija Ostan, Mina Svajger. Regie: Urska Djukic. Slovenië, Italië, Kroatië, Servië 2025 Score: 5/10.
Donderdag 9 Oktober
Het Film Fest Gent 2025 is nu echt van start gegaan, en terwijl het publiek de weg begint te vinden naar de vele voorstellingen, blijven onze recensenten urenlang de ene persvisie na de andere bijwonen. De oogst van vandaag kan u hieronder vinden.
Follemente
Stel u What Women Want voor (een komedie uit 2000 waarin Mel Gibson de gedachten van vrouwen kan lezen) maar dan opgediend als Pixars Inside Out en gedraaid door een Italiaan.
Dat is in een notendop het concept van Follemente waarin we zien hoe een man en een vrouw een eerste afspraakje hebben en de film ons een kijkje gunt in het hoofd van de kibbelende persoonskenmerken. Voorzien van een goedkoop sepia-tintje en zwaar aangezette humor, zorgt dat voor een film die even vaak redelijk onderhoudend als mateloos irritant is. In de beste momenten zijn de dingen gevat en worden ze speels in beeld gebracht, op z’n slechtst biedt Follemente vooral hysterisch gedoe en weinig geslaagde grappen. (Dvb)
“Follemente” met Edoardo Leo, Pilar Fogliati. Regie: Paolo Genovese. Italië 2025. Score: 5,5/10
The Chronology of Water
Kristen Stewart groeide uit van ‘dat meisje uit Twilight‘ tot een van de meest prominente actrices van haar generatie. Met The Chronology of Water zet ze haar tanden nu ook in filmregie en ze doet dat op bepaald overtuigende wijze. Dit is een verdomd imponerend debuut. Gebaseerd op de autobiografische verhalen van Lidia Yuknavitch (tour-de-force vertolking van Imogen Poots) brengt de film het verhaal van een getormenteerd kind dat in de zwemsport en literair werk, maar ook in drugs, drank en vrije seks, de demonen van haar dysfunctionele familiale verleden van zich afschudt.
Dat klinkt als de aanzet voor een zoveelste zwaar op de hands familiedrama, maar wat Stewart hier aflevert is echt wel iets helemaal anders. Met haar film probeert ze de rauwe poëtische taal van Yuknavitch om te zetten in film aan de hand van niet-lineaire montage, experimenten met de geluidsband en passend gebruik van 16 mm film. Dat alles voelt soms wat aan als een film van Terrence Malick die niet door Malick gedraaid werd (ook al door de voice-over die regelmatig dingen begeleidt) maar Stewart toont op zelfverzekerde wijze dat ze zich die stijl op een eigen wijze weet aan te wenden.(Dvb)
“The Chronology of Water” met Imogen Poots, Thora Birch. Regie: Kristen Stewart. Usa, Frankrijk, Letland 2025. Score: 9/10
DJ Ahmet
De debuutfilm van Georgi M. Unkovski schetst op haast ludieke wijze het plattelandsleven van een kleinschalig en conservatief dorp in ruraal Noord-Macedonië, waar de 15-jarige Ahmet met zijn jongere broertje navigeert door het familieverdriet na de gesuggereerde dood van hun moeder. Hierbij maken de kalverliefde voor de uitgehuwelijkte Aya, een passie voor technobeats en zijn eigenzinnige, verlegen karakter hem een buitenbeentje, afgeschilderd tegen een Wes Anderson-achtig gekleurd landschap.
De zachte cinematografie staat in scherp contrast met de zogenoemde harde realiteit van traditie en rigide groepsnormen die de film oproept. Daarnaast blijven de personages opvallend vlak, met zwakke drijfveren en weinig ontwikkeling. Aya’s verzet tegen haar uithuwelijking beperkt zich tot wat “provocerend” dansen, en ook Ahmet belichaamt vooral het clichébeeld van een jonge schapenhoeder. Het voelt allemaal wat gemakkelijk, alsof de film niet helemaal durft te prikken in de wereld die hij portretteert. Zo schept de afstand tot technologie, gecombineerd met de humoristische montage, eerder een alternatieve realiteit dan een confronterende blik op de samenleving. Toch valt een komische noot hier en daar niet slecht in de smaak bij deze luchtige feelgood crowdpleaser.
DJ Ahmet brengt een charmante visuele benadering van een bekend narratief binnen een conservatieve setting. De symbolische voorstelling van het “zwarte schaap” – in dit geval fuchsia roze en verloren gelopen – geeft het geheel net genoeg stevigheid om te blijven hangen. (Kd)
“DJ Ahmet” Met Aksel Mehmet, Selpin Kerim. Regie: Georgi M. Unkovski. Tsjechië, Kroatië, Noord-Macedonië, Servië 2025. Score: 6/10
Fantastique
De veertienjarige Fanta (ontwapenend vertolkt door Fanta Turpin) wordt heen en weer geslingerd tussen school en de zorg voor haar door ziekte gevelde moeder. Het meisje koestert echter de vurige wens om acrobate te worden.
De in Nederland geboren regisseur Marjolijn Prins verweeft de documentaire-achtige aanpak met een vleugje magisch realisme en laat dit naadloos in elkaar overvloeien. Dat levert een fraaie en tegelijk energieke coming of age-film op die komaf maakt met vooroordelen en het tot ver in het buitenlandse festivalcircuit wist te schoppen. (DiVb)
“Fantastique” Met Fanta Turpin, Makhissa Camara. Regie: Marjolijn Prins. Frankrijk, Nederland, België 2025. Score: 7/10
Rietland
Rietsnijder Johan – een man met een beroep dat ingehaald dreigt te worden door de modernisering – vindt in zijn Nederlandse velden het levenloze lichaam van een plaatselijk tienermeisje. Terwijl de politie naar een buitenstaander kijkt, geraakt hij er zelf van overtuigd dat de dader te vinden is in de kleine afgesloten gemeenschap waar hij deel van uitmaakt.
Rietland is een thriller die het moet hebben van geslaagde sfeerschepping en dito stiltes, maar vergaloppeert zich nogal behoorlijk in prentbriefkaartesthetiek en een wat stroeve stijl die soms op een mengeling lijkt tussen Peter Weirs Witness en een veredelde aflevering van Baantjer. (Dvb)
“Rietland” met Gerrit Knobbe, Susan Beijer. Regie: Sven Bresser. Nederland, België 2025. Score: 5,5/10
Strange River (Estrany riu)
Voor zijn regiedebuut Strange River viel Jaume Claret Muxart terug op de herinneringen aan de fietsvakanties die hij samen met z’n familie doormaakte tijdens zijn jeugdjaren. Terwijl de tiener Didac met z’n gezin een traject aflegt langs de Donau, raakt hij in de knoop met zijn gevoelens voor een andere jongen.
Muxart hecht weinig belang aan karakterontwikkeling of script. Hij heeft eerder oog voor fysieke schoonheid en het vangen van indrukken. Zo bloeit het verdienstelijke Strange River langzaam open tot een fragiele verkenning van een eerste zomerliefde, inclusief de vreugde en de pijn die daarmee gepaard gaan. (DiVb)
“Strange River (Estrany riu)” Met Nausicaa Bonnín, Roc Collel. Regie: Jaume Claret Muxart. Spanje, Duitsland 2025 Score: 6,5/10
Ástin Sem Eftir Er (The Love that Remains)
De Ijslandse regisseur Hlynur Pálmason volgt zijn gelauwerde en opgemerkte Godland op met een film die eveneens doordrenkt is van aandacht voor de overweldigende Ijslandse natuur. Die natuur vormt zelfs de kern van de kunst die protagoniste Pálmi maakt, een artieste die in het knappe beginshot haar studio ziet afgebroken worden en die worstelt zowel met het bekend maken van haar oeuvre als met de naweeën van haar relatie met visser Magnús, de vader van haar kinderen.
The Love that Remains demonstreert andermaal Pálmasons geoefende oog voor overweldigende composities – de terugkerende beelden van een vogelverschrikker in de wind tekenen voor een sterke sfeerschepping – maar de originaliteit van dit alles is toch dat wat op het eerste gezicht alweer een somber uit het noorden afkomstig familiedrama lijkt, zich weet te ontpoppen tot een droog komische en vaak ronduit surrealistische kijk op leven en werk van het hoofdpersonage. Monkelend bekeken kleine tragedies worden afgewisseld met soms waarlijk bizarre droommomenten en de film bevat een eindeloos geestige scène (inclusief een hilarische apotheose ervan) die het bezoek toont van een verwaande galeriehouder die er maar op los zwetst zonder ook maar iets zinnigs uit te kramen. (Dvb)
“Ástin Sem Eftir Er” met Ingvar Sigurdsson, Sverrir Gudnason. Regie: Hlynur Pálmason. Ijsland, Denemarken, Zweden, Frankrijk 2025. Score: 7,5/10
Vrijdag 10 Oktober
Vandaag twee grote kleppers op het programma tijdens de persvisies: Yorgos Lanthimos en Lynne Ramsay.
Ariel
Met Ariel haalt Lois Patiño, na zijn kortfilm Sycorax, opnieuw de mosterd bij Shakespeares The Tempest. De Argentijnse actrice en toneelschrijfster Agustina Muñoz speelt ook ditmaal zichzelf en trekt naar de Azoren in de veronderstelling dat ze daar het stuk zal naspelen, maar eens daar aangekomen blijkt dat alle inwoners personages uit het rijke oeuvre van de Bard vertolken, gevangen in een soort vreemde tijdlus die hen dwingt om naast The Tempest ook opvoeringen van Hamlet, King Lear, Othello of Romeo en Julia dagelijks én voor zonsondergang volledig af te werken. Dat de prent voor meer dan negentig procent van haar speelduur bestaat uit het reciteren van Shakespeares legendarische teksten kan pretentieus en makkelijk lijken – de aaneenrijging van existentiële vraagstukken komt vaak ietwat geforceerd over – maar mede dankzij de uitstekende fotografie van Ion de Sosa, die vaak gebruikt maakt van superpositie en zo de dromerige textuur versterkt, is Ariel een contemplatieve kijkervaring die herinnert aan de onsterfelijkheid van literaire kunst, en het effect daarvan op het medium film en de realiteit. Meest memorabel zijn de surreële openingsscène en een moment waarin de vierde wand heel even doorbroken wordt. Dat maakt dat Patiño ook in zijn vierde langspeler de mysterieuze filmtaal van Samsara vakkundig verderzet. (Pv)
“Ariel” met Agustina Muñoz, Irene Escolar. Regie: Lois Patiño. Spanje, Portugal 2025. Score: 7,5/10
Sound of Falling (In Die Sonne Schauen)
Een subjectieve camera, die ofwel de blik van personages volgt of als een schim toekijkt op hun levens, volgt vier meisjes uit verschillende generaties in dezelfde hoeve in Noord-Duitsland. Met een fijngevoeligheid voor licht, sfeer en familiale verwikkelingen vervlecht Sound of Falling (in het Duits In Die Sonne Schauen, in de zon kijken) hun levens tot een chronologische puzzel die een eeuw overbrugt. Samen met haar inwoners verandert het huis en de sfeer, maar de rode draad blijft een gevoel van isolatie en de alomtegenwoordigheid van de dood.
Met gedetailleerde geluiden en een beweeglijke camera gaat regisseur Mascha Schilinski op zoek naar de zintuiglijkheid van die dood, van het steeds luider wordende gezoem van vliegen tot de treffende voorbereidingen van een overleden lichaam voor een post-mortem familieportret. Het resultaat is een hedendaags spookverhaal in een vorm van visuele poëzie die tegelijk wondermooi en afschrikwekkend is, een tegenstelling die slechts een handvol regisseurs succesvol kunnen verenigen. (Edl)
“Sound of Falling” / “In Die Sonne Schauen” Met Hanna Heckt, Lena Urzendowsky. Regie: Mascha Schilinski. Duitsland 2025. Score: 8/10
I Am Martin Parr
De documentaire I Am Martin Parr van Lee Shulman toont een braaf portret van de befaamde Magnum-fotograaf die al decennialang de banaliteit van het Britse leven in felle kleuren vastlegt. Van zijn eerste zwart-witfoto’s tot zijn iconische, verzadigde kleurenbeelden, ontvouwt zich een boeiend overzicht van een unieke en vaak bekritiseerde blik op de wereld. Bekend van zijn strandscènes met Britse families, toont Parr hoe humor en scherpzinnige observatie naadloos kunnen samengaan. De film biedt een reis doorheen zijn carrière, maar ook een blik achter de camera, waar zijn werkwijze en persoonlijkheid speels en ontwapenend aan bod komen.
De documentaire vangt treffend de energie van het werk, maar mist soms de scherpte die de foto’s zo onvergetelijk maakt. De fragmentarische commentaren van vrienden en collega’s voegen context toe, al zorgt de herhaling af en toe voor een verminderde dynamiek. Jammer is ook dat de hilarische reeks Autoportrait slechts vluchtig tijdens de aftiteling aan bod komt; de kitscherige, geënsceneerde portretten verdienen meer aandacht. Toch blijft het fascinerend om de fotograaf op leeftijd te zien, met rollator en camera, nog altijd even nieuwsgierig naar het alledaagse. (Kd)
“I Am Martin Parr” Met Martin Parr. Regie: Lee Shulman. Frankrijk 2024. Score: 6/10
Bugonia
Naar iedere nieuwe film van Yorgos Lanthimos (The Favourite, Poor Things) wordt reikhalzend uitgekeken, en dat was met zijn jongste geesteskind niet anders. Het op het filmfestival van Venetië enthousiast onthaalde Bugonia is een eigenzinnige herinterpretatie van de Koreaanse culthit Save the Green Planet! Daarin wordt de CEO van een groot biomedisch bedrijf ontvoerd door twee mannen (een imker en zijn sullige neef) die ervan overtuigd zijn dat de vrouw een alien is die de wereld naar de verdoemenis wil helpen. De schier eenvoudige premisse vormt de aanleiding tot een prettig gestoorde, donkerkomische satire over paranoia en duistere samenzweringen, waarbij Lanthimos’ habituées Emma Stone en Jesse Plemmons een heerlijk acteursduel uitvechten. Hoewel het boegbeeld van de Griekse weird wave zijn rijke fantasie iets meer weet in te tomen en zich niet op de absolute top van zijn kunnen begeeft, staat de meticuleus opgebouwde film nog altijd garant voor twee uur puntgaaf amusement. (DiVb)
“Bugonia” Met Emma Stone, Jesse Plemmons. Regie: Yorgos Lanthimos. Ierland, Uk, Canada, Zuid-Korea, Usa 2025. Score: 7,5/10
The Voice of Hind Rajab (Sawt Hind Rajab)
In januari 2024 heeft de Palestijnse Rode Halve Maan telefonisch contact met een meisje dat tussen de lijken van haar familie vastzit in een auto in een afgesloten deel van Gaza. Vanuit het kantoor van de hulporganisatie begint de wanhopige poging om via omwegen van het Israëlische leger een gegarandeerde veilige doorgang te krijgen voor de ziekenwagen. Het is een gevecht tegen zinloze bureaucratie, onbegrip, vijandigheid en ook het eigen morele kompas.
In de gangen van het Film Fest Gent 2025 werd hier en daar al gefluisterd “deze film moét toch de competitie winnen”, terwijl het niet echt duidelijk is welke basis daar dan wel voor zou moeten zijn. The Voice of Hind Rajab is gebaseerd op de authentieke geluidsopnames van de gesprekken en op getuigenissen en het mag heel duidelijk zijn: de hier getoonde gebeurtenissen zijn wraakroepend en dienen in de sterkst mogelijke termen te worden veroordeeld. Dat wil echter nog niet zeggen dat dit een goede film is.
Het is soms moeilijk om duidelijk te stellen dat een film als deze niet goed is, aangezien men er dan maar meteen van uitgaat dat je ook de aanklacht of boodschap die erin besloten ligt, verwerpt. Films dienen echter niet zomaar getaxeerd te worden op hun boodschap – politiek of anders – en stellen dat The Voice of Hind Rajab eigenlijk maar vrij zwak is, is een uiting van die laatste stelling, niet een oordeel over de boodschap die de film probeert uit te dragen.
The Voice of Hind Rajab heeft vooral het eerste kwartier een aantal bescheiden kwaliteiten, maar de dramatisering van de feiten bezwijkt onder de overacting, en regisseur Kaouther Ben Hania kan het ook niet laten haar eigen film voortdurend te ondergraven met twijfelachtige ingrepen: de beslotenheid van het kantoor doorbreken met dromerige beelden, aan het eind de toeschouwer als het ware vragen of die het wel goed begrepen heeft, om vervolgend nog eens alles duidelijk te illustreren. (Dvb)
“The Voice of Hind Rajab” met Saja Kilani, Motaz Malhees. Regie: Kaouther Ben Hania. Usa, Tunesië, Frankrijk 2025. Score: 5,5/10
Die, My Love
Triomfantelijke terugkeer van Lynne Ramsay die sinds het voortreffelijke You Were Never Really Here uit 2017 geen langspeler meer gedraaid had. Robert Pattinson en Jennifer Lawrence zetten sterke vertolkingen neer in dit flamboyante drama dat de stervende liefde observeert tussen een koppel dat nochtans oprecht van elkaar lijkt te houden. Een kind, het leven, compromissen en de donkere kanten van een relatie, knagen beetje bij beetje aan wat een onbreekbare band leek.
Ramsay zet dat alles niet in beeld als een conventioneel drama, wel als een door sprookjes en mythes gekleurde agressieve aanval op de sensoriële invoer van de kijker om die laatste op die manier bijna fysiek deelgenoot te gaan maken van de rauwe pijn die we op het scherm bekijken. Lyrisch, aanvallend en briljant in beeld gezet. (Dvb)
“Die, My Love” Met Robert Pattinson, Jennifer Lawrence. Regie: Lynne Ramsay. Usa 2025. Score: 8,5/10
Zaterdag 11 Oktober
Het eerste weekend van het filmfestival brengt onder andere horden kijkers naar de Kinepolis Gent voor de Knack Focus Festivaldag, maar onze recensenten duiken verder voor u in het competitieaanbod dat later deze week te zien is.
Memory of Princess Mumbi
Mengeling van ‘faux documentaire,’ meta-bespiegeling over het maken van speelfilms en het gebruik van AI, verpakt in een retro-futuristisch Afrikanisme.
In 2093 ontmoet een aspirant-filmmaker een actrice die zal uitgehuwelijkt worden aan een prins, wordt verliefd op haar, vlucht met haar de wereld in, verliest haar opnieuw en draait een film met behulp van AI over haar leven … de film die de kijker ziet.
Dat klinkt helaas een stuk creatiever dan het uiteindelijk allemaal is. Heel veel heeft deze Memory of Princess Mumbi immers niet te bieden of te vertellen. Dat de mens de neiging heeft drama en conflict te zoeken? Dat kunst schoonheid kan bieden binnen een dergelijke wereld? Dat film een evoluerende technologie is en dat nieuwe ontwikkelingen ook nieuwe mogelijkheden kunnen bieden? Allemaal waar, maar ook niet echt gebracht op een manier die daar iets wezenlijks over te zeggen heeft of probeert die concepten naar film te vertalen. (Dvb)
“Memory of Princess Mumbi” Met Shandra Apondi, Joseph Ibrahim. Regie: Damien Hauser. Zwitserland, Kenia, Saoudi-Arabië 2025. Score 5,5/10
Barrio Triste
Muziekvideoregisseur Stillz kreeg van het productiehuis van Harmony Korine (Spring Breakers) de kans om een eigen project uit werken en dat werd deze Barrio Triste, een experiment met helaas slechts een paar bescheiden kwaliteiten.
De ‘gimmick’ van de film is dat een stel jongeren in de verarmde buitenwijken van de Colombiaanse grootstad Medellín anno de jaren negentientachtig een videocamera stelen van een filmploeg en daarmee de stad rondtrekken terwijl ze hun eigen leven en wereldje vastleggen. Dat leidt tot een chaos aan zwalpende beelden die zogezegd een rauwe, poëtische kijk zouden moeten bieden op het leven aan de zelfkant van de maatschappij, maar eigenlijk vooral aanvoelen als een muziekvideo die krampachtig een ‘slice of life’ wil brengen.
Helemaal waardeloos is de prent niet: door het inlassen van vele momenten van zogenaamde dode tijd – doelloze tijd die geen plotfunctie heeft en reëel tijdverloop zonder narratieve bedoeling binnen laat – is dit een van de weinige films die de erfenis van het Italiaanse Neorealisme niet foutief vertaalt in het zogezegd ontbreken van bewuste esthetiek of enkel werken met niet-professionele acteurs.
“Barrio Triste” Met Brahian Acevedo, Juan Pablo Baena. Regie: Stillz. Usa, Colombia 2025. Score: 5,5/10
Second Victims (Det Andet Offer)
De Deense cineaste(/actrice) Zinnini Elkington – wiens hele familie in de gezondheidszorg werkzaam is – stootte op het concept van zogenaamde “second victims” via een podcast. Het is een fenomeen waarbij zorgverleners na een traumatische ervaring (al dan niet door een inschattingsfout) eveneens een soort slachtoffer kunnen worden van het gebeurde.
Hier is dat een arts die een routineonderzoek doet bij een achttienjarige jongen met hoofdpijn, geen reden ziet tot paniek en kort nadien geconfronteerd wordt met een totaal onverwachte hersenbloeding. Het probleem van dit drama is dat de protagoniste voldoende twijfelachtige handelingen stelt, waardoor het moeilijk is om aan haar zijde te blijven staan bij de morele vragen die hier worden opgeworpen. Alles wordt ook veel te lang uitgemolken voor maximaal effect, wat in combinatie met de gemakzuchtige televisie-esthetiek, er eigenlijk voor zorgt dat we het gevoel hebben dat we zitten te kijken naar een scenario voor een aflevering uit een ziekenhuissoap, dat tot speelfilmlengte werd uitgerekt. (Dvb)
“Second Victims” met Özlem Saglanmak, Trine Dyrholm. Regie: Zinnini Elkington. Denemarken 2025. Score: 5,5/10
Zondag 12 Oktober
Een zondag op het filmfestival is net zo goed een dag met persvisies, dus ook vandaag een nieuwe reeks recensies.
Made in EU
“Als je een leugen honderd keer herhaalt op tv, wordt iedereen plots een expert”. Dat is de als schamele troost bedoelde boodschap, verpakt als waarschuwing, die Iva van haar dokter te horen krijgt als ze plots het middelpunt van een heksenjacht dreigt te worden bij een Covid-uitbraak. De alleenstaande moeder werkt onder erbarmelijke omstandigheden in een mistroostige textielfabriek en kan zich zelfs met negenendertig graden koorts geen dag afwezigheid permitteren. Wanneer het virus zich plots verspreid in het kleine, Bulgaarse dorp en de media haar per direct bombardeert als ‘patient zero’ keert zelfs Iva’s eigen zoon zich tegen haar. Stephan Komandarevs Made in EU is een harde aanklacht tegen de smerige rol van de media en kapitalistische machtsstructuren die verantwoordelijk gehouden worden voor het vervagen van solidariteit en het uitlokken van sociale isolatie en paranoia. De beeldvoering is ingehouden maar effectief, net als de vertolking van hoofdactrice Gergana Pletnyova die symbool staat voor alle mensen die ten onrechte werden verketterd. Jammer genoeg hebben zowel het scenario als de personages net te weinig diepte waardoor dit drama te snel haar kaarten op tafel gooit en je toch achterblijft met het gevoel dat hier meer in zat. (Pv)
“Made in EU” Met Gerasim Georgiev, Ivaylo Hristov. Regie: Stephan Komandarev. Bulgarije, Tsjechië, Duitsland 2025. Score: 6,5/10
Tóc, Giáy Và Nuóc
De Belg Nicolas Graux en de Vietnamees Minh Quy Truong filmen een vrouw die haar kleinkinderen de oude Ruc-taal leert. Dat gebeurt in meanderende scènes gevuld met gefluisterde begrippen en gefilmd natuurschoon, aangevuld met reflecties over generaties, cultuur en veranderingen.
Het is duidelijk dat hier gezocht wordt naar een filmtaal die het concept van Hair, Paper, Water – taal als reflectie van identiteit en cultuur – kan omzetten naar een visueel medium, maar helemaal geslaagd is de poging niet. Het blijft iets te veel een illustratie van het idee, meer dan een echte vertaling. (Dvb)
“Tóc, Giáy Và Nuóc” Met Thi Hau Cao, Xuan Doanh Cao. Regie: Nicolas Graux, Minh Quy Truong. Vietnam, Frankrijk, België 2025. Score: 6/10
Blue Heron
Blue Heron blikt door de ogen van de achtjarige Sasha, die met haar gezin van Hongarije naar Canada migreerde, terug op een getroebleerde kindertijd die getekend werd door het onvoorspelbare en risicovolle gedrag van haar oudere broer Jéremy. Overgoten met een zachte gloed brengt de Canadees-Hongaarse filmmaker Sophy Romvari, op wiens eigen ervaringen dit verhaal gebaseerd is, voorzichtig en teder de onrustige periode en de impact van Jeremy’s uitbarstingen op de gezinsdynamiek in beeld.
Gedurende het eerste uur ontstaat zo een intieme en haast nostalgische sfeer die op subtiele wijze de problematiek schetst en zachtjes onthult hoe diep en permanent de attitude van Jéremy het gezin schaadt. Via ramen, spiegels en videorecorders krijgen we een inkijk in deze fragiele en subjectieve beschouwing. De toon van de film verandert echter wanneer het verhaal plotsklaps naar het heden gekatapulteerd wordt en een volwassen Sasha wanhopig probeert vat te krijgen op haar verleden. Als filmmaker gaat ze met de hulp van familiefoto’s en -video’s en haar eigen herinneringen op zoek naar antwoorden. En het is daar dat dit verder poëtische portret spaak loopt. Wanneer herinnering en realiteit, heden en verleden, personage en cineaste, in elkaar lijken over te lopen en het niet meer duidelijk is waar het een stopt en het ander begint, wordt het geheel net iets te letterlijk. De onbetrouwbaarheid en beperkingen van eigen herinneringen en het gebruik van home movies als manier om een onverwerkt trauma beter te begrijpen, zagen we eerder al bij films als Aftersun. Maar waar die laatste film blijft dwalen in een wereld gecreëerd door een wankel geheugen en ontegensprekelijk beeldmateriaal, gaat Sophy Romvari via Sasha rechtstreeks de confrontatie aan. Haar volharding om inzicht te krijgen in waar het bij haar broer exact fout liep en wat had ondernomen kunnen worden om dit alles een halt toe te roepen, breekt de kwetsbare atmosfeer die zo delicaat werd opgebouwd. Desondanks zet Romvari zichzelf met Blue Heron op de kaart als beloftevolle maker, mede dankzij de originele en mooie beelden. (EVh)
“Blue Heron” Met Amy Zimmer, Eylul Guven, Edik Beddoes. Regie: Sophy Romvari. Canada, Hongarije 2025. Score: 7/10.
A Want in Her
Wanneer visueel kunstenaar Myrid Carten in Ierland naar haar vermiste moeder zoekt (die lijdt aan een bipolaire stoornis en kampt met een zwaar drankprobleem) komen verborgen familietrauma’s weer bovendrijven. Door middel van handgeschoten homevideo’s en geluidsfragmenten toont Myrid de verwoestende impact van alcoholisme en mentale problemen en hoe die haar kindertijd aan flarden scheurde. A Want in Her (dat de publieksprijs won op het filmfestival van Dublin) gaat de harde confrontaties niet uit de weg, maar vanuit filmisch oogpunt overstijgt de documentaire zelden het niveau van een beginnerswerkje. (DiVb)
“A Want in Her” Met Myrid Carten, Nuala. Regie: Myrid Carten. Ierland, Uk, Nederland 2025. Score: 5,5/10
Maandag 13 Oktober
Week twee gaat van start, wij blijven u op de hoogte houden van al het moois dat er te zien is in Gent.
Two Prosecutors (Zwei Staatsanwälte)
Stug en spartaans sober portret van een openbaar aanklager die tijdens de Stalin-terreur iets te diep zijn neus steekt in zaken die het daglicht beter niet zien en daarmee in botsing komt met het justitieapparaat dat hij zelf mee in stand houdt.
Regisseur Sergey Loznitsa dedramatiseert en dwingt respect af met zijn volgehouden afstandelijke en koude stijl. Soms voelt het allemaal wat steriel en academisch, maar deze trage, bedachtzame observatie van een systeem, blijft niettemin twee uur probleemloos boeien. (Dvb)
“Two Prosecutors” Met Alexander Kuznetsov, Anatoliy Beliy. Regie: Sergey Loznitsa. Frankrijk, Duitsland, Nederland, Litouwen, Roemenië, Letland, Oekraïne 2025. Score: 7/10
Dry Leaf
Een vader trekt door het rurale Georgië, op zoek naar zijn dochter Lisa die verdween tijdens een journalistieke opdracht die erin bestond lokale voetbalvelden te fotograferen. Zijn reisgenoot Levan, een collega van Lisa, blijft net als vele andere personages in de film raadselachtig onzichtbaar. De plot is niet stuwend, de beeldtaal des te meer. Alexandre Koberidze, gekend van What do We See When we Look at the Sky, filmde alles met een hopeloos verouderde Sony Ericsson-telefoon, met als resultaat dat de lage resolutie en gruwelijk grote pixels – het toestel kwam in 2005 op de markt – toch wel enige gewenning vragen van onze ogen. Daarin schuilt dan ook meteen de verbluffende kracht van de prent, want Koberidze dwingt ons op die manier om drie uur lang zelf op zoek te gaan naar betekenis in de diepste schaduwen en amorfe vormen die het kader domineren. Onder de lelijkheid van de beeldtextuur – sommige shots zijn dermate troebel dat ze doen denken aan View from the Window at Le Gras, de oudst bewaard gebleven foto uit 1826 – valt er alleen maar schoonheid te ontdekken. De sterke fotografische composities evoceren impressionistische schilderkunst, terwijl krijttekeningen op een bord, patronen in hekwerk en vaak herhaalde shots van gammele doelpalen het abstracte lijnenspel van Kandinsky oproepen. Mark Cousins had er in zijn boek The Story of Looking zowaar een volledig hoofdstuk aan kunnen wijden. Dry Leaf is trage en eigenzinnige cinema die wel wat inspanning vraagt van de kijker, maar wie bereid is daarvoor moeite te doen ontdekt een geniaal stukje filmkunst dat veel interessante vragen opwerpt over wat we zien, maar ons vooral uitdaagt om betekenis te schenken aan datgene wat we denken te zien. (Pv)
“Dry Leaf” met David Koberidze, Irina Chelidze. Regie: Alexandre Koberidze. Georgië, Duitsland 2025. Score: 9/10
La Ola
Na drie Engelstalige films keert Sebastián Lelio met La Ola terug naar zijn thuisland Chili, waar hij in 2017 het Oscarwinnende Una mujer fantástica draaide. Ditmaal laat hij zich inspireren door de feministische golf van 2018, toen studenten massaal protesteerden tegen misbruik en hypocrisie binnen universiteiten. De film wil een krachtige aanklacht tegen het patriarchaat zijn, maar verstrikt zich al snel in zijn eigen pretentie.
Het verhaal van Julia, een muziekstudente die haar verkrachtingsverhaal deelt met haar medestudenten en vervolgens onverwacht het gezicht van een feministische protestbeweging vormt, had een intens en relevant drama kunnen worden. In de plaats daarvan verzandt het in herhaling met oppervlakkige personages en overbodige muzikale scènes die de emotionele impact ondergraven. De film werpt veel vragen op, maar biedt geen antwoorden, waardoor La Ola onaf en richtingloos aanvoelt.
Lelio’s poging om kritiek op het patriarchaat te koppelen aan musicalvorm en symboliek resulteert in een overdreven vertelling die soms eerder parodie dan protest lijkt. Zijn meta-commentaar op zijn eigen positie als mannelijke regisseur hierin voegt geen scherpte toe, maar maakt de film eerder pijnlijk bewust van de eigen tekortkomingen. La Ola probeert een stem te geven aan een beweging, maar mist de diepgang, nuance en overtuiging om echt iets te zeggen. (Kd)
“La Ola” Met Daniela López, Lola Bravo, Avril Aurora. Regie: Sébastian Lelio. Usa, Chili 2025. Score: 3/10
The Smashing Machine
De broers Josh en Benny Safdie hadden al een behoorlijke reputatie na Good Time, maar het was Uncut Gems dat hen in één klap katapulteerde naar het pantheon der groten. Onnodig dus om te zeggen dat een film met zelfs maar een enkele Safdie in de regiestoel, op meer dan een beetje belangstelling kan rekenen, zeker als de trailer ook nog eens een serieuze fysieke transformatie toonde van Dwayne ‘The Rock’ Johnson om MMA pionier Mark Kerr te vertolken.
De film omzeilt een pak van de geijkte clichés van sportfilms, eert niettemin toch een reeks conventies ervan en weet vooral te boeien – niet geheel onverwacht uiteraard – dankzij de energieke en verzorgde mise-en-scène. Degelijk, maar géén nieuwe Uncut Gems. (DVb)
“The Smashing Machine” met Dwayne Johnson, Emily Blunt. Regie: Benny Safdie. Usa, Japan, Canada 2025. Score: 7,5/10
Dinsdag 14 Oktober
We naderen het laatste deel van het festival. Voordien nog een paar grote namen, waarvan de competitiefilms nog aan de pers getoond zullen worden. Volg ook vandaag alles wat onze recensenten bekeken.
Timestamp (Strichka Chasu)
Timestamp illustreert de impact die de Russische invasie heeft op het onderwijssysteem in Oekraïne. De documentaire werd gedraaid tussen maart 2023 en juni 2024 en laat zien hoe het leven op de schoolbanken onverminderd doorgaat. Regisseur Kateryna Gorrnostai bekijkt haar onderwerp vanuit een brede invalshoek (ze richt zich op alle leeftijden: van kleuters tot middelbare scholieren en docenten), maar slaagt er niet in te doorgronden hoe de kinderen de constante dreiging van de oorlog zelf ervaren. Dit laatste had zeker een meer waardevolle of rijkere film kunnen opleveren dan de aaneenschakeling van momentopnames waar we nu getuige van zijn – zoals de leerlingen die bij het uitbreken van het luchtalarm voor de zoveelste keer de trappen afdalen om zich naar de schuilkelder te begeven. (DiVB)
“Timestamp (Strichka Chasu)” Met Olha Bryhynets, Valeriia Hukova. Regie: Kateryna Gornostai. Oekraïne, Luxemburg, Frankrijk, Nederland 2025. Score: 4,5/10
Romeria
Romería is het sluitstuk van een trilogie waarmee regisseur Carla Simón haar persoonlijke verleden onderzoekt. Waar Estiu 1993 en het met de Gouden Beer bekroonde Alcarràs zich op het Catalaanse platteland afspeelden, strijkt de cineaste dit keer neer in Galicië. Het verhaal is volledig gebouwd rond een achttienjarig meisje (Llúcia Garcia) dat haar ouders verloor en met veel onbeantwoorde vragen achterbleef. Criticus Dennis Schwartz meent dat de film op intelligente wijze familiebanden ter discussie stelt. Romería is opgezet als een soort uitvergroot videodagboek. Dat is een insteek die goed bij de film past, maar hier en daar begint de prent wat aan te slepen en laat de uitwerking toch nog een beetje te wensen over. (DiVB)
“Romería” Met Llúcia Garcia, Tristán Ulloa. Regie: Carla Simón. Spanje, Duitsland 2025. Score: 6/10
Resurrection (Kuangye Shidai)
Bi Gan brak internationaal door in 2018 met Long Day’s Journey into Night. Sinds die triomf kostte het hem zeven jaar om deze opvolger klaar te hebben. Dit ambitieuze project probeert niets minder dan een bespiegeling te zijn over de (Aziatische) filmkunst zelf en doet dat op een gedurfde manier. Alles speelt in een toekomst waarin de mensheid de sleutel tot eeuwig leven gevonden heeft: men mag niet meer dromen. Wie dat wel doet sterft, maar heeft wel de rijkdom van dromen… zoals de dromen die film produceert. In verschillende hoofdstukken die doorheen de geschiedenis van de internationale en Chinese cinema glijden – van de broers Lumière tot Jia Zhang-ke – evoceert Gan de kracht van beelden, de natuur van de vluchtige emoties en gewaarwordingen van film (er is veel aandacht voor zintuigen en hun relatie tot film). Bij momenten doet hij dat op ronduit verbluffende wijze, dan weer blijven we een beetje op onze honger zitten. Dit is in ieder geval een prent die niet binnen de lijntjes kleurt en probeert op ambitieuze wijze iets te vertellen over het medium. (Dvb)
“Resurrection” Met Jackson Yee, Shi Qi. Regie: Bi Gan. Usa, China, Frankrijk 2025. Score: 8/10
The Mastermind
Het ironisch getitelde The Mastermind is een atypische caperfilm die vaag tegen de achtergrond speelt van de Vietnamoorlog. Josh O’Connor vertolkt een werkloze timmerman en het weinig snuggere brein achter een kunstroof. Om zijn gezin financieel beter te kunnen onderhouden besluit de man, bijgestaan door enkele handlangers, om op klaarlichte dag vier schilderijen van Arthur Dove uit een museum in Massachusetts te ontvreemden – maar dan wordt hij langzamerhand in het nauw gedreven.
Independent-regisseuse Kelly Reichardt (Meek’s Cutoff, Night Moves) hanteert een schijnbaar achteloze stijl die bedrieglijk eenvoudig lijkt maar weloverwogen is. Met korrelige fotografie wekt The Mastermind de sfeer van de jaren ‘70 weer helemaal tot leven, wat nog extra in de verf wordt gezet door de jazzy score van Rob Mazurek die de prent op passende wijze voortstuwt. (DiVb)
“The Mastermind” Met Josh O’Connor, Alana Haim. Regie: Kelly Reichardt. Usa 2025. Score: 7/10
Woensdag 15 Oktober
We naderen het einde van het festival en van de persvisies. Toch ook vandaag nog nieuwe titels.
The Librarians
Wie had gedacht dat uitgerekend bibliothecarissen dé voorvechters van democratie, (culturele) diversiteit en vrije meningsuiting zouden zijn? Zijzelf alvast niet. In de documentaire The Librarians zien we hoe (ex-)bibliothecarissen in 2021 op de barricaden gaan staan wanneer Texaans congreslid Matt Krause in 2021 een lijst met 850 verbannen boeken publiceert, zogezegd omdat deze boeken pornografisch van aard zijn. Voornamelijk boeken van Afrikaans-Amerikaanse auteurs als Toni Morrinson en queer onderwerpen zijn het doelwit. De gouverneur van Texas roept bijgevolg op om deze boeken met onmiddellijke ingang te verwijderen. En ook een verbond van “Karens”, genaamd Mothers for Liberty, springt op de kar en roept in verschillende schooldistricten op om deze boeken – ter bescherming van de kinderen – voorgoed uit schoolbibliotheken te weren. Wie zich verzet, wordt bestempeld als pedofiel en een groomer.
Die kleine vlam in Texas zet al snel heel Amerika in lichterlaaie. Documentairemaker Kim A. Snyder brengt de bibliotheekmedewerkers in beeld die, door zich niet klakkeloos neer te leggen bij wat van bovenhand wordt opgelegd, in de vuurlinie terechtkomen. De link met Fahrenheit 451 en 1984 – twee boeken die ironisch genoeg ook verbannen worden – is helaas niet ver weg, waar de documentaire aan de hand van filmfragmenten en quotes ook op inspeelt.
Dat zulke taferelen kunnen gebeuren in “the land of the free” is op zijn zachtst gezegd beangstigend. Deze gebeurtenissen belichten is dan ook noodzakelijk, alleen doet de documentaire dit soms net iets te eenzijdig en speelt men vooral in op emoties als woede en verontwaardiging. Door zodanig te focussen op chronologie ontbreekt bovendien diepgang in waarom net die titels verbannen worden en waarom dit onterecht is. En dat terwijl net bibliothecarissen de kracht van woorden zouden moeten kennen. (Evh)
“The Librarians” met Suzette Baker, Becky Calzada. Regie: Kim A. Snyder. Usa 2025. Score: 7,5/10.
April
Het grotendeels clandestien opgenomen April – de terechte laureaat van de speciale juryprijs op het filmfestival van Venetië – gaat over een verloskundige die illegale abortussen uitvoert en onder vuur komt te liggen nadat een bevalling in de kraamkliniek waar ze werkzaam is, fataal afloopt. Met haar lang aangehouden sequentieshots, deprimerende setting, benepen beeldformaat en afstandelijke regie (zelfs in de schaarse dialoogscènes is de camera amper op de betrokken personen gericht) ontpopt de Georgische cineaste Dea Kulumbegashvili zich als een erfgename van Jonathan Glazer. Deze even kille als strak afgemeten stijl nodigt allerminst uit om vrolijk te worden, waardoor April niet voor iedereen zal weggelegd zijn. Toch herleidt Kulumbegashvili cinema weer tot zijn naakte essentie (een verhaal vertellen aan de hand van beelden) en wekt daarmee een beklemmende sfeer op die diepe sporen nalaat. (DiVB)
“April” Met Ia Sukhitashvili, Kakha Kintsurashvili. Regie: Dea Kulumbegashvili. Georgië, Italië, Frankrijk 2025. Score: 8/10
Urchin
Met zijn regiedebuut begeeft de Britse acteur Harris Dickinson (bekend van Triangle of Sadness en Babygirl) zich in het vaarwater van zijn landgenote Andrea Arnold, al bezit z’n film niet diezelfde urgentie of dramatische spankracht. Urchin handelt over een dakloze jongeman (Frank Dillane) die zijn dagen slijt in de straten van de Engelse hoofdstad en halsstarrig probeert te ontsnappen uit een vicieuze cirkel van verslaving, geweld en armoede.
Urchin is bedoelt als een scherpe aanklacht tegen het falende overheidsbeleid. Voor de film putte de nieuwbakken regisseur uit z’n persoonlijke ervaringen, toen hij als vrijwiliger ondersteuning bood aan mensen zonder een wettige verblijfplaats. Daardoor heeft de prent misschien wel een hoog realiteitsgehalte, maar langs de andere kant wordt het allemaal zo conventioneel voorgesteld en repetitief (soms op het vervelende af), dat je Dickinsons eerste proeve achter de camera bezwaarlijk een sterk visitekaartje kan noemen. (DiVB)
“Urchin” Met Frank Dillane, Amr Waked. Regie: Harris Dickinson. Uk, Usa 2025. Score: 4,5/10
Donderdag 16 Oktober – Zaterdag 18 Oktober
We geven u nog de laatste reviews mee voordat het festival op zondag eindigt. U krijgt dan van ons ook nog een overzicht en een blik op het palmares.
Last Night I Conquered The City of Thebes
Onderweg naar de ruïnes van oude Romeinse thermen praat een groep vrienden uitvoerig over een felbevochten strijd die ze voerden in een online oorlogsspel. Eens ze de warmwaterbronnen ontdekken worden de gesprekken serieuzer, alsof het baden de jonge mannen aanzet om hun onzekerheden, angsten en verlangens tegen elkaar uit te spreken. Iets later maken we een flinke sprong terug in de tijd en volgen we gelijkaardige conversaties tussen Romeinse soldaten die hun oorlog, geen digitale dus, bespreken op exact dezelfde plek. Op zich is die tegenstelling een interessante basis voor een meditatieve exploratie van mannelijkheid en vriendschap, maar Gabriel Azoríns’ film blijft ter plaatse trappelen en glijdt snel af in een te lange en weinig inspirerende aaneenschakeling van statische shots – mooie fotografie, dat wel – en monologen die de beoogde emotionele diepgang niet echt waarmaken. Last Night I Conquered The City of Thebes had veel beter gewerkt als een kortfilm van pakweg dertig minuten. In deze vorm is het echter pijnlijk merkbaar dat Azorín niet weet hoe hij de speelduur (net onder de twee uur) moet rechtvaardigen waardoor het allemaal eerder geïmproviseerd, hol en zelfs pretentieus aanvoelt. (PV)
“Last Night I Conquered The City of Thebes” Met Pavle Cemerikic, António Gouveia. Regie: Gabriel Azorín. Spanje, Portugal 2025. Score: 4,5/10
Nuestra Tierra
De documentairefilm Nuestra Tierra koppelt de moord op mensenrechtenverdediger Javier Chocobar aan de koloniale geschiedenis van Latijns-Amerika. Hoewel de brutale aanslag op het leven van de inheemse leider werd vastgelegd op video, kwamen de daders al na ekele jaren weer op vrijersvoeten. Nuestra Tierra had de grote comeback moet inluidden van Lucrecia Martel, een klinkende naam binnen de Argentijnse cinema. De regisseur komt echter niet veel verder dan een vrij droge reconstructie van deze ophefmakende rechtszaak. (DiVB)
“Nuestra Tierra” Met Javier Chocobar, Comunidad Chuschagasta. Regie: Lucrecia Martel. Argentinië, Usa, Mexico, Frankrijk, Nederland, Denemarken 2025. Score: 6/10
Magic Farm
De Argentijns-Spaanse regisseur Amalia Ulman levert met haar tweede langspeelfilm een eigenzinnige satire over leeghoofdige mediacultuur en exotisme. Door een misverstand belandt een Amerikaanse documentaireploeg in een afgelegen Argentijns dorp en probeert samen met de lokale bevolking een online hype te creëren om hun project boeiend te houden, terwijl een gezondheidscrisis op de achtergrond woedt en de culturele afstand voelbaar blijft.
Ulman, die zelf Elena vertolkt, fileert met visuele bravoure de oppervlakkige drang van westerse media om ‘authenticiteit’ en entertainment te vinden in andermans realiteit. De crew (met Simon Rex en Alex Wolff) onthult in hun poging een virale trend te verzinnen, vooral hun eigen leegte en culturele onbegrip. Een scène waarin Jeff (Wolff) trots een esthetische graffiti fotografeert die eigenlijk een vulgaire uitnodiging blijkt, vat de ironie van de film perfect samen.
De campy kleuren en visueel uitdagende keuzes versterken de parodie, terwijl thema’s als seksualiteit, taalbarrières en sociale media raak worden aangestipt. De soundtrack van Burke Battelle, die reggaeton en experimentele beats vermengt, draagt bij aan de speelse energie van de fisheye-lenzen en GoPro’s bevestigd aan buurthonden.
Toch blijft de film niet altijd even scherp: sommige grappen zijn te nadrukkelijk en sommige personages, zoals dat van Chloë Sevigny, gaan verloren in de chaos van het geheel. Wat overblijft, is een absurde en levendige, maar oneven satire die haar boodschap niet volledig weet te verzilveren.(Kd)
“Magic Farm” Met Chloë Sevigny, Alex Wolff, Simon Rex. Regie: Amalia Ulman. Usa, Uk, Argentinie 2025. Score: 7/10
Dreams
Voor Dreams ging regisseur Michel Franco (Sundown, Memory) opnieuw in zee met de Amerikaanse steractrice Jessica Chastain. Franco neemt de migratieproblematiek als vetrekpunt om de stormachtige affaire te schetsen tussen een manipulatieve society-vrouw (Chastain), die het zakenimperium van haar vader mee ondersteund, en een getalenteerde Mexicaanse balletdanser zonder papieren. Seks lijkt het enige te zijn wat hen aan elkaar bindt, in een film waarin machtsverhoudingen aan het wankelen gaan, maar die zo monotoon is, dat hij volledig spaak loopt door een gebrek aan geloofwaardigheid. (DiVB)
“Dreams” Met Isaac Hernández, Jessica Chastain. Regie: Michel Franco. Mexico, Usa 2025. Score: 4/10
Omaha
Beloftevol regiedebuut van Cole Webley. Daarin volgt hij een Amerikaanse weduwnaar die door de economische crisis z’n hele hebben en houden verliest en een roadtrip onderneemt met zijn kroost – wat verderop in het verhaal wel een totaal andere invulling krijgt. Met zijn rechtlijnige plot lijkt Omaha initieel niet veel om het lijf te hebben. Toch weet Webley secuur weer te geven wat het gezin doormaakt. Onderweg kent de prent een paar kleine inzinkingen, maar los daarvan is Omaha vrij van meligheid of overdreven sentiment. De levensechte, spontane vertolkingen van beide kinderen tilt de film uit tot ver boven de grijze middelmaat. (DiVB)
“Omaha” Met John Magaro, Molly Belle Wright. Regie: Cole Webley. Usa 2025. Score: 7,5/10
Palmares en Terugblik
Op zondag 19 oktober vond nog een laatste publieksdag plaats op Film Fest Gent, maar voor onze perslieden is het doek reeds gevallen over deze rijkgevulde 52e editie. We blikken hierbij graag nog even terug op het palmares.
Zaterdagavond maakte de internationale jury, die onder leiding stond van kersverse Joseph Plateau-winnares Theresa Russell, bekend dat ze uit een selectie van in totaal twaalf titels de Grand Prix voor beste film toekenden aan The Voice of Hind Rajab van de Tunesische regisseur Kaouther Ben Hania.
Het stond reeds in de sterren geschreven dat The Voice of Hind Rajab aan het langste eind zou trekken, want het is duidelijk dat de prent een gevoelige snaar weet te raken. Ook de jury werd kennelijk diep getroffen door Ben Hania’s “oproep tot menselijkheid”, dixit het persbericht. Ben Hania slaagt erin de hulpeloosheid van een meisje dat vast komt te zitten in Gaza stad en belegerd wordt door troepen van het Israëlische leger zeer tastbaar te maken. De jury prijst deze prent dan ook als “een daad van verzet die een herinnering bewaart die nooit vergeten mag worden”.
Dat neemt niet weg dat de Enola filmredactie toch bedenkingen maakt bij de keuze om The Voice of Hind Rajab (die door deze bekroning een distributiepremie van 20.000 euro ontvangt, een mediacampagne krijgt ter waarde van 30.000 euro, en in ons land op 19 november zal worden uitgebracht door Cinéart) naar voren te schuiven als beste film. Zoals onze hoofdredacteur David Vanden Bossche reeds in zijn recensie stelde zijn de getoonde gebeurtenissen in The Voice of Hind Rajab wraakroepend en dienen deze in de in de sterkst mogelijke termen te worden veroordeeld, maar is het moeilijk om duidelijk te stellen dat een film als deze niet zo goed is, aangezien men er dan maar meteen vanuit gaat dat je ook de aanklacht of boodschap die erin besloten ligt, verwerpt.
Daarnaast kan je er ook niet omheen dat de officiële competitie toch bestond uit enkele grote kleppers (Sound of Falling van Mascha Schilinksi bijvoorbeeld of het visueel verbluffende Resurrection van Bi Gan) en we verder zeker nog genoten hebben van de atypische caperfilm The Mastermind en het tragikomische The Love That Remains (Ástin Sem Eftir Er).
Die laatste krijgt overigens de ‘special mention’ van de jury, die de prent omschrijft als “een hoogst originele en poëtische film die zowel emotioneel als artistiek resoneert, met een speelse mix van humor en menselijkheid”. De film van de Ijslandse regisseur Hlynur Pálmason volgt een familie die probeert haar evenwicht terug te vinden na een scheiding, en overstijgt volgens de jury de conventies van het familiedrama door tedere poëzie, surrealisme en een vleugje zwarte humor.
Muziek heeft echter altijd een grote plaats ingenomen op Film Fest Gent, en dat is dit jaar uiteraard niet anders. Naast de World Soundtrack Awards beklemtoont het festival telkens de essentiële rol voor muziek en geluid in cinema via de Georges Delrue Award, die dit keer ging naar Bario Triste, waarmee de Colombiaans-Amerikaanse fotograaf en videoclipregisseur Stillz zijn lansspeelfilmdebuut maakt. De jury motiveert hun keuze alsvolgt: “een nachtelijke afdaling in de ingewanden van een ruige wijk in Medellín, en een film die rauw, droog en meeslepend is”.
Tijdens de cinefiele marathon konden we wel meerdere sterke debuutfilms ontdekken. Zo stak het imponerende The Chronology of Water van Kristen Stewart, dat deel uitmaakte van het Explore Zone parcours, er voor ons met kop en schouders bovenuit. De vijfkoppige jongerenjury koos er echter voor om een ander langspeelfilmdebuut in de bloemetjes te zetten. Zij reikten vrijdagavond al hun Explore Zone Award uit aan het fel gesmaakte Blue Heron van de Canadees-Hongaarse cineaste Sophy Romvari, waarin ze inzoomt op een achtjarig meisje wiens kindertijd wordt overschaduwd door het onhandelbare gedrag van haar oudste broer, dat buitensporige proporties aanneemt. Volgens de jury is Romvari’s film “een attest van zeldzame gevoeligheid en eenvoud, waarin het gezin met respect wordt geobserveerd en desoriëntatie mag blijven hangen. Verder zien ze de film ook als “een geduldige verkenning van een jeugdtrauma: warm en puur, maar ook kwetsbaar en eerlijk”.
Tot slot kende de jongerenjury ook een special mention toe aan Anything That Moves van Alex Philips. De volgens hen heerlijk uitzinnige zwarte komedie handelt over een sekswerkende fietskoerier die in een lastig parket terechtkomt wanneer zijn klanten dood worden aangetroffen. Gefilmd op Super 16 mm combineert de prent volgens de jury “camp, erotiek en retrothrills tot een koortsachtige ode aan seksuele vrijheid”.
(DiVB)


