“In my darkest hours, when I feel like I’ve got nothing … I know we’re all looking for something, well I’ve never had high hopes.” Finn Andrews ziet deze tijden met zorg aan en twijfelt op Fragile World tussen wanhoop en optimisme.
Album Acht, en veel is er niet veranderd in de wereld van The Veils. Ook nu laat Finn Andrews weer horen wat voor sterke songsmid hij is. De verschillen met de vorige platen zitten in de nuances. En dat is natuurlijk het punt na al die jaren: The Veils is een universum op zich geworden, een vertrouwde, warme wereld. Elke plaat klinkt bij de eerste paar luisterbeurten bekend, het is pas nadien dat je de verschillen gaat horen. En zo is ook dit Fragile World weer anders dan het Asphodels waar het krap anderhalf jaar na komt.
Was …And Out Of The Void Came Love, dat jaren lockdownwerk samenvatte, een staalkaart van fifty shades Veils, dan liet Asphodels de naakte, uitgeklede, bijna eenzame Finn Andrews horen. Fragile World is daar opnieuw een reactie tegen en is rijker, met meer – en toch altijd subtiele – arrangementen. Je merkt het aan de ambient overgangen tussen de songs, waarin soundscapes het ene nummer soms in het andere doen overgaan. De toetsen waarmee “Little White Bird (Fragile World)” opent, zouden zo van James Blake geleend kunnen zijn.
Dit zijn songs die zich langzaam laten kennen. Het duurt een paar beurten, maar dan ontvouwt “Lungs” zich tot een sterkhouder. “I wish there was somewhere we could go / Somewhere my heart will not succumb”, zingt Andrews. “I want to hear it in my voice / I want to feel it in my lungs.” Zijn piano danst, de drums en het mooi openbarstende arrangement houden het levendig.
Soms gaat het nergens heen. Dan is er niets meer dan die wereld, die klank, maar geen song. Titelsong “Little White Bird (Fragile World)” loopt net geen vijf minuten in cirkels, maar nooit voel je waar Andrews naartoe wil. Ook “The Widening Dark” is eerder vaag en kabbelt voorbij over een elektronisch laagje.
Het beste is de eindspurt. Eerst die pianoaanslagen van “My Foolish Heart” waar je al van de eerste keer aan blijft hangen, dan de rest van een groots nummer en ten slotte “These Are The Days”, dat de Nick Cave van Push The Sky Away in herinnering brengt. Hoe Andrews daar de sfeer zet en een synthje de melodie kracht bijzet, is knap, maar het is toch vooral zijn stem die de boel draagt. Je hoort daar hoe Tom Healy (Tiny Ruins) als producer straf werkt heeft geleverd.
Afsluiten doet Andrews met Sinéad O’Connors “In This Heart”. Het is een uitwuiven, een nagedachte die charmant is, maar ook niet levensnoodzakelijk en dat tekent Fragile World. Dit is geen essentiële Veils, wel een zoveelste mooie toevoeging aan een groeiend oeuvre.




