The War on Drugs :: I Don’t Live Here Anymore

Er is geen ontkennen aan: The War on Drugs geeft op I Don’t Live Here Anymore alwéér een masterclass in klassieke songsmederij.

Er is veel te doen geweest rond het feit dat de nieuwe lp van The War on Drugs bijna vijfenveertig euro kost. Terecht. Het zijn dat soort praktijken die onder het mom van hippe exclusiviteit en het uitmelken van het ‘authentieke gevoel’ ironisch genoeg de lokale authentieke platenboeren – wat koketteren we er toch graag mee hen zo hoog in het vaandel te dragen – overkop jagen.

Dat is natuurlijk niet de schuld van The War on Drugs. Behalve hun constante stroom kwalitatief hoogstaande muziek, kan hen niets aangewreven worden sinds ze in 2014 de overstap maakten van indie naar mainstream. Zoiets waarmaken zonder je broek af te steken of aan kwaliteit in te boeten, is niet iedereen gegeven. De Black Keys overkwam hetzelfde tien jaar geleden, maar ondertussen hebben die zich opnieuw diep ondergronds ingegraven, wars van enige commerciële logica. Dat siert hen, maar The War on Drugs zijn anders, zij zijn geen dwarsliggers. Iederéén houdt van Adam Granduciel en co. Je hoort ze voorbijkomen op StuBru, maar evengoed op Radio 1 en 2 of Willy.

En nóg is dat geen reden om hen af te vallen omdat ze niet cool genoeg zouden zijn, zó tijdloos zijn ze. Hun kracht is het uitvergroten van pure en herkenbare emotie. Keep it simple, maar dan op stadionformaat. Ze ademen een oprechtheid uit zonder te vervallen in karamellen Coldplay-pathetiek.

Nochtans zijn de teksten van Granduciel op dit album (net als op de vorige trouwens) eerder schetsmatig en wollig te noemen. Zo werpt “Sometimes forwards is the only way back” uit het verder prachtige “Harmonia’s Dream” zich nu al bij hippe godsdienstleraren op als favoriet voor een bezinningsmoment. Zeven jaar na Lost in The Dream worden we bovendien nog steeds meermaals geconfronteerd met Granduciel die, immer zoekend, veelvuldig – welja – verloren loopt in een droomwereld.

Kwatongen kunnen tegenwerpen dat The War on Drugs vaak hetzelfde doet, maar daar tillen wij niet aan. Vertrouwdheid, die veilige thuishaven voor het zwalpende schip, lokt de warmste gevoelens uit. Als binnen een familie de moemoe sterft, zal men het meest liefdevol terugkijken op de wekelijks identiek terugkerende stamppot op het midden van de tafel, en niet op die ene keer toen ze zich aan kip teriyaki waagde, omdat nonkel Frans ‘eens iets anders wilde’.

Wel, I Don’t Live Here anymore is zo een dampende pot stoemp geworden. Vier jaar sinds A Deeper Understanding heeft dit album staan pruttelen waardoor alles perfect uitgewogen is en de schijnbaar eenvoudige basis van bas, drum, synth en stem een haast onpeilbare diepgang krijgt. Of je nu alleen in de zetel zit, of midden tussen de massa in een stadion, het klinkt allemaal zó dichtbij dat het lijkt alsof de groepsleden gezellig rond je staan te musiceren en Granduciel de teksten in je oor fluistert. De zang met dat Springsteeniaanse timbre, de spinnende gitaarsolo’s en de welgemikte synthesizervegen in het op een drumpatroon meanderende “I Don’t Wanna Wait” klinken allemaal heel eighties en vertrouwd aan. ‘Maybe I was born in the wrong way / maybe born on the wrong day’: Granduciel mag dan meermaals zingen het spoor bijster te zijn, muzikaal zit The War on Drugs helemaal in balans, wat een vruchtbare bodem vormt waarop de eerder genoemde teksten geloofwaardigheid kweken.

Er vallen wel degelijk ook verschillen met vroeger te noteren. Zo zijn de nummers gebalder geworden: het merendeel klokt af onder of net rond de vijf minuten. Dat is nog steeds geen bubblegumpop-standaard, maar weg zijn de meanderende gitaarsolo’s in nummers van acht of negen minuten en dit verleent het album toch een gebalde focus. Wie op play duwt, hoort één constante flow waaruit het moeilijk hoogtepunten plukken is, of de band nu op kousenvoeten binnen komen schuifelen zoals in “Living Proof” of het titelnummer tot een powerballad laat aanzwellen met teksten over dansen op Bob Dylan’s “Desolation Row” in combinatie met een riffje dat doet denken aan “Bette Davis Eyes” van Kim Carnes.

I’m a victim of my own desire / should I keep moving?’ zingt Granduciel in “Victim”. Moge hij nooit het antwoord vinden, want de zoektocht is waardevoller dan de uiteindelijk nagestreefde gemoedsrust,. En de soundtrack is ook beter, want I Don’t Live Here Anymore is een War on Drugs grand cru. Weeral.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × een =