Thom Yorke :: Tomorrow’s Modern Boxes

Op Tomorrow’s Modern Boxes is Yorkes klepel doorgeslagen naar het digitale instrumentarium. Voer voor critici, maar vooral voor mensen die nog met open vizier willen luisteren naar muziek.

De ene dag laat-ie weten dat Radiohead in de studio zit, de volgende dag gooit hij een onaangekondigde soloplaat op het internet middels een welgemikte middelvinger naar “the self elected gate-keepers” – Yorke weet al langer dat hij solo dan wel als lid van Radiohead of Atoms For Piece geen uitgekiende promocampagne nodig heeft: een klein beetje mysterie doet ook wonderen. Voor €6 kreeg u Tomorrow’s Modern Boxes in legale digitale vorm; voor muzieknerds (schuldig) en mensen die net als Jennifer Lawrence de cloud geen warm hart toedragen, is er de deluxe-vinyl voor een ruwe €40. Heavyweight vinyl, verpakt in dubbele bordkartonnen hoezen en een gelamineerde, hersluitbare anti-statische plastic zak die elders alleen gebruikt wordt om elektronische componenten van elektromagnetische interferentie te vrijwaren.

Ik zou het hier uitvoerig kunnen hebben over hoe revolutionair of simpelweg bad-ass het al dan niet is om je plaat te verspreiden via BitTorrent, voor veel hoge piefen in de industrie de nagel aan de doodskist van hun tanende winstmarges. Dat ga ik hier niet doen, omdat dit een recensie is en omdat een recensie nog steeds over muziek moet gaan. (Net zoals ik het hier niet ga hebben over de idiotie van vermeende ‘recensies’ door journalisten die de plaat een halve dag hebben kunnen beluisteren en dan al menen ieder nummer doorgrond te hebben. Dat is gewoon beledigend voor zowel journalisten als artiesten).

Wat ik daar wel kort over kwijt kan: ten tijde van In Rainbows zag Radiohead het pay-what-you-want-model als een oplossing voor hún band, niet voor de hele industrie. Hetzelfde geldt wat mij betreft voor wat Yorke anno 2014 doet: het zijn niet de middelen die hem hier de nodige aandacht opleveren, als wel Yorke die de middelen de nodige aandacht oplevert. Een kleine vis die via BitTorrent op een week tijd meer dan een miljoen platen slijt, dat zit er nog niet aan te komen.

Radiohead heeft jaren geleden geherdefinieerd hoe een moderne rockgroep kon klinken. Niks mis met een klassieke opstelling van de manschappen, maar dat wil niet zeggen dat ontmantelde technostructuren, elektronische mengelmoezen en vlagen EDM geweerd moeten worden of dat soundscapes niet de aderen van een rockplaat kunnen uitmaken. Elektronische apparatuur is ook een instrument, en dat is op Yorkes tweede soloplaat in acht jaar tijd het onmisbare devies geworden. Het enige instrument met analoge potentie op Tomorrow’s Modern Boxes blijkt een piano te zijn, al wordt die met momenten zo door de mangel gedraaid dat ze vooral als beats gaat klinken. En wie dacht dat Yorke op zijn vorige solo-excursie al verfde in grijstinten, mag zich opmaken voor een nog spaarzamer palet. Kijk naar de hoes van de plaat, en je weet al heel wat: een schetsmatige, geometrisch ondefinieerbare figuur hangt in dreigend gifgroen en tegen een kleurloze hemel boven een grijs onwerelds maanoppervlak vol putten geordend in een abstract ruimtelijk ritme.

De helderste auditieve pendant van die hoes is het fantastische “The Mother Lode”, dat klinkt als een donkere mistvlakte waarop in de verte amper ontwaarbare schimmen dansen. Afrobeat stuitert om je heen, de elektronica kolkt en broeit onderhuids, terwijl Yorkes hoge stem de band met een emotionele belevingswereld vasthoudt – al is die band niet noodzakelijk prettig (The knife behind the curtain / Your truth is out of their league / Can’t see a way out of this one / The legs will jerk but nobody listens). De wereld waarin Tomorrow’s Modern Boxes zich ophoudt, lijkt met momenten post-apocalyptisch: “Pink Section” is de achtergrondruis van huilende atoomwinden over een kaalgeslagen landschap, een door het moderne leven aan zichzelf overgeleverde duistere uithoek waarin subtiele pianomotiefjes voor enig warm sterrenstof zorgen.

“There Is No Ice (For My Drink)” gedijt op hoppende beats en onbestemde ijlingen met Yorke die ergens in de verte een onverstaanbaar mantra staat te declameren. Er is geen doel in zicht, tenzij spielerei in elektronische proposities. Logische syllogismen in elektrostatische tonen, waar logica het pleit uiteindelijk verliest tegen indrukken, stemmingen, zachte hartkloppingen. Dat is essentieel voor wie deze plaat wil begrijpen. Yorke heeft geen songs gepend, wel oefeningen in universumbouwen, klopgeesten van een tijd waarin het leven zich steeds meer is gaan afspelen in elektronische circuits die dat leven niet altijd warmer gemaakt hebben.

Het leven dat zich ophoudt tussen twee beats, de stilte tussen twee dreunende soundscapes: daar is Yorke halsstarrig naar op zoek gegaan. Je kan dat afdoen als bullshit voor yuppen en muzieksnobs, en ik ben ervan overtuigd dat veel mensen Tomorrow’s Modern Boxes snel zullen catalogiseren als het geluid van iemand die stilaan denkt dat alles wat-ie doet in goud verandert. Het klopt dat Yorke hier af en toe te veel ruimte laat voor oeverloze mijmeringen, maar dat is slechts bij uitzondering het geval. Voorspelbare spanningsbogen, popfrivoliteiten of extase-opbouw zijn gewoon niet waar deze plaat in dealt. In ruil krijg je, zoals in “A Brain In A Bottle”, beats die gejaagd heen en weer spurten tussen het linker- en rechterkanaal van je koptelefoon, dampende bassbeats die kolken maar nooit met losse teugels vrij spel krijgen.

En al wie klaagt dat er op deze plaat niet te dansen valt, moet dringend leren dansen als Thom Yorke.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee + negen =