The Killers :: Battle Born

Heet, heter, heetst. Het leven in Las Vegas doet al eens wat met een mens. Heb je als toerist geen zin om wat te gaan gokken, dan duik je een van de vele neonkleurige etablissementen in en vergeet je je zorgen op een andere manier. Als effectieve bewoner van de veelkleurige woestijnstad zijn de opties vast wat schaarser. Of je neemt deel aan het grote complot om die arme toeristen in recordtijd van hun spaarcenten te ontdoen, of je start een rockgroep en je verovert de hele wereld. In ieder geval, vergeet je pornosnor niet.

The Killers zijn een van die uiterst zeldzame groepen die als sinds de eerste plaat een compleet eigen sound hebben gevonden. Op het eerste gehoor lijkt Battle Born dan ook moeiteloos verder te gaan op het vorige elan. De band koppelt filmische, muzikale scènes aan literair aandoende teksten. Voeg daar wat eenvoudig klinkende synthesizerloops aan toe, meer weltschmerz dan zelfs de gemiddelde goth aankan en tot slot een dijk van een remix gemaakt door een hippe underground-dj, et voila! Iedereen klaar voor een uitverkochte wereldtournee? Nee? Mooi zo. Laten we hier dan maar meteen op de rem gaan staan en alles eens wat beter beluisteren.

De plaat opent met “Flesh And Bone”; een vreemd nummer gesteund op een bizar Tetris-achtig klinkend deuntje waarin vooral de tekstuele vaardigheid van Flowers en co naar voren komt. Niet meteen een aandachtstrekker, maar dat schoonheidsfoutje wordt snel goed gemaakt met “Runaways”, het eerste hoogtepunt op het album. Het nummer heeft dezelfde pompende kracht als “When You Were Young” en verdient een eeuwigdurende plek op de setlist van de band. Dit is het nummer dat je doet verlangen naar meer, maar je pijnlijk genoeg op je honger laat zitten. “The Way It Was”, “Here With Me”, “Miss Atomic Bomb”, “Be Still” en zowat driekwart van de verdere tracklist wijkt af van het te volgen pad dat door de eerdere drie platen van de groep zo voorzichtig werd uitgestippeld.

Het zijn nummers waarop de typische licht-kitscherige vorm van glamrock waarop de groep een patent heeft ontbreekt. Geen knallende gitaren of drumsalvo’s, geen grapjes over anal probing, en geen langverwacht bevredigend lyrisch slotstuk over die rondborstige blondine op zoek naar een behaarde gentlemen. Bereid je echter voor op Flamingo 2.0. Nu-country en makkelijk verteerbare akkoorden en solootjes die je luidop zullen doen afvragen of je hier nu drie jaar op heb zitten wachten. We willen gerust aannemen dat woestijnzand kruipt waar het niet gaan kan, but baby; we’re not in Vegas anymore…

Het is niet de bedoeling het leeuwendeel van Battle Born af te schilderen als oergezapig en erectievernietigend, maar het klinkt niet als materiaal dat je verwacht op een album van the Killers. Het enige nummer dat je doet ontsnappen aan een inferno van countryreflux is – ironisch genoeg – de remix van “Flesh And Bone” van Jacques Lu Cont. Net zoals de Fransman er in slaagde Flowers en co te lanceren met een sublieme versie van “Mr. Brightside”, zorgt hij hier voor het tweede en laatste lichtpunt op het album. Jammer genoeg is het nummer alleen beschikbaar op de deluxeversie van Battle Born. 2012 het jaar van de comeback? Niet als het van mijn pornosnor afhangt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf − vijf =