The Killers :: 17 juni 2013, Vorst Nationaal

Een best of, voorgeschoteld door een band die speelde alsof het de allerlaatste keer kon zijn. In Vorst gaven The Killers alle criticasters moeiteloos lik op stuk.

Gisteren was het dan eindelijk zover. Voor het eerst sinds juli 2009 maakten The Killers hun opwachting op een Belgisch podium. Oorspronkelijk stond het blitzbezoek van de zandrakkers uit Nevada gepland voor maart, maar daar stak een hardnekkig virus een stokje voor. Maar goed, van uitstel kwam — in dit geval — gelukkig geen afstel. Hoewel, dat voorprogramma; dat hadden ze gerust thuis mogen laten.

Most Thieves, een Spartaans uitziend collectief uit fabulous Las Vegas, bleek heel wat maten te klein om het presente publiek op te kunnen warmen. De Amerikanen hadden duidelijk niet gerekend op de toch wel lichtjes speciale geluidsweerkaatsing die Vorst rijk is, waardoor zowat al hun nummers bedolven werden onder een pijnlijk galmende geluidsbrij. Professioneel als ze waren, lieten ze dat natuurlijk niet aan hun hart komen, maar wanneer het publiek geen snars begrijpt van wat de zanger staat te verkondigen, dan is er als concerttempel misschien wel wat werk aan de winkel. Het is onbegrijpelijk hoe Vorst op dat vlak de bal finaal mis blijft slaan. Naast de misselijkmakende geluidsgolven is Vorst Nationaal bovendien ronduit levensgevaarlijk voor iedereen die het aandurft om tijdens het optreden nog rond te wandelen: slecht aangegeven niveauverschillen, onbestaande verlichting, doodlopende uitgangen… Maar ja, waar trek je als middelgrote band met een geplande stop in België heen? Location, location, location, dat begrijpen ze in Vorst maar al te goed.

Wanneer The Killers om iets na negen aan hun set beginnen, daalt een aantal mensen op een erg onorthodoxe manier van de hogere niveaus naar de parterre af. Hoewel dat gedeelte van de zaal nog meer dan genoeg plaats bood, werd al snel aan vele fans de toegang geweigerd door de stewards. De eerste noten die de zaal worden ingestuurd, lijken de harde hand van de zaalmedewerkers toch te versoepelen. Met een grootmoedige glimlach gaan de deuren naar een broeiend heet paradijs weer open en na de gemoedelijke verwelkoming van Brandon Flowers is het tijd om de gemiste avond in maart helemaal in te halen.

Met een rotvaart wordt het optreden afgetrapt: “When You Were Young”, “Spaceman” en “Smile Like You Mean it” volgen elkaar in een duizelingwekkend snel tempo op. “This River is Wild” en “Bling (Confessions Of A King)” doen de temperatuur alleen maar stijgen. Het enige rustpunt in de eerste helft van de set is het gretig meegezongen “The Way It Was”, een van de nummers uit Battle Born; de directe aanleiding tot de huidige tour. Hoewel de band nooit een gebrek heeft gehad aan hitgevoelige meezingers, is Flowers toch zichtbaar verbaasd wanneer het publiek, voor de gelegenheid getransformeerd tot een veelkoppig monster, de zanglijn uit “Somebody Told Me” helemaal overneemt. Kirrend van extase gaat de massa een aantal keer de dialoog met Flowers aan; niet onbelangrijk als je ziet hoe de zanger geniet van de aandacht.

Het tweede deel van het optreden ontpopt zich tot een waar fanfestijn. The Killers weten duidelijk welke nummers door de zaal gejaagd moeten worden om het publiek als één zwetend organisme in extase te brengen. Op de tonen van “A Dustland Fairytale” wordt het lyrische verhaal van het nummer geprojecteerd aan de hand van een country-Assepoester en haar cowboy, “Read My Mind” wordt luchtig als een wolkentapijt ingezet en “Runaways” krijgt met wat strategisch getimede vuurpijlen een rokerig duwtje in de rug.

Doorheen het optreden krijg je als luisteraar nooit het gevoel dat Brussel gewoon een van de vele stops is op een lange, slepende route en wanneer een band opent met tracks die doorgaans een plek krijgen aan het einde van de set, dan weet je dat er iets speciaals staat te gebeuren. Naar het einde van het optreden toe maakt Flowers een verwijzing naar het Belgische motto: l’union fait la force, of in de taal van Shakespeare: unity through strength. Met wat goede wil hoor je daarin een subtiele allusie naar een band die het creatieve ego van zijn frontman wist te aanvaarden; een band die deed wat het moest om te overleven. Om het met een andere tijdloze boutade weer te geven: What happens in Vegas, stays in Vegas. Op de tonen van het nu al onsterfelijke “Mr. Brightside” namen The Killers in stijl afscheid van het Brusselse publiek. “Wave goodbye, wish me well”, de laatste regels van een ijzersterke band, op handen gedragen door een dankbaar publiek.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 2 =