Peaking Lights :: 936

”All the sun that shines, all the sun that shines shines for you”, dat zinnetje moet zelfs op Oscar Mopperkonts’ gezicht een gelukzalige glimlach tevoorschijn toveren. Toch? Bij ons werkt het in elke geval wél; deze dubpop-duo’s tweede turnt bij elke luisterbeurt het grijze, druilerige straatbeeld om in een zonovergoten strandlandschap.

De muziek van Aaron Coyes en Indra Dunis mag op 936 dan wel licht en opgewekt klinken, in een reiskoffer met bestemming de Caraïben zal ze niet snel een plekje krijgen. Daarvoor is de combinatie van dub, psychedelica, lo-fi en krautrock te weird, is er van de lang uitgesponnen nummers een hoekje teveel af. Wazige orgelpartijen, out of tune -gitaren en spaarzame vocals worden door het koppel over repetitieve drumloops en vette dubbassen uitgestrooid en daardoor ontstaan acht bedwelmende songs.

Zo is het beluisteren van “Hey Sparrow” als in een beslapen bed het warme deken nog eens over je heen trekken. De lome bas, gammele orgel en Dunis’ mijmerende zang ensceneren een droomwereld waarin Alladin, na het nog eens fors lurken aan een chillum, op zijn vliegende tapijt koers zet richting Wall Street. Daar tovert hij met de hulp van een colonne ringgeesten de beurs om in een in fluorkleuren badende hippiecommune waar staatsobligaties worden opgerookt al ware het de beste ganja ever . Check trouwens ook eens de bijhorende videoclip en leer hoe een roodharig tienermeisje aan haar moddervoeten komt en kennismaakt met een uit vuilnisbakken opgetrokken vogelverschrikker.

“Amazing and wonderfull” verkopen Coyes en Dunis zelf als positive dub . Goede marketing managers zullen ze dan ook wel nooit worden want dit nummer is zovéél meer. De ratelende percussie roept dan wel associaties op met de geweldige intro van The Slits’ “Instant Hit”, in combinatie met de far out – gitaarlicks van Coys klinkt het nummer als iets helemaal nieuw. Ook “Birds Of Paradise” is met zijn mokerende ritmesectie en Dunis’ gescandeer fraai en het toegankelijkst is “All The Sun That Shines”. De Stereolab-achtige motoriek en de orgel- en baspatronen die refereren naar Lee “Scratch” Perry maken er een nummer van dat in door crusts bevolkte kraakpanden ongetwijfeld het effect van een splinterbom heeft. 936 ademt, net zoals de platen van Gong dat doen, dan ook een sfeer uit van wat wij teddybeer-anarchisme willen noemen. Maar in tegenstelling tot de composities van Daevid Allen – die soms in een kakofonie verzandden – lijken Coyes en Dunis elk stukje muziek minutieus in elkaar te puzzelen om tot dit wonderlijke geheel te komen.

Deze opvolger van het in 2009 uitgebrachte Imagenary Facons kreeg niet de aandacht die het verdient. In een rechtvaardige wereld haalt dit pareltje immers steevast het ereschavot van allerlei polls en ook wij kunnen ons dus wel voor het hoofd slaan het album niet eerder ontdekt te hebben. Zodoende misten we hun passage in het Gentse Dok, volgens sommigen één van de leukste concerten van het afgelopen jaar. Chokri?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 − 5 =