Foals :: Total Life Forever

Twee jaar geleden gaf Foals nog van jetje op het indoor festival Polsslag, dit jaar stond hij in het voorprogramma van Snow Patrol. Heeft de band een knieval gemaakt voor het succes en zijn mix van afrobeat, postpunk en mathrock vaarwel gezegd? Total Live Forever geeft vooralsnog een ontkennend antwoord, al is het verschil met Antidotes wel degelijk hoorbaar.

Antidotes was een plaat van jonge, eigenwijze honden die hun eigen weg nog moesten zoeken en daarbij soms te driest te werk gingen, getuige ook de keuze om David Siteks (TV On The Radio) productiewerk in de prullenbak te gooien en zelf met de opnames aan de slag te gaan. Op Total Life Forever focust de band zich op de songs waardoor deze ook meer ademruimte krijgen. Dat zorgt in albumopener "Blue Blood" voor een verrassende wending: Yannis Philippakis zingt zowaar. Uiteraard blijft hij als zanger (zeer) beperkt maar in tegenstelling tot op de vorige plaat durft hij het declamerend zingen in te ruilen voor een puurder zingen.

Muzikaal blijft alles bij het oude, al klinkt het nummer wel ruimtelijker alsof ditmaal niet alle muzikanten in eenzelfde kleine ruimte opgesloten waren. Hierdoor voelt het zelfs niet druk aan wanneer de verschillende bandleden zich allen gelijktijdig naar de voorgrond drukken. De vooruitgeschoven single "Spanish Sahara" is heel andere koek, want ook al is de gekende mix aanwezig in het nummer, de voorzichtige tred waarmee het nummer ontplooit en behoedzaam uitbarst, laten een band horen die zich minder gebonden voelt aan zijn voorbeelden en invloeden. Beide songs geven duidelijk te kennen hoezeer Foals gegroeid is zonder zijn debuutplaat af te vallen.

Tweede single "This Orient" is een minder gelukkige keuze: het nummer start als een afleggertje van Battles en weet ook daarna niet echt te boeien ondanks of vanwege zijn naar een groot publiek gerichte wave/postpunkgitaren. De hoekige titeltrack daarentegen weet wel te begeesteren. Grootgebracht in de schaduw van Antidotes heeft ook deze song voor het ruime sop en de vrijheid gekozen. Met het zomerse "Miami" heeft de band zelfs een alternatieve zomerhit in handen die op Pukkelpop geheid voor de nodige spastische dansbewegingen zal zorgen, waarna het kalme "2 Trees" ervoor zorgt dat men zijn ledematen even rust kan gunnen.

Ook "After Glow" kiest voor een langzame tred, al blijven de stotterende ritmes (evenals op "2 Trees") wel degelijk aanwezig. Ditmaal kiezen ze gewoon voor een plaats op de achterbank. Het grootste gevaar — dat bij het debuut ook al meermaals loerde — blijft jammer genoeg de herhalingstoets. Zo brengt "Alabaster" ondanks enkele industriële drumklanken weinig nieuws tegenover de andere songs, al weten "What Remains" en "Black Gold" die dans netjes te ontspringen. De eerste song kiest voor een wave-aanpak die voldoende verschillend is van de andere songs om niet (te) generisch te klinken terwijl "Black Gold" zich dankzij een duidelijke keuze voor Gang Of Four-verwante funkpunk zich voldoende onderscheidt van het peloton.

Total Life Forever is geen stijlbreuk, noch een afrekening met Antidotes, maar vormt wel een belangrijke stap voorwaarts voor de band. De songs op deze tweede plaat vissen nog steeds in dezelfde vijver, maar trachten ook meer (en met wisselend succes) een eigen identiteit op te bouwen. De Sturm und Drang van het debuut is ingeruild voor een meer doordacht aftasten van het eigen geluid en het intelligent verwerken van de verschillende invloeden en voorbeelden. Total Life Forever is geen teleurstelling voor wie Antidotes kon smaken, maar of de fans van Snow Patrol dat ook denken is een andere vraag.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 − 1 =