Los Abrazos Rotos





Met : Penélope Cruz, Lluís Homar, Blanca Portillo, José Luis Gómez,
Rubén Ochandiano, e.a.

En wéér gaat Pedro Almodóvar met lege handpalmen van Cannes naar
huis. Stiekem ben ik toch een beetje opgelucht. Begrijp me niet
verkeerd: Almodóvar is een fantastische regisseur en hij verdient
zeker een groot huis met bijbehorend tuinhok vol prijzen, maar
misschien niet de Gouden Palm voor ‘Los Abrazos Rotos’ dit jaar.
Als zijn tijd van beloning dan eindelijk gekomen is, laat ons dan
gloeiend heet van trots zijn en laat het dan voor zijn beste film
zijn. En dat is ‘Los Abrazos Rotos’ niet geworden. Wat op papier
een pareltje lijkt, is in het echt ook alles wat hij belooft te
zijn: een intrigerend drama over ziekelijke obsessie,
dichtgetimmerde geheimen en uiteengespatte dromen, op één kwaaltje
na: het doet je emotioneel niet veel. En Almodóvar mag nog zoveel
fratsen, freaks en kleuren door zijn películas mengen, hij mikt
toch ook altijd ter hoogte van onze linkerborst. En mist ditmaal,
op een haar na.

Almodóvar stelt ditmaal de grootse nachtmerrie van elke
filmregisseur scherp. Inderdaad, blind worden. Protagonist Mateo
Blanco (Lluís Homar, ook wel de amant op leeftijd van Gael
García Bernal in ‘La Mala Educación’) had vroeger twee gezichten:
de succesvolle filmregisseur Mateo en Harry Caine, het pseudoniem
waaronder hij zijn scenario’s schreef. Sinds hij veertien jaar
geleden een auto-ongeval kreeg, waarbij hij zijn grote liefde
verloor en volledig blind raakte, is Mateo niet meer. Films kan hij
niet meer maken, dat deel van hem is voorgoed gestorven. Harry
Caine blijft alleen achter. Scenario’s schrijven lukt nog wel,
dankzij de moderne technologie en de hulp van de zoon van zijn
beste vriendin en collega Judit (Blanca Portillo). Wanneer een
jonge regisseur Ray X hem een voorstel doet om voor hem een
scenario te schrijven en daarbij nogal opdringerig is, komt het
verleden beetje bij beetje terug aan de oppervlakte drijven: Ray X
is namelijk de zoon van rijke businessman Ernesto Martel, die
Mateo’s allerlaatste film financierde, omdat zijn minnares Lena
(Penélope Cruz) er een rolletje in speelde. Alles liep toen op
rolletjes tot Mateo en Lena een passionele verhouding begonnen en
ze steeds meer de hete adem van Ernesto in hun nek voelden…

Alles draait rond één vrouw: Lena. Dat Penélope Cruz een man zo ver
kan krijgen dat hij haar elke seconde van de dag laat stalken en
filmen, is niet zo verwonderlijk. Object of desire spelen
is voor Almodóvars chouchouke namelijk als een boterhammetje met
preparé smeren. Met haar grote ogen en roze lippen steelt ze de
aandacht in elke scène. Zet haar een afzichtelijk pruik op of
omhang haar met kilo’s gouden kettingen waar de bling-bling
nigga’s
zelfs niets van terug hebben en ze blijf nog sexy.
Haar zo schitterend zien spelen is al de helft van de fun,
maar ook de rest van de acteurs en gastacteurs (inderdaad mevrouw
de grote neus ook!) zet weer op professionele wijze de personages
neer zoals Almodóvar ze wellicht in zijn bedje gedroomd had.

De Spaanse torro uit de La Movida-stal heeft een scenario
in elkaar gevlochten dat rond verschillende zware thematieken. Het
verwerken van een trauma, een moeilijk vader-zoonband of
verliefdheid die overloopt in obsessie of walging. Almodóvar weet
hoe hij zulke grote gevoelens op een originele en niet al te
zwaarbeladen manier aan ons netvlies kan voorschotelen. Daarvoor
laat hij de absurde humorprikken, maar vooral de symbolische
beeldtaal rijkelijk vloeien: de handen van Harry die over zijn
geliefde op het tv-scherm glijden, de zak met verscheurde foto’s
van verscheurde herinneringen, Mateo die de zee wil horen en voelen
wanneer hij net blind is… Om nog maar te zwijgen van de
videoboodschap waarin Lena Ernesto afwijst die prachtig
geregisseerd is. Het is en blijft een straffe regisseur.

Qua visuele stijl is ‘Los Abrazos’ misschien wel zijn soberste
film, dat merk je meteen aan de credits: geen excentrieke bedoening
die het beeld komt opvreten, maar wat shots van tijdens de
acteerrepetities uit de film-in-film ‘Chicas y maletas’ (de laatste
film van Mateo). Natuurlijk zitten er in het hoofdverhaal ook leuke
vondsten en opvallende decors (het reuzegrote schilderij in
Ernesto’s eetkamer), maar de kitscherige humor moeten we toch
vooral hebben van de film-in-film. Die doet de goeie ouwe
Almodóvar van de jaren 80 nog eens in volle glorie en kitsch
opfleuren en levert een vrolijk contrast met de donkerblauwe,
duistere aanpak van de rest van de film. Deze combinatie van film
en feit brengt op ongeziene wijze de twee stijlen bijeen die
Almodóvar lief is: de chaotische komedie en het melodrama in film
noirverpakking. Het maakt van ‘Los Abrazos Rotos’ een geslaagd
heen- en weerspringen tussen heden en verleden, tussen realiteit en
film, tussen verlangen en krijgen. Een verstrengeling van
ervaringen, genres en standpunten die bruist, maar niet
explodeert.

Het probleem is dat de opzet sterk is, maar er na een uur maar
weinig spanning in de lucht meer hangt. Verveling is nooit aan de
orde (dat is bijna onmogelijk bij een Almodóvar, je hebt altijd wel
ogen te kort), maar Mateo’s oprakelen van het verleden blijkt
minder verrassend en confronterend dan gedacht. Er wordt niets
verteld dat we aan het begin nog niet wisten. Het laatste halfuur
van zijn graafwerk naar oude koeien uit de sloot wordt veel te lang
uitgesponnen, is weinig levendig verteld (gebabbeld dat er wordt!)
en leidt niet tot een emotionele catharsis.

Een goeie film, maar geen voltreffer in de hartkamers. Dankzij de
wederom tenentintelende soundtrack van Alberto Inglesias heeft ‘Los
Abrazos Rotos’ de film noir-dreiging van ‘La Mala Educación’,
Penélope geeft de film de vrouwelijke verleiding van ‘Volver’ en op
de vingers van cameravirtuoos Rodrigo Prieto valt ook niet te
tikken, maar het snufje ’emotionele betrokkenheid’ is Almodóvar
vergeten toe te voegen om van ‘Los Abrazos Rotos’ een meeslepende
‘Hable con Ella’ te maken. Tot de volgende dan maar,
amigo!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − 11 =