Terminator Salvation




Het werd fucking tijd. Vijfentwintig jaar nadat we
getraumatiseerd moesten toekijken hoe een tank over een
geïmproviseerde kasseiweg van mensenschedels denderde, is het
eindelijk zover. De veelbelovende post-apocalyptische oorlog
waarvan we slechts anderhalve glimp van te zien kregen in de vorige
‘Terminator’-films verschuift eindelijk naar het voorplan in
‘Terminator Salvation’, niet alleen het vierde deel in de iconische
sf-reeks, maar ook een gewaagde poging om de franchise nieuw leven
in te blazen nadat zowel bedenker Cameron en superrobot
Schwarzenegger het universum voorgoed hebben verlaten. En wie is de
man die de ambitieuze reboot in goede banen moet leiden? McG, de
naamloze adhd-videclipfilmer verantwoordelijk voor niet één, maar
twee ‘Charlie’s Angels-films. Twee! Maar geen – al te grote –
paniek. McG heeft de hyperkinetische spasmen grotendeels van zich
afgeschud en verwoest Hunter Killer-gewijs elk vooroordeel door van
‘Terminator Salvation’ een grimmige sf-oorlogsfilm te maken die
niet verder kon verwijderd zijn van zijn vorig blockbusterwerk.
Grootste puntje van kritiek? Zó serieus moest het nou ook weer
niet, McGenius.

2018. De bommen zijn gevallen. De mens heeft flink zijn best gedaan
om uit te sterven en de machines, gecontroleerd door supercomputer
Skynet, houden zich bezig met het vernietigen van de restjes. Eén
man zag het aankomen en moet ook nog eens leven met de kennis dat
hij de laatste hoop voor de mensheid is. John Connor (Christian
Bale nog maar eens in grommodus), nog niet door iedereen erkend als
de leidinggevende verzetsleider die hij later zal worden, is op
zoek naar Kyle Reese (Anton Yelchin), zijn toekomstige vader die
hij later naar het verleden zal sturen om zijn moeder te redden.
Zijn zoektocht wordt bemoeilijkt door een zekere Marcus (Sam
Worthington), een geheimzinnig figuur waarvan hij niet zeker is of
hij nu een vriend of vijand moet voorstellen. Ondertussen zou het
verzet ook een middel gevonden hebben om Skynet en co. plat te
leggen en grijpt Connor elke kans om een vroegtijdig einde aan de
oorlog te maken.

En dat het oorlog is zullen we geweten hebben. ‘Terminator
Salvation’ breekt niet alleen met de ‘chase movie’-basisstructuur
van de eerste drie ‘Terminator’-films, maar wisselt ook even
vlotjes van genre door zich baldadig voor te stellen als een soort
‘Saving Private Ryan’ of ‘Black Hawk Down’ tegen een
post-apocalyptische achtergrond. Na een mysterieuze proloog met een
freaky ogende Helena Bonham-Carter vliegt McG onmiddellijk in
the line of fire
met een coole, ononderbroken gefilmde
helicoptercrash starring John Connor zelf. Geen zelfbewust
pulptoontje, geen overbodige MTV-slowmotion, maar een intense
in your face-introductie van de akelige toekomst zoals ze
ons vijfentwintig jaar geleden beloofd werd. Het enige dat McG nog
nodig heeft om het toch niet zo helemaal geslaagde derde deel te
doen vergeten is een scenario dat op intelligente en meeslepende
wijze de oude en nieuwe personages loslaat in een nieuw
universum.

Maar daar loopt het dus niet helemaal zoals verwacht. ‘Terminator
Salvation’ moet eigenlijk een soort ‘Terminator Origins: John
Connor’ voorstellen, maar maakt de niet makkelijk te vergeven fout
om van John Connor een ongelooflijk onsympathiek, oninteressant en
eentonig personage te maken. Hij is serieus, gromt alles wat hij
zegt, behandelt zijn vrouw en vrienden met een militaire
professionaliteit en haat de machines wel erg hard, ondanks het
feit dat er twee cyborgs speciaal door de tijd zijn gereisd om zijn
hachje te redden in de laatste twee delen. Ergens klopt die
pessimistische, machinale karaktertrek wel, dit is een vent die
perfect weet wat er gaat gebeuren en zich machteloos voelt om ook
maar iets te veranderen (Judgment Day is onvermijdelijk, weet je
nog), maar toch… iets meer passie en menselijkheid ware welkom
geweest om mee te leven met de toch niet onbelangrijke protagonist
van het vehikel.

Maar ook al bewijst McG dat storytelling en personages niet zijn
sterkste punt zijn (eufemisme-alarm), hij weet wel hoe hij actie
moet brengen en is genoeg vertrouwd met de franchise om de fans te
verwennen met injokes (Guns ‘n’ Roses op de soundtrack),
gerecycleerde oneliners, details (ook graag geweten hoe Connor aan
zijn litteken komt?), verrassingen (een oude bekende maakt zijn
opwachting) en verse elementen. We krijgen verschillende soorten
nieuwe terminators te zien (motorterminators! hydroterminators!) en
het moet gezegd, een paar set-pieces zijn echt wel indrukwekkend en
goed in elkaar gestoken, ook al vertrouwt McG meer op afgelikte
effecten dan op echte stunts met echte mensen. Vooral de scène met
de Harvester (een gigantische terminator die mensen verzamelt om ze
te gebruiken voor experimenten) is een blijvertje.

En zo krijg je een frustrerende mixed bag van goeie dingen
(Sam Worthington, straks meer daarover) en slechte dingen (Skynet
een gezicht geven was niet bepaald het beste idee van de film) die
van ‘Terminator Salvation’ een efficiënte, maar uiteindelijk ook
zielloze blockbuster maken. Als je geen personages hebt waar je
uitbundig voor kan juichen en het onsamenhangende verhaal alleen
maar meer verwarring veroorzaakt omtrent de alsmaar vager wordende
tijdsparadoxen (is de toekomst nu wéér gewijzigd of hoe zit het
nu?) dan mag het spektakel nog zo overdonderend zijn, het doét je
gewoon bitter weinig.

Gelukkig zijn er nog twee niet onbelangrijke lichtpuntjes die de
letterlijk kleurloze toekomst wat komen opfleuren. Eerst het
kleintje. Kyle Reese wordt niet alleen heel sterk vertolkt door
Anton Yelchin (ook al goed op dreef als Chekov in ‘Star Trek’),
maar is ook veruit het meest levendige personage uit heel de film.
Een teleurstellende Christian Bale als John Connor gromt zichzelf
bijna dood, Bryce Dalles Howard als mevrouw Connor krijgt gênant
weinig om handen, maar Yelchin is kwiek, gedreven en sluit perfect
aan bij Michael Biehns vertolking als Kyle Reese zonder hem
klakkeloos te imiteren. Maar de echte ontdekking van de film is
Sam Worthington als de mysterieuze Marcus die John Connor nog een
toontje harder doet brommen. Minder geforceerd dan Bale, meer op
zijn gemak tussen de kletterende actie en één van de weinigen die
zich ook wat lijkt te amuseren in een voor de rest nogal
deprimerend ernstige en weinig relativerende film. Zeggen dat we
nog van de kerel gaan horen is natuurlijk een weggever aangezien de
man straks mag opdraven in ‘Avatar’, de langverwachte nieuwe prent
van James Cameron. Dat komt dus wel goed met die kerel, no
worries
.

Ja, er zijn kosten aan ‘Terminator Salvation’. Een strakke focus
ontbreekt, het scenario zal menig wenkbrauw doen tuimelen en de
film neemt zichzelf wel érg serieus voor een zomerblockbuster. Daar
tegenover krijg je echter wel denderende actie die overtuigt, een
ontdek-de-ster Sam Worthington die Christian Bale moeiteloos van
het scherm speelt en een akelig post-apocalyptisch landschap dat
gegarandeerd de thumbs up zal krijgen van James Cameron.
Weinig memorabel en flawed, maar niettemin degelijk in
elkaar geflanst entertainment voor de actiejunks.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 + 19 =