Sioen :: Calling Up Soweto

Sioen is richting Afrika getrokken, en dat zal u geweten hebben. De band dook in Zuid-Afrika de studio in, aangevuld met een aantal plaatselijke muzikanten. Het resultaat is Calling Up Soweto, een typische Sioenplaat met heel sterke lokale accenten.

In 1986 trok Paul Simon naar Zuid-Afrika om er Graceland op te nemen. Het resultaat was een krachtige popplaat, gekruid met Afrikaanse invloeden. Het leverde Simon, naast heel wat politieke controverse — de apartheid tierde toendertijd nog welig in Zuid-Afrika — ook zijn meest succesvolle soloplaat op. Drieëntwintig jaar later doet Sioen Simons Afrikaanse avontuur dunnetjes over. De Gentenaars blikten hun plaat zelfs in dezelfde studio in als Simon destijds. Het idee van het uitstapje naar het donkere continent rijpte nadat de band op de Gentse Feesten het podium deelde met een aantal Zuid-Afrikaanse collega’s, op initiatief van Oxfam.

Sioen kreeg in Soweto — de bekendste township van Johannesburg — het gezelschap van rasmuzikanten Pops Mohamed en Khaya Mahlangu, aangevuld met vier lokale achtergrondzangeressen. Halvelings verwachtten we dat Sioens nieuwste zou volgestouwd zijn met wat gemeenzaam "wereldmuziek" wordt genoemd, de soundtrack bij geitenwollensokken en bio-tofu. De fans hoeven echter niets te vrezen: Frederik Sioen heeft zijn ideale-schoonzoon-kapsel allesbehalve ingeruild voor dreadlocks en de jongeman verschijnt nog altijd proper gewassen ten tonele. Sioen is met andere woorden zichzelf gebleven, ook op muzikaal vlak. De Afrikaanse tinten vormen enkel een welkome aanvulling op Sioens kenmerkende pop.

"To the townships of the townships, it’s where I took my boots", zingt Sioen in "Calling Up Soweto". Het titelnummer opent de plaat met funk in hoge dosissen. Het meeslepende saxofoonspel van Mahlangu en de positieve vibes zetten meteen de toon voor de rest van het album. Met "Automatic" volgt een van de absolute sterkhouders van de plaat. Een hoogst verslavend en vooral uiterst dansbaar ritme maakt stilstaan haast onmogelijk. Een hoofdrol is weggelegd voor de immer virtuoze bas van Mirko Banovic. Ook "Robot" en "Wash Away" moeten zelfs de meest halsstarrige houten plank tot bewegen kunnen aanzetten. Sioen injecteert voldoende dub in de nummers om even te doen vermoeden dat Kingston en Johannesburg buursteden zijn.

Een van de duidelijkste Afrikaanse invloeden op Calling Up Soweto, is de sublieme synergie tussen leadzanger Frederik Sioen en de backing vocals. Onder meer op "Son Of A Gun" en het betoverende "Umuntu Ngumuntu Nagabantu" lijkt het alsof Frederik Sioen in dialoog treedt met zijn achtergrondzangeressen, wat de nummers zonder uitzondering een bijzondere bijkomende dimensie geeft. Hoogtepunt op Calling Up Soweto is wellicht "With Your Beautiful Smile", met zijn melodielijntje dat haast naar easy listening neigt, ware het niet dat het daarvoor net iets teveel weerhaken heeft. Ook "Mother Please" verdient een vermelding, al was het maar omdat bij het horen van de gitaarintro spontaan de beeltenis van Jeff Buckley opdoemt. Enkel "We’re Gonna Take It Easy" is toch net iets te melig om op de plaat te passen. Het nummer heeft meer van een zoethoudend wiegeliedje dan van de ballade waarvoor het zou moeten doorgaan.

Sioen heeft verre oorden opgezocht om inspiratie te zoeken voor zijn vierde plaat. Het Zuid-Afrikaanse experiment van de band blijkt echter meer dan geslaagd. De Gentenaars hebben feilloos de valkuilen vermeden die bij een dergelijk avontuur liggen te lonken: op een enkele uitzondering na, klinkt Calling Up Soweto nooit te braaf, te melig of te experimenteel. De typische Sioen-sound heeft bovenal stand gehouden en de Afrikaanse elementen die eraan zijn toegevoegd zorgen quasi steeds voor een verrijking van het geluid.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − drie =