Grails :: Take Refuge In Clean Living/Doomsdayer’s Holiday

Het Amerikaanse Grails was in 2008 weer een en al productiviteit met opnieuw 2 releases. Op Take Refuge In Clean Living en Doomsdayer’s Holiday laat de groep postrock definitief voor wat het is om te evolueren naar een unieke sound die best te omschrijven valt als psychedelische doommetal. Geen wonder, met de geluidstechnici van Faust en Sunn O))) achter de knoppen.

Grails heeft de gewoonte elk jaar minstens één plaat uit brengen. Het basisidee "Grails" staat steeds als een huis en de groep probeert telkens varianten op hun eigen sound te bedenken. Om een of andere reden bewandelen de leden een steeds donker wordend pad. Burning Off Impurities, wat ons betreft de eerste essentiële Grails-plaat, was ook al een vat vol mysterie maar gaf ons nog een klein beetje licht aan het einde van de tunnel. Take Refuge In Clean Living en vooral Doomsdayer’s Holiday zijn tunnels zonder einde. Het soort muziek dat je níet op je mp3-speler tevoorschijn wil zien shufflen als je ’s nachts te voet door donkere steegjes huiswaarts keert. Je gaat er geheid een paar stappen sneller door lopen terwijl je hart in je keel bonst.

Net zoals op vorige platen vermijdt Grails de grote climax maar flirt liever met dreigende soundscapes en apocalyptische doembeelden. Take Refuge In Clean Living start met een nummer dat opbouwt, afbouwt, lijkt te ontploffen, versnelt en dan abrupt eindigt. Grails is niet geïnteresseerd in een "song" maar wil de trip zo lang mogelijk laten duren. Het nummer heet niet voor niets "Stoned At The Taj Again". Toch doet dat stoner-imago afbreuk aan de klasse en intelligentie van de muzikanten. Luister maar naar het feeërieke "Take Refuge" of "11th Hour", een cover van surfrockers The Ventures die ze naadloos laten aansluiten bij de rest van het eigen repertoire.

Doomsdayer’s Holiday is een stukje donkerder. Diepe drones, kleurrijke instrumenten en een occasionele wall of sound. De toon is eerder zwaarmoedig, de dreiging constant. Geen onweer, maar een onheilspellende mist die over de vlakte hangt. De titeltrack is een monstrueuze intro, terwijl het met oosterse invloeden doorspekte "Reïncarnation Blues" behoorlijk veel indruk blijft maken, zelfs na tientallen luisterbeurten. Hetzelfde geldt voor het sinistere "Predestination Blues", het orgelpunt van Doomsdayer’s Holiday en een frontale aanval op al je zintuigen. Af en toe neemt Grails wat gas terug. "The Natural Man" en "X-Contaminators" zijn rustpunten, maar zelfs op deze meer ingetogen nummers blijft de onrust aanwezig, een gevoel dat je naar niets anders dan een apocalyptisch einde brengt.

En dan, na het 8 minuten durende "Acid Rain", is het plots voorbij. Een geweldige trip, dit tweeluik, met een lichte voorkeur voor het monumentale Doomsdayer’s Holiday. Grails weigert hoe dan ook 2 keer dezelfde plaat te maken en blijft eindeloos boeien.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − twee =