The Gutter Twins :: Saturnalia

"The Satanic Everly Brothers", twee vocalisten met een kenmerkende eigen stijl en een muzikaal verleden om u tegen te zeggen. Van de vereende krachten van Mark Lanegan en Greg Dulli verwacht je niet minder dan een meesterwerk. Zover kwam het niet, maar The Gutter Twins levert met Saturnalia wél een intens rockalbum af zoals er vandaag veel te weinig gemaakt worden.

The Gutter Twins: beter kon het monsterverbond tussen brothers in arms Mark Lanegan en Greg Dulli niet heten. De twee monstres sacrés van de jaren negentigrock kennen de goot als hun broekzak na een paar drugsverslavingen die meermaals epische proporties hebben aangenomen. Nu ze eindelijk allebei clean zijn, was het tijd om die plaat waar al vijf jaar over werd gefluisterd eindelijk af te maken.

Met Saturnalia kreeg het kind ook al een naam de twee voormalige drugbuddies waardig. Genoemd naar een Romeins festijn waarbij drinkgelagen en orgieën niet werden geschuwd, is het de perfecte vlag om hun lading van duistere rock en gothic blues te dekken. De voormalige slaven worden meesters en hebben komaf gemaakt met hun afhankelijkheden.

Op de hoes pakken donkere wolken zich echter nog samen boven een lege straat (In New Orleans, een dag na Katrina) waar twee eenzame stoelen staan te wachten: de sfeer is gezet, de muziek mag beginnen. Die begint veelbelovend met "The Stations" waarin Dulli met veel zin voor drama het einde der tijden aankondigt. Het laatste delirium is nog niet helemaal voorbij en beestjes en demonen krabben aan het raam terwijl de zangers op hun knieën om genade smeken.

Drama? Pathos? Dat klinkt als Dulli in topvorm en dat is het ook: op het eerste gehoor klinkt The Gutter Twins als niet meer dan een afgeleide van The Twilight Singers, Dulli’s band waarbij ook Lanegan regelmatig te gast is. Die indruk wijkt bij verdere beluisteringen: Saturnalia is rijker, met meer lagen gearrangeerd, gevarieerder, terwijl het tegelijk de roots van de muziek opzoekt met folk en blues.

Spanningen broeien volop onder het oppervlak van het woelige "All Misery/Flowers", een topzware song, een eindeloze woordenstroom over een triphopbeat, waarin Dulli en Lanegan rond elkaar cirkelen als wolven die elkaar het leiderschap bevechten. "Idle Hands" is de verlossing: een stevige rocker met een vintage Dulli-riff, een viool en cello die tekeer gaan, en een koortje met onder andere Joseph Arthur dat voor de nodige backing zorgt. Het is de enige keer dat Saturnalia "open" klinkt, een bekentenis, en niet als iets intiems als introspectie waar we eigenlijk niets mee te maken hebben.

Seks en spiritualiteit doen een wilde rondedans, wisselen lichaamsvochten uit op Saturnalia: van "Little girls twitch at the way I itch / But the way I burn is a son of a bitch" gaat het naar "Don’t you forget it / I did all I did just to get through to heaven". Het vlees blijft het vlees; het lijdt en geniet maar het snakt ook naar verlossing.

Gaandeweg dalen Dulli en Lanegan af in de onderbuik van de blues met "Who Will Lead Us?" en " Seven Stories Underground", twee werkmansblues die opnieuw de weg naar verlossing zoeken. "I Was In Love With You" is de therapeutische doorbraak, het moment waarop het zwarte beest in het gezicht wordt gestaard dat in "Bête Noire" vervolgens wordt aangepakt.

Her en der is Saturnalia een ietwat te langdradige plaat — een tweede "Idle Hands" had de tweede helft iets meer vooruit doen gaan — maar op een slecht nummer konden we onze vinger niet leggen. En dus: straffe plaat, dit debuut van deze voormalige koorknapen uit de hel. In een wereld waarin rock de diepgang opnieuw schuwt, zijn zij eerder de verlossers.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vier =