Two Gallants :: Two Gallants

Met het akoestische The Scenery Of Farewell maakte Two Gallants zijn publiek een paar maanden geleden warm voor een nieuw hoofdmenu dat in het najaar zou verschijnen. Het plaatje was een uitstekend voorgerecht, maar misschien toch ook wel een beetje een vergiftigd geschenk: met maar negen nummers heeft het vervolg Two Gallants heel hoge verwachtingen in te lossen.

Two Gallants heeft als duo altijd al een stripped down formule gehad, maar met The Scenery Of Farewell ging het tweetal pas echt tot het uiterste. Het plaatje bevatte zelfs geen sporadische rockgitaren meer. Paradoxaal genoeg maakte dat Two Gallants’ romantische muziek niet gematigder, maar net nog krachtiger. Wie op nog meer van dat lekkers zat te hopen, komt met Two Gallants bedrogen uit: het nieuwe album is iets drukker, en leunt bijgevolg eerder bij The Throes en What The Toll Tells aan.

Dat hoeft gelukkig geen slecht nieuws te betekenen als je een all round liefhebber van de groep bent. Met “The Deader” pikt het tweetal immers naadloos in op het verleden: het nummer behandelt het thema van de onmogelijke liefde en rijt met zijn lyrics meedogenloos wonden open waarvan u enkel maar dacht dat ze geheeld waren. Met een liedje als “The Hand That Held Me Down” — waarin Two Gallants zijn mondharmonica letterlijk even laat huilen — wordt het er niet beter op. “Miss Meri” lijkt met een zinsnede als “What Good Is Living For?” zelfs samen te vatten wat het duo eigenlijk al vier platen lang stiekem verkondigt: dat het niet eens slecht is om pijn te lijden omdat men dan pas echt voelt dat men leeft.

Dat Two Gallants genoeg stevig songmateriaal bevat om zijn bluesminnende fans te bekoren, lijdt bijgevolg geen twijfel. Dat neemt echter niet weg dat er toch wel wat kritiek valt te uiten op het nieuwe album. Op “Fly Low Carrion Crow” bijvoorbeeld, waarmee Two Gallants het aandurft om een liedje te brengen dat qua sound nogal fel afwijkt van het gebruikelijke songmateriaal. Het is weliswaar een pracht van een mistroostig nummer waarbij je rechtstreeks in de afgrond van een diepe kloof kijkt, maar daar staat wel tegenover dat Fontaines’ vocals meer aan Greg Dulli dan aan zijn eigen groep doen denken. Als b-kantje was het nummer bijgevolg ongetwijfeld geschikter geweest.

Als uitbundige finale van Two Gallants was “Fly Low Carrion Crow” eventueel wel geschikt geweest, maar om onbegrijpelijke redenen wordt “My Baby’s Gone” als afsluiter gereserveerd: het nummer bevat vrij weinig gitaren en als er al eens een in te horen is, herken je er echo’s van “Long Summer Day” in. Ook hier geldt als regel dat het af en toe wel eens de moeite kan lonen om goed af te wegen welke tracks je beter op plaat of als een b-kantje kan benutten. Na het rustige “Fly Low Carrion Crow” klinkt het drukke “My Baby’s Gone” in ieder geval moeilijk verzoenbaar met het begin van het album.

Dat de plaat bovendien maar negen nummers bevat, leidt in combinatie met het minder fortuinlijke einde onherroepelijk tot de conclusie dat Two Gallants zeker niet hun beste album tot nog toe is. Dat er op The Scenery Of Farewell in tegenstelling tot op Two Gallants bovendien geen noot teveel stond, maakt het vonnis nog iets pijnlijker: met een doordachte combinatie van nummers van The Scenery Of Farewell en Two Gallants had Two Gallants een veel betere plaat kunnen uitbrengen. Als de groep in ons eindejaarslijstje opduikt, zal het bijgevolg niet met Two Gallants, maar eerder met het kleine, maar fijne The Scenery Of Farewell zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

7 − een =