Robin Allender :: The Bird And The Word

Nick Drake is al drieëndertig jaar dood, een eeuwigheid in een wereld waar elke nieuwbakken hype het slechts een maand of twee uithoudt. Toch lijken Drake en zijn oeuvre, met dank aan de neofolkstroming, nog steeds brandend actueel te zijn en dat is zeker niet helemaal onterecht. Drakes muziek klinkt namelijk nog steeds behoorlijk tijdloos en up to date. Drake-epigonen moeten echter uitkijken dat ze iets substantieels bijdragen aan de nalatenschap van hun grote voorbeeld.

Robin Allender probeert het met zijn solodebuut, The Bird And The Word, maar of hij slaagt, daar hebben we geen geld op ingezet. Een verzameling van melancholische melodieën, spaarzame instrumentale begeleiding en die typische hushed vocals, die ook de muziek van bijvoorbeeld Iron & Wine zo kenmerken: weinig nieuws onder de zon met Allender, kortom. En toch is de balans niet louter negatief. Intelligente sfeermuziek in die vroege indiefolktraditie van Drake is er volgens ons, zelfverklaarde indiekids, namelijk nooit genoeg (er kunnen nooit te veel pretentieloos mooie mellow muziekjes op de hysterische massa worden losgelaten om deze wat innerlijke rust te geven) en wat dat betreft doet Allender een positieve duit in het zakje.

Een positief plasje levert de singer-songwriter uit Bristol evenwel niet af, want het resultaat slaat ons niet met verstomming, noch voelen we de aandrang om de plaat aan al onze geliefden cadeau te doen (een klassiek kenmerk van geweldige platen). Robin Allender tapt daarvoor net iets te vaak uit hetzelfde vaatje. Het zijn met name de instrumentale nummers die de plaat haar spankracht doen verliezen. Allenders stem is de ear-catcher van dienst en moet The Bird ervoor behoeden niet te vervallen in een Narada Wilderness Collection-achtig achtergrondvehikel voor familiefeesten.

Dat het geen herfstige winter is speelt natuurlijk ook een rol in de perceptie over dit debuut. Net als Nick Drake en alle andere (mindere) goden in deze competitie zijn de weemoedige songs van deze bard uit Bristol gebaat bij druilerige oktoberdagen waarop de luisteraar niets anders van plan is dan niets van plan te zijn. Geduld is en blijft een schone deugd voor wie van nostalgie wil kunnen genieten. Pingelende gitaardrowns als “We, Emmanuel Light, Love Ocean” of “Cheater At Patience” stoppen we dan ook, samen met onze bergschoenen, nog even weg op zolder.

Met het kale “The Bower” begint Allender nochtans erg mooi. Stem, gitaar en verlaten natuurlandschappen waarin niemand ons ooit terugvindt, doen het beste vermoeden voor wat komen gaat. Uit “The School Field” spreekt vervolgens een weinig spannende singleambitie die gelukkig met “Winter” weer ruimschoots wordt goedgemaakt. Drake komt hier wel bijzonder nadrukkelijk om de hoek gluren, maar mooie muziek is en blijft mooie muziek.

Wat volgt, is echter middelmatigheid troef: Allender verliest zich in mijmerend gepingel zonder nog een noemenswaardige song uit de sfeer te destilleren. “The Memory Trap” heeft wel die ambitie, maar sleept te lang aan om ons uit dromenland te halen. Ook “Black Wave Pt. 2” blijft hangen in een schets die de gemiste afgewerkte song in zich draagt. Pas helemaal aan het eind bieden “Leaves” en “Green Wound” wat soelaas voor de gemiste kansen waaronder deze plaat gebukt gaat. Vooral het iets energiekere “Green Wounds” is met zijn achtergrondvocalen een verademing na zoveel gezapigheid.

Intussen is Robin Allender als bassist aan de slag bij zijn stadsgenoten van het uitstekende Gravenhurst, een project van Nick Talbot dat ook ooit begon met dromerige singer-songwriteraspiraties, maar dat op zijn tweede plaat het roer omgooide om meer avontuurlijke epische rock te gaan maken. Hopelijk kan Allender een voorbeeld vinden in een dergelijke herdefiniëring, want de middelmaat is breed in de indiefolk en Robin Allender overstijgt ‘m met dit debuut zelden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − 4 =