Blog Film Fest Gent 2026

Ook dit jaar zijn onze recensenten aanwezig op het belangrijkste filmfestival van het land. We beginnen met een paar voorbeschouwingen. Vanaf 7 oktober kan u dan in detail elke dag volgen wat er in Gent op het witte scherm te ontdekken valt. 

Voorbeschouwing Classics Programma

Het opnieuw door curator Patrick Duynslaegher samengestelde Classics programma brengt dit jaar hulde aan Éric Rohmer, een van de toonaangevende cineasten uit de Franse Nouvelle Vague. Omdat de Gentse Studioskoop pas deze zomer opnieuw de deuren opende, week het festival voor het Classics programma dit jaar uit naar een nieuwe locatie. Alle voorstellingen vinden plaats in Auditorium 61 (Onderstraat 61 te Gent). Hieronder vindt u een greep uit het Classics aanbod.

La Collectioneuse 

De vierde film in Éric Rohmers beroemde cyclus ‘Six Contes Moraux’ is een verrukkelijk subtiel blijspel over een ingewikkelde driehoekskrelatie aan de Franse zuidkust. Twee vrienden die zichzelf voorgenomen hebben een vakantie te wijden aan introspectie en existentiële zelfontdekking, raken eerst geërgerd en vervolgens gefascineerd door de knappe jongedame waarmee ze noodgedwongen hun villa moeten delen. Het meisje ‘verzamelt’ avontuurtjes en de beide mannen houden zichzelf in al hun hoogdravende gesprekken voor dat ze boven haar hedonistische levensstijl staan, terwijl hun daden net het tegenovergestelde suggereren.

Zoals altijd toont Rohmer zich een meester in het intens cinematografische maken van een genre – de praatfilm – waar mindere goden zich zwaar aan vergrijpen. Terwijl de personages erop los tateren, ensceneert Rohmer verbluffende picturale kunstwerkjes die ons de adem afsnijden. De ronduit goddelijke kleurenfotografie in het gedempte palet van het Eastmancolor negatief, is van cameravorst Néstor Almendros die optimaal gebruik maakt van de groene zomerse omgeving van het mondaine Saint-Tropez in het departement van de Pays du Var (DaVb).

“La Collectioneuse” met Patrick Bauchau, Haydée Politoff. Regie: Éric Rohmer. Frankrijk, 1967. Score: 9/10

L’Amour L’Après-Midi

Zesde en laatste film in de reeks ‘Contes Moraux’ waarmee Nouvelle Vague-boegbeeld Éric Rohmer naam maakte. Aangezien Rohmer iets ouder was dan veel van de critici van Les Cahiers du Cinéma die aan de wieg stonden van de revolutie in de filmwereld aan het eind van de jaren vijftig van de vorige eeuw (Godard, Truffaut …), wordt hij vaak gezien als de minst radicale van de groep, ook al omdat zijn ideeën over de filmkunst dicht aanleunden bij die van André Bazin, onder andere in de manier waarop film de ‘waarheid’ van het leven moet laten zien. Dat idee wordt ook in de hand gewerkt door het feit dat Rohmer praatfilms draait, waarin dialoog en het gesproken woord centraal staan (Rohmer hechtte enorm veel belang aan correct en poëtisch gebruik van de Franse taal en eiste van zijn acteurs een onberispelijke articulatie). Wie goed kijkt ziet echter een groot visueel stilist aan het werk, die minsten even vernieuwend omging met de filmtaal als de jongere collega’s die sterk door hem beïnvloed werden. Weinig andere regisseurs hebben zo veel aandacht voor genuanceerd gebruik van kleur en compositie om op die manier de kleinste subtiliteit in de gebeurtenissen kracht bij te zetten, een met veel zorg geconstrueerde stijl, die een puurheid en evenwicht bereikt die wel eens vergeleken wordt met het werk van Ozu of Dreyer.

Net als de andere ‘Contes Moraux’ draait ook L’Amour L’Après-Midi om een protagonist die een morele keuze in de liefde moet maken. Rohmer hield ervan variaties op hetzelfde thema te spinnen in zijn filmreeksen en zodoende vinden we in de zes films telkens een combinatie van twee mannen en een vrouw en – zoals ook hier het geval is – één man die geconfronteerd wordt met een keuze tussen twee vrouwen. Bernard Verley speelt de gelukkig getrouwde Frédéric, die een wild liefdesleven achter zich liet toen hij huwde, en geconfronteerd wordt met de voormalige vriendin van een oude vriend, voor wie hij ooit ook zelf meer dan platonische gevoelens koesterde. De vrijgevochten Chloé (voormalig Yves Saint Laurent-model Zouzou) heeft duidelijk haar zinnen gezet op Frédéric en de hele film wordt opgebouwd naar het moment waarop de hoofdrolspeler moet beslissen of hij al dan niet seks zal hebben met Chloé. Rond deze ongemakkelijke situatie weeft Rohmer een ongelooflijk subtiel spel van dialogen en blikken die versterkt worden door de virtuoze mise-en-scène.

Er bestaan heel wat tegenstrijdige visies over de exacte manier om deze morele vertelling te lezen: voor de één is de eigenzinnige Chloé een pleidooi tegen het huwelijkse instituut en de hypocriete bourgeoismoraal van Frédéric, voor de ander is Rohmer hier al te reactionair in zijn verdediging van de huwelijkstrouw als enig zaligmakende waarde. Die discussie geeft vooral aan dat de films van Rohmer zelden of nooit zomaar in een hokje kunnen geduwd worden en ook qua inhoud zeker even gelaagd en genuanceerd zijn als de beeldtaal van de Franse meester (DaVb).

“L’Amour L’Après-Midi” met Bernard Verley, Zouzou. Regie: Éric Rohmer. Frankrijk, 1972. Score: 9/10

La Femme de L’Aviateur

De eerste film in de serie ‘Comédies et Proverbes’ die zes thematisch verbonden werken van Éric Rohmer in de loop van de jaren negentientachtig bundelt, is een charmante en intrigerende karakterstudie over liefde, trouw, overspel en jaloezie. François werkt ’s nachts bij de post en ziet zijn vriendin Anne slechts sporadisch. Op een ochtend merkt hij haar op terwijl ze wandelt met aan haar arm haar vroegere geliefde Christian, de piloot uit de titel. Wanneer hij later die middag Christian ziet wandelen met een blonde vrouw besluit hij het koppel te volgen, een onderneming waarbij hij onverwacht hulp krijgt van de vijftienjarige Lucie, die samen met hem geïntrigeerd raakt door het raadselachtige stel.

De minimalistische stijl die Rohmer hier hanteert, lijkt losjes uit de pols, maar is in feite bijzonder gebalanceerd en weet grote spanning te puren uit de schijnbaar statische gesprekken. Terwijl iedereen er vrolijk op los tatert, gebeuren er in de uithoeken van het kader allerlei zaken die onze aandacht vasthouden en van deze achteloze tragikomedie een soort miniatuurthriller maken die ons reikhalzend doet uitkijken naar wat komen gaat.

Het natuurlijke licht en de weersomstandigheden die de film tekenen, geven ons in het sterke middenluik het gevoel zelf een namiddag doorgebracht te hebben in een park te Parijs, speurend naar, en denkend over, het raadsel van de blonde vrouw aan de zijde van de piloot. La Femme de L’Aviateur is een perfecte illustratie van de manier waarop Rohmer een intense cinematografische belevenis weet te puren uit wat in wezen anderhalf uur kijken is naar verhaaltjes over amoureuze besognes (DaVb).

“La Femme de L’Aviateur” met Philippe Marlaud, Marie Rivière. Regie: Éric Rohmer. Frankrijk, 1981. Score: 7,5/10

Pauline à La Plage

De meest populaire titel uit de zesdelige filmreeks ‘Comédies et Proverbes’ die Éric Rohmer tussen 1981 en 1987 draaide. Net als de andere delen is dit een exquise romantische tragikomedie, die de kunst van het praten vertaalt in doordachte visuele cinematografische vorm. Rohmers literaire dialogen verraden zijn oorsprong in theater en literatuur, maar worden steeds gekoppeld aan een intelligente en sterk persoonlijke beeldtaal. Zo had de regisseur voor elk van de zes films een bepaald kleurenpalet in gedachten dat hij strikt respecteerde. Hier is dat een combinatie van rood, blauw en wit, gebaseerd op een schilderij van Matisse dat ook kortstondig te zien is in de slaapkamer van het jonge hoofdpersonage. Die eenheid van vorm en kleur, geeft Rohmer de kans om in alle mogelijke situaties te spelen met dezelfde primaire kleuren, maar ook andere subtiele details zijn tot in de puntjes uitgewerkt: door de scènes (min of meer) in de juiste volgorde op te nemen, zien we hoe de bloemen in het vakantiehuis van de beide protagonistes langzaam uitbloeien en op een cruciaal moment de passend verwelkte achtergrond vormen voor een droefgeestige bespiegeling.

De spilfiguur is de jonge Pauline, die samen met haar oudere nicht de zomervakantie doorbrengt aan de Normandische kust (Rohmer en zijn fotografieleider Néstor Almendros maken optimaal gebruik van het zachte noordelijke kustlicht om de scènes kracht bij te zetten). De nicht is pas gescheiden en loopt een oude vlam tegen het lijf die haar in contact brengt met een plaatselijke vrouwenversierder voor wie ze meteen valt. Pauline zelf (Amanda Langlet, die door de cineast ontdekt werd bij een toneelgezelschap) wordt verliefd op een jongen die ze aan het strand ontmoet. Tussen al die personages ontstaat een ingewikkeld kluwen van aantrekking, (zelf)bedrog en verzoening, tegen de achtergrond van de voortschrijdende zomer. Onder de verhalende structuur ligt de zegswijze ‘een scherpe tong snijdt zichzelf’ en het scenario is dan ook opgebouwd rond drie cruciale momenten waarin zwijgen of spreken centraal staat.

Zoals steeds werkte Rohmer met een kleine crew en putte hij uit een vaste schare aan acteurs: Arielle Dombasle, Pascal Greggory en Féodor Atkine werkten verschillende malen samen met de Franse grootmeester. Langlet speelde trouwens twintig jaar later een ouder geworden versie van Pauline in Conte d’Été, een film uit de reeks ‘Les Contes des Quatres Saisons’ die Rohmer in de jaren negentiennegentig zou draaien (DaVb).

“Pauline à La Plage” met Amanda Langlet, Pascal Greggory. Regie: Éric Rohmer. Frankrijk, 1983. Score: 9/10.

Conte d’Hiver

Van de vier films die de reeks ‘Conte des Quatres Saisons’ vormen, is dit zeker de minst populaire titel. Dat heeft wellicht te maken met het feit dat deze liefdesparabel méér dan een zweem van religiositeit in zich draagt en aan het eind van de kijker vraagt om in niet minder dan een mirakel te geloven. Toch groeit voor wie bereid is de premisse te aanvaarden, uit deze sobere – vooral inzake kleurenpalet is dit een van Éric Rohmers meest grauwe films – en minimalistische prent, langzamerhand een grote emotionele kracht.

Van bij het begin van het verhaal vergt Rohmer van de kijker al een behoorlijke ‘suspension of disbelief’: Félicie leert op vakantie Charles kennen, de liefde van haar leven, maar vergist zich bij het opgeven van haar adres en de twee zien elkaar niet meer terug. Vijf jaar later woont ze nog altijd in Parijs en voedt ze haar dochtertje op waar Charles – zonder het zelf te weten uiteraard – de vader van is. Ze schippert tussen twee mannen in haar leven, maar weigert zich te binden in de hoop dat ze op een dag Charles toch nog tegen het lijf zal lopen. Wie van oordeel is dat films vooral een psychologische logica en realisme moeten nastreven, zal zich blauw ergeren aan Conte d’Hiver (in het tijdperk van sociale media wordt het hele opzet natuurlijk helemaal absurd), maar eigenlijk doet dat niet echt ter zake. Rohmer is geïnteresseerd in de onderliggende waarheid en in een bespiegeling over de kracht van geloof en van de liefde. Wie daarin wil meegaan, zal een uiterst subtiel melodrama ontdekken, dat door de Franse meester van de praatfilm andermaal op schitterende wijze geënsceneerd wordt. Als geen ander weet de regisseur van Ma Nuit Chez Maud en Pauline à la Plage hoe hij zijn lange dialoogscènes omzet in dynamische stukjes cinema die inzake compositie en cameravoering zeker even genuanceerd zijn als de diepgravende gesprekken die de personages voeren.

Wanneer aan het eind het onmogelijke zich dan toch voltrekt, bereikt de film een oprechte ontroering en voltooit Rohmer een zorgvuldig opgebouwde spanningsboog, die steunt op de serene eenvoud die nagenoeg al zijn films tekent (DaVb).

“Conte d’Hiver” met Charlotte Véry, Michel Voletti. Regie: Éric Rohmer. Frankrijk, 1992. Score: 8,5/10

Conte d’Automne

De laatste film in de reeks ‘Contes des Quatres Saisons’ is een heerlijk speelse tragikomedie, waarin Éric Rohmer zijn voorliefde voor plotelementen uit het Franse theater – Pierre de Marivaud, Molière – koppelt aan een aantal sterke vrouwenportretten en die inbedt in wat visueel misschien wel zijn meest bedwelmende film is, met dank aan de in zacht licht badende beelden van DOP Diane Baratier, met wie Rohmer het laatste deel van zijn carrière een vaste samenwerking had.

De film vertrekt vanuit drie uiteenlopende vrouwelijke hoofdpersonages, wier levens allemaal onderling verbonden zijn. Rosine (Alexia Portal) is een vrijgevochten studente die net een relatie met één van haar lesgevers achter de rug heeft en nu – als opvulling zegt ze zelf – iets heeft met een plaatselijke jongeman. Ze heeft echter een veel betere band met diens moeder Magali (Rohmer-habitué Béatrice Romand) en hoopt haar voormalige oudere minnaar met haar te koppelen. Tegelijkertijd wil Magali’s beste vriendin Isabelle (Marie Rivière, eveneens deel van een selecte cirkel van acteurs waar Éric Rohmer graag mee werkte) ook een echtgenoot vinden voor Magali, en ze doet dat aan de hand van contactadvertenties die ze plaatst zonder medeweten van haar vriendin. Om toch enigszins zeker te zijn welk vlees ze in de kuip heeft, spreekt ze eerst zelf af met de mannen die op haar aankondiging ingaan en probeert ze te polsen of ze een goede partij zouden zijn.

Tussen al die personages ontstaat een hele reeks van misverstanden en botsingen die door Rohmer naar goede gewoonte in scherpe dialoogscènes gegoten worden. Eens te meer lijkt het allemaal geïmproviseerd en amateuristisch, maar maakt het deel uit van een goed uitgetekende structuur: zo filmde de regisseur op een echt huwelijksfeest van vrienden, maar liet hij zijn acteurs zich tussen de gasten begeven om daar hun vooraf afgesproken gesprekken te voeren – een mooi voorbeeld van Rohmers combinatie van ‘gezocht amateurisme’ en perfecte controle.

Inzake kleurenpalet is dit een film die gedomineerd wordt door de gloed van het Zuid-Franse licht, uiteraard passend bij het gekozen seizoen. De uitgestrekte wijngaard waar Magali eigenaar van is en de couleur locale van de dorpjes bepalen de sfeer die de vele emotionele angels verhult die onder de oppervlakte verborgen liggen. Zelfs in de afloop zal de aandachtige kijker veel meer nuance ontdekken dan het schijnbare happy end doet vermoeden: het afsluitende feest verbergt immers meer bitterzoete elementen dan op het eerste gezicht zou blijken (DaVb).

“Conte d’Automne” met Béatrice Romand, Marie Rivière. Regie: Éric Rohmer. Frankrijk, 1998. Score: 9/10.

Voorbeschouwing Festival

Coward

Openen doet FFG met Coward van Lukas Dhont, ondertussen ook de officiële Belgische inzending voor de Oscars. Met zijn derde langspeelfilm duikt Dhont de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog in. Coward focust zich op de hechte band die groeit tussen een jonge soldaat die zich hardnekkig wil bewijzen aan het front en een gewezen kleermaker die de moraal van de troepen op peil moet houden.

De regisseur van het fel bejubelde Girl en Close omschrijft Coward zelf als een film over de kracht van samenhorigheid in verbrokkelde tijden. De herkenbare stijl van Dhont (met een camera in ondiepe focus die de personages dicht op de huid zit en enkel nadruk legt op wat er zich in de voorgrond van het beeldkader bevindt) is inmiddels herleid tot een formule – bovendien komt het allemaal soms wat te zelfbewust over. In de moeizame eerste helft van de film kan Coward zelden het juiste ritme vinden en vervalt de prent bij momenten in een veredeld toneelspel. Nadien wint Coward aan diepgang, al is dat vooral de verdienste van nieuwkomers Valentin Campagne en Emmanuel Macchia, wiens sterke acteerprestaties werden gehuldigd in Cannes. (DiVB)

“Coward” met Valentin Campagne, Emmanuel Macchia. Regie: Lukas Dhont. België, Frankrijk, Nederland 2026. Score: 6/10

Le Corset (Iron Boy)

Vakkundig gemaakte Franse animatiefilm, geschreven en geregisseerd door Louis Clichy, die bij Pixar meewerkte aan de successen WALL-E en Up. Alles draait om een elfjarige knaap die zich stierlijk verveelt op de boerderij van z’n strenge vader met wie hij op gespannen voet leeft. Wanneer de jongen evenwichtsstoornissen ontwikkelt (door een extreme kromming van de wervelkolom), krijgt hij een orthopedisch korset aangemeten. Uit dit gegeven groeit een bitterzoete maar zachtaardige coming-of-agefilm over identiteit en onverwachte vriendschap, die zonder hoge toppen te scheren beslist enkele oprecht mooie momenten telt. De handgetekende aquareltekeningen met zachte pasteltinten en Oost-Indische inkt roepen treffend een sfeer van nostalgie op. (DiVB)

“Le Corset” stemmen Gary Clichy, Dimitri Colas. Regie: Louis Clichy. Frankrijk, België 2026. Score: 6,5/10

Un Bon Petit Soldat

Drie jaar na Hors-Saison, een melodrama over zelfperceptie en nieuwe kansen, keert Stéphane Brizé terug naar zijn roots. Het in Venetië bekroonde Un Bon Petit Soldat ligt perfect in het verlengde van Brizé’s sociaal bewogen films zoals La Loi du Marché en het ijzersterke Un Autre Monde. Un Bon Petit Soldat volgt een toegewijde zakenvrouw wiens gezinsleven moest wijken voor haar carrière. Wanneer ze als kersverse HR-manager wordt aangesteld bij een grote verzekeringsmaatschappij om het imago van het bedrijf op te poetsen, wordt de protagoniste geconfronteerd met spanningen op de werkvloer en een geval van toxisch leiderschap.

Quasi de hele film speelt in een hermetisch afgesloten microkosmos van kantoorgebouwen en vergaderzalen. Un Bon Petit Soldat mag dan nog hoofdzakelijk uit lange dialogen en discussies bestaan, Brizé blijft een kei in het doorgronden van een bepaald milieu of maatschappelijk kader. Hij gaat altijd recht door zee en maakt zich nooit schuldig aan onnodige opsmuk of overtollige ballast. De problemen waarmee zijn personages te kampen krijgen worden zelden opgeblazen of overgedramatiseerd. Ook Un Bon Petit Soldat vormt daarop geen uitzondering en wordt gekenmerkt door kleine nuances en subtiele verschuivingen in het scenario. Opmerkelijk zijn zeker de krachtige vertolkingen van Alba Rohrwacher en Vincent Lindon. (DiVB)

“Un Bon Petit Soldat” met Alba Rohrwacher, Vincent Lindon. Regie: Stéphane Brizé. Frankrijk 2026. Score: 7,5/10

Forêt Ivre

Forêt Ivre volgt drie vrouwen die elkaar afwisselen bij het bemannen van een berghut in de Noordelijke Alpen die als slaapplaats wordt opgengesteld voor wandelaars. De film is opgenomen in een videodagboek-stijl vanuit het idee het echte leven te tonen, waarbij stilte primeert en de mens één wordt met de natuur. In haar werk tracht de Belgische cineaste Manon Coubia volgens haar eigen woorden om verhalen te verankeren in de concrete realiteit van een gebied en de gebruiken die daarin heersen. Dit typisch beginnerswerkje getuigt echter van een amateurisme waarvan onze haren spontaan overeind komen te staan. Coubia, die met haar kortfilms nochtans verschillende prijzen wist te vergaren en dus niet aan haar proefstuk toe is, heeft werkelijk niks interessants te vertellen. Niet alleen op narratief vlak is Forêt Ivre een fiasco, maar ook louter esthetisch gezien (met beelden die bewust onderbelicht zijn waardoor alles op de achtergrond onscherp wordt) heeft de film geen enkele noemenswaardige betekenis. (DiVB)

“Forêt Ivre” met Anne Coesens, Aurélia Petit. Regie: Manon Coubia. België, Frankrijk 2026. Score: 1/10

A Family                              

De Nederlandse filmmaker Mees Peijnenburg verbeeldt in A Family welke verwoestende impact een relatiebreuk heeft op een voltallig gezin. De zestienjarige Nina en haar jongere broertje – vanuit wiens perspectief we het verhaal om beurt volgen – delen ieder op hun manier in de klappen omdat hun ouders (vertolkt door Carice Van Houten en Pieter Embrechts) zijn verwikkeld in een bittere vechtscheiding.

A Family is de zoveelste in een lange rij van arthousefilms die zich bedient van hetzelfde afgezaagde procedé: een real life video-esthetiek om alles “waarheidsgetrouw” in beeld te brengen, met wederom een camera in ondiepe focus die steeds in de directe omgeving van de personages blijft en hen vaak van heel dichtbij filmt, in een poging om op die manier hun lichaamstaal te vatten. Met dit verschil dat hier dezelfde gebeurtenissen dus worden herhaald vanuit een wisselend gezichtspunt. Toch neemt dit niet weg dat we, op een paar uitzonderingen na, weinig betrokkenheid voelen bij wat de kinderen doorstaan. De schaarse momenten waarin we als kijker wel meer toegang krijgen tot hun denk- en leefwereld, zijn deze waarbij de emoties die door dit conflict worden opgeroepen niet altijd expliciet worden geuit of onder woorden gebracht. (DiVB)

“A Family” met Celeste Holsheimer, Finn Vogels. Regie: Mees Peijnenburg. Nederland, België 2026. Score: 4,5/10

Salvation (Kurtulus)

In Salvation belicht regisseur Emin Alper (A Tale of Three Sisters, Burning Days) hoe een machtsstrijd ontstaat binnen een afgelegen Koerdische dorpsgemeenschap. De hele film is opgebouwd rond de uit de hand lopende spanningen tussen twee clans, die mede gemanipuleerd worden door de Turkse staat en die een spiraal van geweld veroorzaken in het bergdorpje.

Het scenario van Salvation is geïnspireerd op ware feiten die zich anno 2009 voltrokken. Voor Alper vormt dit slechts de kapstok waar een universele parabel over angst en wantrouwen wordt aan opgehangen – al interpreteert hij de film ook als een allegorie voor de huidige oorlog in het Midden-Oosten. Salvation is niet geheel vlekkeloos, daarvoor stokt het ritme her en der en wordt vooral in de tweede helft van de prent het escalerende conflict soms iets te lang uitgesponnen. De setting en de panoramische beelden roepen dan weer associaties op aan Once Upon a Time in Anatolia. De openingsscène waarin een konvooi auto’s zich een weg baant door het uitgestrekte landschap lijkt wel een directe hommage aan (of regelrechte kopie van) de mise-en-scène van Alpers landgenoot Nuri Bilge Ceylan. (DiVB)

“Salvation (Kurtulus)” met Erdal Acil, Mehmet Selim Akgul. Regie: Emin Alper. Turkije, Frankrijk, Nederland, Griekenland, Zweden, Saudi Arabia, 2026. Score: 7/10

El Partido

Tijdens de kwartfinale van het WK in Mexico in 1986 kopte Diego Maradona de bal tegen de Engelse netten in aanloop naar de halve finale die Argentinië met 2-0 zou winnen tegen het legendarische Belgische team met onder andere Jean-Marie Pfaff, Jan Ceulemans en Enzo Scifo. Tenminste, zo leek het, want eigenlijk was er sprake van handspel en na het goedkeuren van het doelpunt ging die fase de annalen van de sportgeschiedenis in als ‘de hand van god.’

El Partido probeert duidelijk te maken dat er veel meer aan de hand was tijdens deze explosieve match die volgde enkele jaren na de vijandelijkheden tussen het Verenigd Koninkrijk en Argentinië naar aanleiding van een dispuut met betrekking tot de controle over de Falklandeilanden. Startend met de beladen vragen “When does a match start, when does it end?” wordt ons op bombastische manier duidelijk gemaakt dat sport en politiek heel vaak hand in hand gaan, ook bij de supporters. Als dat op zich al geen wereldschokkend nieuws is, dan is de manier waarop dit alles uit de doeken gedaan wordt dat nog veel minder. Losse fragmenten, stukjes interview met de oud geworden sterren van toen, wat geschiedenis, en vooral heel veel nadrukkelijke uitspraken die de kijker er moeten aan herinneren hoe ‘iconisch’ het allemaal wel was.

Het voelt allemaal aan als een ouderwetse televisie-special voor op zondagavond en El Partido heeft noch als document, noch als film, iets boeiends te bieden (DaVb).

“El Partido” met Gary Lineker, Jorge Valdano. Regie: Juan Cabral, Santiago Franco. Argentinië, 2026. Score: 4/10

Dinsdag 6 Oktober 

Voor onze recensenten begint het festival al een dag vroeger met het ophalen van de accreditaties en de eerste dag persvisies in Kinepolis Gent. Vanaf vandaag mag u elke ochtend updates verwachten van het Enola team ter plekke.

Fjord

De Roemeense regisseur Cristian Mungiu onderzoekt in Fjord de actuele tegenstelling tussen conservatieve en progressieve waarden aan de hand van een worst case scenario voor elke ouder. Een Noors-Roemeens koppel verhuist met hun gezin naar de geboorteplaats van de vrouw in Noorwegen. Al snel botst hun strenge christelijke opvoeding met de progressieve waarden van de dorpsgemeenschap. Wanneer een leerkracht overbezorgd reageert op een blauwe plek bij een van de kinderen, belanden de ouders in een nachtmerrie. 

Hun kinderen worden in pleeggezinnen geplaatst en zij moeten voor de rechtbank verschijnen voor het zogenaamde fysieke geweld in hun opvoeding. In een sobere, afstandelijke esthetiek neemt Fjord je twee uur lang mee door dit moeizame proces. Daarbij confronteert Mungiu de kijker met de starheid van de Noorse personages die zichzelf als progressief en seculier identificeren, maar evengoed bevooroordeeld reageren op de Roemeense achtergrond van het gezin. 

Ondanks de veelbelovende acteurs Renate Reinsve en Sebastian Stan, weet Mungiu het volledige potentieel van zijn cast echter nauwelijks te ontginnen. Ook de onderhuidse spanning die de synopsis van de film initieel oproept, wordt niet echt ingelost en maakt eerder plaats voor irritatie. Het thema van dit sociale drama is zonder twijfel een gesprek na de film waard, maar dit lijkt dan ook de voornaamste verdienste van deze Gouden Palm (EDL).

“Fjord” met Renate Reinsve, Sebastian Stan. Regie: Christian Mungiu. Roemenië, Frankrijk, Noorwegen, Denemarken, Finland, Zweden, 2026. Score: 6/10

Everybody Digs Bill Evans

Genoemd naar het gelijknamige album van de jazzpianist, brengt regisseur Grant Gee met Everybody Digs Bill Evans een verrassende biopic. Gee, die eerder al succesvolle muziekdocumentaires maakte over Radiohead en Joy Division, focuste zich nu op de getroebleerde pianist Bill Evans. Na het overlijden van zijn bassist Scott LaFaro, valt Bill Evans’ perfecte jazztrio uit elkaar. Verlamd door verdriet stopt hij met spelen, maar juist in dit intermezzo zit de mens achter het muzikale wonder verscholen.

Met een stijlvolle, ritmische montage brengt Gee belangrijke momenten uit Evans’ leven samen. Bewegend tussen passages uit zijn laatste drie decennia, elk met hun eigen esthetiek, leren we de man achter de piano echt kennen. Zo vertaalt de film de fragmentarische informatie die eigen is aan een biografie naar een esthetisch geheel dat de eigenzinnige regie van Gee enkel onderstreept. Bovendien geeft de vertolking door Anders Danielsen Lie (Sentimental Value, Worst Person in the World) de complexiteit van Bill Evans fantastisch weer (EDL).

“Everybody Digs Bill Evans” met Anders Danielsen Lie, Bill Pullman. Regie: Grant Gee. Ierland, Verenigd Koninkrijk, 2026. Score: 8/10

Woensdag 7 Oktober 

Vanavond gaan de festivaldeuren open voor het publiek en zakken Lukas Dhont en vele leden van de cast en het productieteam van Coward (waarover u reeds kon lezen hierboven) af naar de rode loper voor het officiële startschot van Film Fest Gent 2026. Op onze sociale media vindt u morgen tal van foto’s, hier kijken we uit naar de persvisie van onder andere de nieuwe film van James Gray.

Paper Tiger

Paper Tiger, dat speelt in een stedelijke omgeving van de jaren ‘80, markeert James Grays terugkeer naar zijn vroegere misdaad- en politiefilms over stuk geslagen bloedbanden en morele ambiguïteit. In z’n jongste prent schetst de regisseur het portret van twee broers (een Joodse ingenieur en een voormalige flik) die de Amerikaanse droom najagen maar verstrikt raken in een wespennest dat hun hoofden ver te boven gaat en de onderlinge relatie van de mannen zwaar op de proef stelt.

Hoewel Gray, die misschien wel één van de laatste klassiek geschoolde filmmakers van zijn generatie is, zich met Paper Tiger op vetrouwd terrein begeeft (er zijn duidelijke echo’s van The Yards en We Own the Night), weet de cineast dit schijnbaar clichématige verhaal op te tillen tot een indringende karakterstudie waarin een familie het epicentrum wordt van economische en emotionele spanningen. De ongelooflijk beheerste mise-en-scène en het robuuste camerawerk van Joaquín Baca-Asay vertaalt dit alles in een cinematografische beeldtaal die even intens als aangrijpend is. (DiVB)

“Paper Tiger” Met Adam Driver, Scarlett Johansson. Regie: James Gray. Frankrijk, USA, Polen, Italië 2026. Score: 9/10

The Other Side of the Sun

In de beklijvende speelfilm The Other Side of the Sun zoekt de Belgisch-Syrische regisseur Tawfik Sabouni  de beruchte martelgevangenis van Sednaya weer op, waar duizenden tegenstanders van het Bashar al-Assad regime werden geëxecuteerd. Sabouni belandde in deze hel nadat hij de volksopstand tegen Assad en het begin van de Arabische Lente probeerde vast te leggen op camera. In het gezelschap van enkele lotgenoten, die eveneens wisten te ontkomen aan de dood, worden gruwelijke ervaringen uitgewisseld en bepaalde rituelen uit hun gevangenschap gereconstrueerd. Hiermee tracht Sabouni een stem te geven aan de vele slachtoffers en daarnaast ook ruimte en betekenis te schenken aan de pijnlijke herinneringen die hij jarenlang heeft onderdrukt. Het is een confrontatie die bij de ex-gedetineerden hevige emoties opwekt en van de film een beproeving maakt die diep onder de huid kruipt. (DiVB)

“The Other Side of the Sun” Met Abdelkafi Alhaj, Mahmoud Alqadah. Regie: Tawfik Sabouni.België, Frankrijk, Saudi Arabia, Syrië 2026. Score: 7,5/10

The Only Living Pickpocket in New York

The Only Living Pickpocket in New York handelt over een goedhartige zakkenroller van de oude stempel die zijn vingers zwaar verbrand als hij steelt van een verwaande tiener met machtige connecties. De vederlichte film opent op de tonen van het nummer New York, I Love You but You’re Bringing Me Down en drijft op het ritme van de jazzy soundtrack. De sfeer die The Only Living Pickpocket in New York uitdament doet vaag denken aan de misdaadkronieken van de jaren negentienhonderd zeventig, maar onder dit oppervlak schuilt een eerder laconieke prent over generatieverschillen en veranderende waarden. Het is een mooie vingeroefening die in se niet erg veel om het lijf heeft maar aanstekelijk werkt en door scenarist/regisseur Noah Segan is opgevat als één grote liefdesbrief aan de Big Apple. De hoofdrol van John Turturro is er één om in te kaderen. (DiVB)

“The Only Living Pickpocket in New York” Met John Turturro, Giancarlo Esposito. Regie: Noah Segan. USA 2026. Score: 7/10

Donderdag 8 Oktober

Het publiek begint toe te stromen – vandaar dat FFG dit jaar inzette op meer vertoningen van elke film – en de sterren lopen elke avond over de rode loper. Terwijl regisseur Danny Boyle vanavond zijn nieuwe film komt voorstellen, lopen overdag de persvisies onafgebroken door. Ons team blijft u dus berichten over wat er de komende dagen te zien zal zijn op het festival.

Soudain (All of a Sudden)

In de nieuwste prent van Ryûsuke Hamaguchi, die anno 2021 furore maakte met het wondermooie Drive My Car, vertolkt onze landgenote Virginie Efira een directrice van een rusthuis die streeft naar een meer humane ouderenzorg en een innige vriendschap sluit met een aan kanker lijdende Japanse toneelschrijfster.

Het scenario van de film is gebaseerd op het boek When Life Suddenly Takes a Turn, dat bestaat uit de correspondentie tussen de antropologe Maho Isono en filosofe Makiko Miyano. All of a Sudden moet het niet hebben van spanningsopbouw maar neemt rustig de tijd om tot volle bloei te komen. Uit het eenvoudige gegeven puurt Hamaguchi een fijnzinnig relatiedrama waarin vrijwel niets plotseling gebeurt maar de scènes zich bijna organisch lijken te ontwikkelen en langzaam een rijpere betekenis krijgen.

Efira en haar tegenspeelster Tao Okamoto werden gezamenlijk in Cannes terecht uitgeroepen tot beste actrice. (DiVB)

“Soudain (All of a Sudden)” Met Virginie Efira, Tao Okamoto. Regie: Ryûsuke Hamaguchi. Frankrijk, Japan, Duitsland, België 2026. Score: 8/10

This Is How a Child Becomes a Poet / Tutti Frutti

De gevierde Franse filmmaakster Céline Sciamma (Tomboy, Portrait de la Jeune Fille en Feu) volgt het tijdens Covid gedraaide kleinood Petite Mamam op met twee kortfilms die op FFG in één ruk worden vertoond.

Het amper zestien minuten durende This Is How a Child Becomes a Poet, dat pas echt vorm kreeg tijdens de montage, is een eresaluut aan de in 2022 overleden Italiaanse dichteres Patrazia Cavalli. Niettegenstaande Sciamma slechts met haar camera rondneust in de flat van Cavalli en tracht te capteren wat voorgoed dreigt te verdwijnen, weet ze de interieurs toch een ziel in te blazen. Tutti Frutti is een soort collagefilm die fragmenten verenigt die de cineaste in vier jaar tijd opnam en waarmee ze de mogelijkheden van de zevende kunstvorm verder wou exploreren. In zijn geheel is deze double bill geen oninteressant experiment, maar zeker Tutti Frutti kon een steviger ruggengraat gebruiken en schiet vooral tekort omdat er in deze mengelmoes ook geen duidelijke lijn te trekken valt. (DiVB)

“This Is How a Child Becomes a Poet” Regie: Céline Sciamma. Frankrijk, Italië 2023

“Tutti Frutti” Met Adèle Haenel, Céline Sciamma. Regie: Céline Sciamma. Frankrijk 2026. Score: 5/10

L’âge d’or

Ambitieus opgezet epos van debuterend regisseur Bérenger Thouin. De film vertelt het levensverhaal van een jonge slagersdochter die droomt van een beter bestaan en toont de opofferingen die daarmee gepaard gaan. L’âge d’or loodst ons zodoende doorheen de grote maatschappelijke omwentelingen van de twintigste eeuw. Er valt zeker iets te zeggen voor de manier waarop Thouin – die voor dit fictiedebuut meteen een sterk ontwikkeld oog voor compositie aan de dag legt – omgaat met deze historische erfenis. Toch weet L’âge d’or niet altijd het volle potentieel te benutten dat de film als tijdsbeeld in zich draagt. (DiVB)

“L’âge d’or” Met Souheila Yacoub, Vassili Schneider. Regie: Bérenger Thouin. Frankrijk, Italië 2026. Score: 6,5/10

Youri

In het Amsterdam van de jaren negentientachtig leerde de uit de Sovjet-Unie gevluchte pianist Youri Egorov journalist en later schrijver Jan Brokken kennen. Ondanks een uiterst stroef eerste contact, groeide tussen beide mannen een hechte vriendschap die later zou leiden tot het boek In het Huis van de Dichter. De film is slim genoeg om te openen met de woorden ‘Inspired by a True Friendship’ eerder dan ‘True Events’ en dat is maar goed ook, want de roman was al een interpretatie van het gebeurde en nu wordt dat alles natuurlijk nog eens gefilterd doorheen het medium film.

Die tweede adaptatie van de werkelijkheid is zeker niet geweldig. De film zit vol gezwollen dramatiek en ontelbare dik aangezette scènes waarin een van de geportretteerde artiesten – de muzikant of de auteur – plots een vlaag van inspiratie krijgt en de aanzwellende muziek ons dat goed duidelijk moet maken. Het is allemaal onderhoudend met veel aandacht voor de hedonistische homoscene van Amsterdam medio de jaren tachtig, maar uiteindelijk is het vooral de mooie herschepping van het betreffende tijdperk, die de prent een beetje overeind houdt. (DaVb)

“Youri” met Joes Brauers, Levan Gelbakhiani. Regie: Sander Burger. Nederland, 2026. Score: 6/10

Vrijdag 9 Oktober

Te oordelen aan de hoeveelheid mensen die staat aan te schuiven aan de zalen, is het jaarlijke filmfeest in Gent opnieuw een groot succes. Ook het retrospectieve luik ron Éric Rohmer (zie de start van onze blog) en de evenementen rond filmmuziek zijn ondertussen gestart. Tussen de persvisies vandaag films van grote namen als Radu Jude en Pawel Pawlikowski, titels waar u hier binnenkort zeker over kan lezen.

Siempre Soy tu Animal Materno

Internationaal-Belgische co-productie die het midden houdt tussen een gefolterd familieportret en een magisch-realistisch drama.

Er is eigenlijk maar één echte verhaallijn en die spitst zich toe op Elsa die vanuit België – waar ze studeert – terugkeert naar haar thuisland Costa Rica en daar zich zorgen maakt over haar labiele jongere zus die gelooft in geesten en spiritisme en er allerlei onfrisse vrienden op nahoudt. Op veel hulp van haar gescheiden ouders hoeft ze niet te rekenen: de onverschillige vader heeft een nieuwe jonge vriendin, de moeder is te veel met zichzelf bezig en het heruitgeven van haar ooit controversiële erotische gedichten.

Al die personages meanderen doorheen kleine botsingen en emotionele disputen die gekaderd worden binnen vragen over geloof en zingeving. De wat geforceerd minimalistische stijl om dit alles in beeld te zetten, is aanvankelijk gewoon onopvallend, maar gaat langzamerhand ook wel wat op de zenuwen werken. Cineaste Valentina Maurel die nochtans veelbelovend werk afleverde met Tengo Sueños Eléctricos (waarmee Siempre Soy tu Animal Materno hoofdrolspeelster Daniela Marín Navarro deelt) mag dan thematisch dezelfde paden verder bewandelen, vormelijk is het allemaal echt wel een serieuze stap terug. Compositie en beeldvoering zijn ongeïnspireerd en wat voorheen een directe, maar duidelijk doordachte stijl was, ziet er nu een beetje uit als slordig kladwerk. Het is te vroeg om Maurel zomaar af te schrijven op basis hiervan, maar dit is toch wel over de hele lijn een teleurstelling (DaVb).

“Siempre Soy tu Animal Materno” met Daniela Marín Navarro, Marina de Tavira. Regie: Valentina Maurel. Costa Rica, Frankrijk, Mexico, België, 2026. Score: 4/10

Queen at Sea

Op het filmfestival van Berlijn ontving de Amerikaanse regisseur Lance Hammer de juryprijs voor dit familiedrama waarin een moeder van derde leeftijd centraal staat die lijdt aan een vergevorderde vorm van dementie. Queen at Sea, dat thematisch nauw verwant is aan Amour van Gouden Palm winnaar Michael Haneke, valt meteen met de deur in huis. De opmerkelijke openingsscène vormt het vertrekpunt voor een film die veelzeggend is met weinig woorden, en zeer goed gedoseerd is, maar ook steunt op schitterend acteerwerk en een uitgekiende mise-en-scène. Zoals Monia Manzo in haar recensie van Queen at Sea schrijft wordt de neurodegeneratieve ziekte niet enkel afgebeeld als een klinische aandoening maar tevens als een breuk in het bewustzijn. Met veel inlevingsvermogen maakt Hammer (die voorts ook als producent verbonden is aan de film, het script schreef en daarbovenop instond voor de montage) ons deelgenoot van dit proces en wordt wat de vrouw en haar naasten doorstaan tastbaar gemaakt. Een verrassing van formaat én de ontdekking van een nieuw talent. (DiVB)

“Queen at Sea” Met Juliette Binoche, Tom Courtenay. Regie: Lance Hammer. UK, USA 2026. Score: 9/10

Gabin

Verspreid over een periode van tien jaar volgt regisseur Maxence Voiseux een jongen die opgroeit op het platteland van Noord-Frankrijk en wordt verscheurd tussen loyaliteit jegens z’n ouders en zijn eigen verlangen naar vrijheid. De coming-of-age film is een verdienstelijk tijdsdocument dat de leefwereld van de protagonist in een wat naturalistische stijl op het doek borstelt. Het concept van Gabin roept onvermeidelijk associaties op aan Richard Linklaters superieure Boyhood. Niettegenstaande Voiseux zijn eigen stem laat gelden, blijft de goedbedoelde film steken in de grijze middelmaat. (DiVB)

“Gabin” Met Gabin Jourdel. Regie: Maxence Voiseux. Frankrijk 2026. Score: 6/10

Zaterdag 10 Oktober

Onze recensenten schakelen een tandje bij en presenteren u vandaag een hele reeks titels die de voorbije dagen de revue passeerden.

Le Journal d’une Femme de Chambre

Als de Roemeense beeldenstormer Radu Jude een nieuwe adaptatie draait van Octave Mirbeaus roman Le Journal d’une Femme de Chambre, dan weet je uiteraard dat je je niet aan een klassieke hervertelling hoeft te verwachten. Met die stelling in gedachten, hoeft het dus niet te verbazen dat Judes nieuwste opnieuw een speels-ontluisterende evocatie is van de moderne structuren van het kapitalisme en de geschiedenis van Roemenië en Europa.

Die ironische wijze van omgaan met pijnlijke waarheden vormt uiteraard al een hele tijd de kern van Judes recente werk: van het spel met moderne media en de Roemeense geschiedenis in Bad Luck Baging or Loony Porn tot de kijk op post-kapitalisme in Do Not Expect too Much from the End of the World. Ook nu is de mix van toneel, film, technologie en sociaalkritisch commentaar zeer geslaagd, maar vormelijk is het toch net allemaal iets minder delirant en barok. Ontegensprekelijk zorgt dat ervoor dat dit misschien wel de meest toegankelijke film is die de regisseur ooit draaide, maar door dat te doen, geeft hij ook wel een beetje van zijn eigenheid als kunstenaar prijs. Le Journal d’une Femme de Chambre is nog steeds intelligente en sterke satirische cinema, maar doet ook wel verlangen naar nog eens een meer radicaal experiment van de cineast (DaVb).

“Le Journal d’une Femme de Chambre” met Ana Dumitrascu, Mélanie Thierry. Regie: Radu Jude. Roemenië, Frankrijk, 2026. Score: 7,5/10

Chronovisor

Deze sfeervolle, lo-fi thriller van Kevin Walker en Jack Auen zal gezien haar vorm voor velen frustrerend werken, maar doorwinterde boekenwurmen, liefhebbers van het analoge en al wie openstaat voor een academische studie à la Umberto Eco zullen hier een ingenieuze parel ontdekken die niet zomaar onder een noemer of genre te catalogeren valt.

Anne-Laure Sellier speelt Beatrice, een wetenschapper gespecialiseerd in filosofie en neurowetenschappen aan een universiteit in New York.  Ze is vastberaden om de echtheid van het apparaat uit de filmtitel te achterhalen, maar stoot hierbij op een mysterieuze, Vaticaanse samenzwering.  De chronovisor is een uitvinding van een Italiaanse benedictijner monnik Pellegrino Ernetti waarvan beweerd wordt dat het videobeelden kan genereren vanuit eender welk moment uit de geschiedenis, de kruisiging van Jezus Christus inbegrepen.

De grootste kracht van Chronovisor schuilt in de manier waarop alle informatie die Beatrice verzamelt op een sublieme manier getoond wordt aan de kijker.  De combinatie van sfeervolle 16mm-film (Leo Zhang tovert hier met licht en schaduw) en het inzoomen op de veelheid aan boeken en academische teksten – wat Beatrice uit die teksten dient te onthouden wordt voor ons gemak vertaald en gemarkeerd – creëert een haptische ervaring die onder andere doet denken aan Ann Orens’ uitstekende Piaffe en het werk van Peter Strickland.  Chronovisor is zintuigelijke cinema die met chirurgische precisie en een meeslepende ingetogenheid blijft boeien tot de Blair Witch-achtige finale.  Tel daarbij nog een straf geluiddesign en majestueuze muziek van componist Gustav Holst, en je weet dat dit met recht en rede bestempeld kan worden als een briljante kijkervaring (PV).

“Chronovisor” met Anne-Laure Sellier. Regie: Kevin Walker, Jack Auen. Usa, 2026. Score: 9,5/10

Bunker
In Bunker vertolken Javier Bardem en Penélope Cruz (die ook in het echte leven een koppel vormen) een welstellend echtpaar dat met het gezin van Madrid naar Londen verhuisde. Hij is een gerenommeerde architect die van een multimiljardair een lucratief aanbod krijgt – een ondergrondse schuilplaats ontwerpen voor een select groepje van superrijken – een prestigeproject met verstrekkende gevolgen dat uiteindelijk ook schade toebrengt aan zijn zeventienjarig huwelijk.
Voormalig toneelregisseur Florian Zeller (The Father) beoogt het idee de plot als instrument te gebruiken om iets te vertellen over de abstractie van tijd en ruimte. Daarmee spiegelt Zeller zich aan Michelangelo Antonioni, maar mispakt zich volledig aan de manier waarop hij die concepten moet implementeren. Haarfijne psychologische observaties komen er niet aan te pas en moeten plaats ruimen voor filosofische wijsheden die even doorzichtig als simplistisch zijn. Alles In Binker wordt zwart-wit voorgesteld en is uiterst pretentieus. De boodschap die eronder verscholen zit, dat geld niet gelukkig maakt en echte liefde ieder obstakel kan overwinnen, wordt er ingeramd met de subtiliteit van een voorhamer. (DiVB).
“Bunker” Met Javier Bardem, Penélope Cruz. Regie: Florian Zeller. Frankrijk, Spanje 2026. Score: 2/10
L’Estranea

Hoe reageer je wanneer je moeder plots bekent dat ze een deal met de duivel sloot in een ziekenhuiskapel? In L’estranea (oftewel The Spiral) vertelt Anna (Jasmine Trinca) haar dochter Alice (Romana Maggiora Vergano) in vier hoofdstukken hoe ze bij elke tragische gebeurtenis in het gezin steeds dieper verstrikt raakte in een Faustiaans pact met een hedendaagse Mefistofeles (Valeria Bruni Tedeschi). Gedreven door ijdelheid sleurt Anna haar dochter, haar zoon en uiteindelijk ook haar man mee in een neerwaartse spiraal van ongeluk. 

De Italiaanse regisseur Paolo Strippoli toont dat hij de kneepjes van het horrogenre kent, maar weet met de afstandelijke esthetiek van L’estranea en de plot die zichzelf viermaal herhaalt nauwelijks onder de huid te kruipen. Wat de film pas echt tot horror maakt, is het feit dat een regisseur vandaag de dag niets angstaanjagender kon verzinnen voor een Italiaanse moeder dan een kind met overgewicht (EDL).

“L’estranea” met Jasmine Trinca, Romana Maggiora Vergano,Valeria Bruni Tedeschi. Regie: Paolo Strippoli. Italië, Frankrijk, België, 2026. Score: 5/10

The Education of Jane Cumming

The Education of Jane Cumming vertelt het waargebeurde verhaal van een rechtszaak tegen twee vrouwelijke leerkrachten die in 1810 een meisjesschool uitbaatten in Edinburgh en door één van hun leerlingen beschuldigd worden van ‘lesbische activiteiten’. Gebaseerd op het boek van Lillian Faderman en gesteund op de effectieve gerechtelijke documenten die regisseur Sophie Heldman in archieven onderzocht, tracht het kostuumdrama om het verhaal zo waarheidsgetrouw mogelijk weer te geven. Zo werden bepaalde brieven en verwoordingen zelfs letterlijk overgenomen. Toch wordt er dankzij een ingetogen vertelling en subtiel acteerspel ook nog veel ruimte gelaten aan de kijker om wat niet bewezen is, zelf in te vullen.

Het onderwerp is gebaseerd op dezelfde feiten als de beide films die William Wyler draaide over dit onderwerp (These Three uit 1936 en The Children’s Hour uit 1961) en de thematiek zou ook wat kunnen doen denken aan Portrait de la jeune fille en feu, maar dit drama is veel zachter en wil onze blik op de geschiedenis, en dan vooral op het leven van vrouwen in die tijd, openbreken. De echte feiten zijn daarbij belangrijk, maar tegelijk ook niet. Het is een registratie zonder antwoord, een inkijk in het leven van vrouwen in begin 19e eeuw die verrassend hedendaags aanvoelt zonder dat het op wat voor manier dan ook probeert het narratief te moderniseren (EVH).

“The Education of Jane Cumming” Met Flora Nicholson, Clare Dunne. Regie: Sophie Heldman. Uk, Duitsland, Zwitserland, 2026. Score: 7/10.

Maddie’s Secret

Wat voor type film Maddie’s Secret wil zijn, is misschien nog wel het grootste geheim. In de eerste plaats is dit drama pure camp. Regisseur en queer comedian John Early speelt hoofdpersonage Maddie, een typische girl next door uit Californië met een droom. Een afwasser die dankzij een simpel filmpje van de ene op de andere dag viraal gaat en de nieuwste ster wordt in de business van food influencers. Maar ondanks haar schijnbaar perfecte leventje voert Maddie inwendig een strijd die niemand ziet. Ze kampt namelijk met een eetstoornis, wat niet enkel haar rijzende carrière op het spel zet, maar ook haar letterlijke leven. De zwaarwichtigheid waarmee het drama de complexe thematiek van eetstoornissen aansnijdt, geeft de film een melodramatische flair, wat gezien het serieuze onderwerp toch enigszins gek aanvoelt.

Maddie’s Secret rijgt de clichés aan elkaar en is zodanig over the top, dat het haast niet anders kan dat dit als een knotsgekke satire te beschouwen. Met een scenario dat zich ergens tussen een Wattpadverhaal en een Hallmark movie in bevindt, kan dit zuurstokroze drama al snel verkeerd vallen. Maar dankzij de toewijding van de volledige cast (en vooral John Early) bevat Maddie’s Secret net genoeg hart om niet volledig te verzuipen in zijn eigen kitscherigheid. (EVH).

“Maddie’s Secret” Met John Early, Kate Berlant. Regie: John Early. Usa, 2025. Score: 6,5/10.

Fatherland

Kan kunst waardenvrij zijn? Rond deze vraag – die filosofen en critici al heel lang bezighoudt – en andere morele grenzen weeft de bekroonde Poolse regisseur Pawel Pawlikowski een gefictionaliseerde biopic die volledig is opgebouwd rond de figuur van Nobelprijswinnaar Thomas Mann en zijn getroubleerde dochter (de alomtegenwoordige Sandra Hüller). Na zestien jaar ballingschap keren ze terug naar Manns thuisland, een door de oorlog verdeeld Duitsland. De dynamiek tussen politieke ideologie en persoonlijke integriteit komt tot uiting in een zeer complexe film die moeilijk te doorgronden valt en waarin de kijker de verbanden zelf dient te leggen. De grondstof voor Fatherland vond Pawlikowski in de roman The Magician van Colm Tóibín die werd geprezen voor zijn rijke verbeeldingskracht. Het compacte 4:3-formaat symboliseert hoe de personages gevangen zitten in hun eigen trauma’s en herinneringen. De vloeiende beeldtaal en minutieuze zwartwit-composities zijn van Lukasz Zal, de cameraman die ook al post vatte voor Ida en het bedwelmend mooie Cold War (DiVB).

“Fatherland” Met Sandra Hüller, Hanns Zischler. Regie: Pawel Pawlikowksi. Polen, Duitsland, Italië, Frankrijk 2026. Score: 7/10

recent

Primetime

Lance Oppenheim is in wezen een documentairemaker die met...

Gebeiteld – Beeldhouwer Roger Bracke :: Stadsmuseum Lokeren

Met Gebeiteld presenteert het Stadsmuseum van Lokeren een tentoonstelling...

Wu Lyf

Als een vage herinnering stond Wu Ly donderdagavond in...

aanraders

Digger

Er viel de laatste weken niet te ontsnappen aan...

Notre Salut

Het gebeurt niet vaak dat een filmmaker persoonlijke familiegeschiedenis...

Rose

“Er zijn onder de kruisvaarders vrouwelijke ridders die mannenharnassen...

Primetime

Lance Oppenheim is in wezen een documentairemaker die met...

Un Anno di Scuola

Met Un Anno di Scuola sluit Laura Samani zich...

verwant

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in