The Hold Steady :: Boys And Girls In America

Ze zijn dun gezaaid, maar bestaan nog: bands die the best of both worlds combineren. Bij Wilco gingen indie-esthetiek en classic rock hand in hand tussen Being There en Yankee Hotel Foxtrot. Nu is er The Hold Steady, een vijftal nerds die de platen van Tom Petty, Thin Lizzy en The Boss tevoorschijn haalden en ze van repliek dienen met het indrukwekkende Boys And Girls In America.

De band heeft nu Brooklyn als uitvalsbasis, maar voor vier van de vijf leden was dat ooit Minneapolis, de plaats waar men bij rock-‘n-roll nog steeds denkt aan The Replacements en Hüsker Dü, bands die jaren zeventig-rock vanuit de marge te lijf gingen met een gretigheid die er voor de gemiddelde rockfan ver over was. Diezelfde spirit was al aanwezig op de eerste twee albums van de band, maar met Boys And Girls wordt niet al te subtiel verwezen naar de betere rock uit het tijdperk tussen acid droppende jambands en het schaamteloze hedonisme van de disco, beter bekend als de seventies. Luister en hoor hoe de grandeur van Born To Run in de plaat geslopen is, hoe de twin guitar-attack van Thin Lizzy van context veranderde en hoe de ultra-Amerikaanse rock van Tom Petty binnenstebuiten werd gekeerd. Maar laten we vooral eerlijk zijn: een plaat van dit kaliber maakte Petty zelf al niet meer sinds 1979.

De rauwheid van de plaat is ook terug te vinden bij bands als Slobberbone en het machtige Drive-By Truckers, niet toevallig een band die ook mocht aanpappen met producer John Agnello, die deze troep boekhouders voorziet van een sound die voor 100% rawk is. De drums zijn prominent, de gitaren waaieren breed uit, de piano is puur theater. De ironie is dat de beoogde grandeur in contrast staat met de kleine verhalen. Zoals de titel (een verwijzing naar Jack Kerouacs On The Road) al aangeeft, neemt de plaat het jonge Amerikaanse volkje onder de loep. Er wordt gefeest, gefriemeld, er worden drugs genomen, en vervolgens worden katers en frustraties verwerkt. Alledaags materiaal, ware het niet dat de band met Craig Finn een meesterverteller in huis heeft, die de werkelijkheid net dat beetje beter weet te vatten dan u en ik.

De man heeft een monotoon instrument dat het niet moet hebben van melodisch vernuft en dat eigenlijk vooral doet denken aan die andere brillenkop: Randy Newman. Maar hij reciteert en ratelt erop los, schudt de ene memorabele zin na de andere uit z’n mouw en geeft de luisteraar de illusie dat het album één grote raamvertelling is. Vooral ontgoochelingen weet hij treffend te beschrijven: “She was a really cool kisser and she wasn’t all that strict of a Christian / she was a damn good dancer, but she wasn’t all that great of a girlfriend.” De personages die songs als “Stuck Between Stations” bewonen, zwelgen in de gulzigheid die jonge adolescenten zo kenmerkt, en zijn aan het einde van de trip steevast een aantal illusies armer. Ook dit zou amper het vertellen waard zijn als de band er niet in geslaagd was elf songs lang te boeien.

De drugstrilogie “Chips Ahoy!”, “Hot Soft Light” (inclusief het rake “We started recreational, it ended kinda medical”) en “Same Kooks” (Rolling Stones-meets-AC/DC) is een mokerslag die pas tot rust komt dankzij de obligate ballad “First Night”. Finn raast als een halvegare op een piedestalletje, gitarist Tad Kubler speelt het soort gitaarsolo’s dat tegenwoordig zeldzaam geworden is, en de songs zijn stuk voor stuk te onthouden. “You Can Make Him Like You” had uit de pen van Evan Dando kunnen komen, “Massive Nights” doet het onwaarschijnlijke door powerpop aan boogie te koppelen en komt ermee weg dankzij een onbeschaamd catchy refrein dat van The Knack had kunnen zijn, waarna afsluiter “Southtown Girls” Springsteen en Thin Lizzy nog eens aan elkaar naait.

Als we dan toch moeilijk moeten doen, willen we wel kwijt dat de gastvocalen van Elizabeth Elmore tijdens “Chillout Tent” op niks trekken, maar voor de rest is Boys And Girls In America een plaat met het potentieel om een generatie te analyseren en te romantiseren, en meerdere generaties te herenigen, en dat is slechts weinigen gegeven. Begrijpt u waar we heen willen?

The Hold Steady staat op 30 juni in de Marquee van Werchter. Wat ons betreft de beste reden om te gaan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × een =