Thé Lau :: Tempel der liefde

Thé Lau is een laatbloeier; hij brak pas door met The Scene op zijn 38ste. Maar laatbloeiers geven niet snel op: zestien jaar later komt Lau met zijn zoveelste ijzersterke plaat op de proppen. Na het wat doorsnee De God van Nederland laat hij op Tempel der liefde zijn verleden los en wordt hij eindelijk de soloartiest die hij op de planken al even is.

Even vreesden we dat Thé Lau in zijn typische sound was blijven steken. Op De God van Nederland, zijn eerste soloplaat uit 2002, bewandelde hij de bekende paden en voegde weinig toe aan het indrukwekkende oeuvre dat hij bij The Scene neerpende. Zette hij in schouwburgen te lande een sterke intieme show neer die ook op de dvd Thé Show te bewonderen is, op plaat leek hij te zijn vastgeroest in zijn idioom. Maar dat die Rolling Stones-optie niet de beste was, besefte Lau blijkbaar ook want het nieuwe Tempel der liefde stoeit vrijelijk met beats, orkesten en andere nieuwigheden in zijn universum.

Zijn handelsmerken blijven. De ronde, wat cirkelende gitaar, dat stuwende, en natuurlijk die uiterst herkenbare stem. In opener "Vreemd", bijvoorbeeld, dat nog een mooi bruggetje met voorganger De God van Nederland vormt. Het is het meest typische nummer hier, want gaandeweg sleurt hij ons mee het pad van vernieuwing op dat hij op Tempel der liefde bewandelt.

"Spiegelmonster" verkent nog bekende thematiek, "We weten niets van de soldaat" is een verrassing. Tegen een achtergrond van pulserende strijkers hekelt Lau de hypocriete manier waarop een samenleving met haar militairen omgaat. En plots praten we halverwege toch over een rocksong. Sterk.

"Ik ben er achter dat alles wat ik doe wel herkenbaar als mij zal klinken door mijn stem", aldus Lau. En dus laat hij wel eens vaker de gitaar achterwege om zich op het zingen te concentreren. Dat roept in "Idioot" (een vertaalde tekst van Astor Piazzola op een bedje van strijkers door Prima La Musica) herinneringen op aan de monologue intérieur die ook "Lotus Europa" van Spinvis is. In "Nighthawks" mag aanvankelijk enkel een kille beat voor wat schaarse begeleiding zorgen. Titelnummer "Tempel der liefde" past er met zijn klokken naadloos achter en roept nog eens The Scene in herinnering.

Het in opdracht geschreven "In vrijheid" is iets te veel Thé Lau die Thé Lau doet, maar in de eindspurt bewijst Tempel der liefde zich helemaal. Een eenzame piano mag "Strand" (Lau blijft sterk in die typische éénwoordtitels) inluiden, strijkers tillen het nummer een stapje hoger. In "Lantaarn" spreekt de zanger nog maar eens zijn vader aan, niet toevallig is er een tik emotie meer te bespeuren die het op gelijke hoogte brengt met het beste dat hij ooit schreef.

Een volledig meesterwerk is Tempel der liefde niet geworden, maar het album bewijst dat Lau stevig halfweg de wandeling nog steeds relevant is. Hier is een unieke stem aan het woord die nog steeds bereid is zijn horizonten te verbreden en te zoeken naar nieuwe manieren om zijn verhalen te vertellen. Zo hoort het te zijn. Wij willen nog altijd méér horen van Thé Lau, en acht albums ver in een carrière is dat meer dan we van de meeste artiesten kunnen zeggen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × een =