The Go Find :: Miami

Ben je geen sant in eigen land, probeer het dan in Duitsland! Dit
is niet de slagzin waarmee de bezetter tijdens W.O. II goedkope
werkkrachten probeerde te ronselen om te komen arbeiten in
de heimat, het is een beetje het verhaal geworden achter deze plaat
van Dieter Sermeus. In de jaren negentig stond hij aan de wieg van
Orange Black, ongetwijfeld één van de fijnste bands die ons land
het afgelopen decennium voortbracht, maar om alsnog onverklaarbare
redenen nooit het publiek bereikte dat ze verdiende. Maar gelukkig
laten rasmuzikanten zich niet gauw ontmoedigen door het uitblijven
van commerciële successen, voor echte muzikanten tellen niet de
centen en de procenten, zij tellen allen het aantal songs dat nog
ligt te rijpen in de kelders van hun onderbewuste. Zo verging het
ook Sermeus. Na een zijsprongetje met Napkin vs Soda liet hij zich
een paar jaar geleden inlijven door Arne Van Petegem alias
Styrofoam, en vormde hij samen met dat andere genie, Dago
Sondervan, de live begeleidingsgroep tijdens diens laatste tournee.
En kijk, sinds enkele weken ligt er een nieuwe cd van Sermeus in de
winkels, uitgegeven op het Berlijnse Morr-label (alweer in zo’n
fijn hoesje, ontworpen door huisdesigner Jan Kruse), én met de hulp
van Arne Van Petegem.
Morr, zeiden we? Inderdaad! Het label van Der Thomas is één
van die vele huizen van vertrouwen, waarbij je kan stellen dat de
naam Morr Music bijna synoniem is voor de muziek die er wordt
uitgegeven. De grote namen die vanuit de kantoren van deze
platenmaatschappij de wereld worden ingestuurd zijn genoegzaam
bekend. The Notwist, Ms. John Soda, Lali Puna, Console,
Styrofoam…), The Go Find past perfect in dat rijtje: melodieuze,
bitterzoete, catchy electro- en indiepop. Het smaakt af en toe naar
The Notwist, Styrofoam, DNTEL of zelfs New Order, maar het blijven
in de eerste plaats songs van Sermeus. Alsof hij voor de
gelegenheid af en toe in iemand anders zijn kleren rondloopt.
Hoe moeten we de sound van The Go Find nu omschrijven? Gitaarsongs
waarvan de dode momenten werden opgesmukt met elektronica?
Styrofoam met iets meer gitaren? The Notwist voor beginners? Niks
van dat alles. Basis van elke song blijft uiteraard het vakmanschap
van songschrijver Sermeus. Het verschil met Orange Black is dat de
songs deze keer niet alleen op gitaar, maar evenzeer met
elektronische hulpmiddelen werden gecomponeerd. Bovendien is
‘Miami’ niet zomaar gitaar + elektronica; het waren de “noden” van
de songs die bepaalden wanneer voor welk instrumentarium werd
geopteerd.
Hoe vaker we ‘Miami’ draaiden, hoe beter we ons begonnen thuis te
voelen in de warme elektropop van de Antwerpenaar en hoe meer
parels we ontdekten op de plaat. En raar maar waar: de songs die
ons tijdens de eerste beluisteringen het minst deden, zijn nu de
tracks die we maar niet uit ons hoofd krijgen. ‘What I Want’ is
zonder twijfel het sterkste nummer van de plaat, maar waar wij
eveneens kriebels in onze buik van krijgen zijn ‘Sky Window’,
‘Bleeding Heart’, ‘Summer Guest’, ‘Igloo’ en ‘Blisters on My
Thumb’. Is de rest dan niet goed genoeg? Nee, zeker niet! Deze
eerste Go Find (en hopelijk niet de laatste) is een straffe plaat,
van begin tot einde!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien + 18 =