Angèle :: Nonante-Cinq

Als het leven voor Angèle een rollercoaster is, dan was debuut Brol het moment dat het karretje naar beneden dook, verschillende loopings in. Het was opwindend, spannend, maar ook een beetje beangstigend. Drie jaar, een Beatlesmania-waardige hype en een gedwongen coming-out later is er nu Nonante-Cinq. Album nummer twee, maar vooral: een ontnuchterde blik in de spiegel.

‘Wie is Angèle?’ Na zoveel persaandacht en adoratie wist de zangeres het ook niet meer. Natuurlijk had ze het succes gewild, maar sinds Kurt Cobain weten we dat het ook dan koud in de nek kan kletsen. Roem is een vies beestje, en wie het te pakken heeft wil er vaak snel weer van af. Angèle Van Laeken volgt op dat vlak netjes het boekje, zo spelt ook de nieuwe Netflixdocumentaire met haar naam uit.

De drive om die roem te bereiken is dan ook weg. Nooit meer zal Angèle dochter of broer van zijn. Vader Marka, moeder Laurence Bibot, broer Roméo Elvis; ze zijn allemaal ver voorbijgestoken. Angèle is her own woman, en op Nonante-Cinq zoekt ze wie dat dan precies mag zijn. In dagboekachtige teksten herkauwt ze de wervelstorm die haar vier jaar geleden opzoog, het leven sindsdien. Je hoort het in “Plus de sens”, in “Démons”, waarin ze radeloos zingt “Comment faire pour tuer mes démons?”

Misschien is het dus niet gek het allemaal begint met “Bruxelles je ’t aime”, een springerige ode aan de hoofdstad. Parijs, dat was de gekte, Brussel, da’s thuis, waar ze nog altijd ster is, maar op zijn minst kan proberen Angèle from the block te zijn. En alle gedoe van de voorbije jaren heeft haar sterker gemaakt, zo bezweert ze in “Libre”: “Fais bien attention à toi / Ton jeu, je le connais déjà”. Het is een van de hoogtepunten van Nonante-Cinq, een zomerse hit in wording.

De lentefrisheid is niet verdwenen dus. Ook “Solo” huppelt op zo’n hinkstapritme, je ziet haar nu al paraderen in de videoclip – parasolletje sowieso over de schouder – een beetje Lily Allen achterna. “Pensées positives” flirt met trap, maar doet dat met onschuldig grote Bambi-ogen; het botst niet. Het klinkt wel; Angèle heeft nog altijd het talent om een nummer te dragen met haar zanglijn alleen. Het is jammer dat “Démons”, een sleutelnummer, later wat plat uit valt. De rap van Damso, verbaal straf als altijd, is irrelevant gestoef dat pas in zijn laatste bocht de link met Angèles nummer legt. Naast de commerciële berekening van zo’n samenwerking valt op dat moment niet te luisteren.

De introspectie vertaalt zich in de meest klassieke ballads sinds de jaren tachtig. “Taxi” is zuchten over een piano, in “Tempête” smacht ze vol pathos “J’ai été folle de t’aimer si fort, folle d’aimer fort un fou”, de productie van afsluiter “Mauvais rêves” doet zelfs denken aan het drama van jaren tachtig-groepen als Mecano. Klassiek Franse stijl, quoi.

En dat is dat. Wie nog iets over #metoo wil horen moet het ergens zoeken, of zoals ze zelf zegt: “toen was ik twintig. Nu ben ik vijfentwintig en wil ik over iets anders zingen.” Als Nonante-Cinq iets is, dan precies dat: het geluid van de quarter life crisis. Alles wel beschouwd klinkt het alsof Angèle die zonder grote kleerscheuren heeft overleefd. Benieuwd wat dat geeft tegen haar dertigste.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × 5 =