Moxie

Een tienermeisje loopt angstig door een bos, de wind wakkert aan, de bomen lijken bijna tot leven te komen en dan komt er een schreeuw om hulp, zonder dat er ook maar een streepje geluid uit haar mond ontsnapt.  Deze nachtmerrie, waarmee Amy Poehlers’ Netflix-film Moxie opent, staat duidelijk symbool voor de angst om niet gehoord te worden en de onbehaaglijkheid waarmee jongvolwassenen geconfronteerd worden als ze hun eerste stappen moeten zetten in het tienerleven.   

Dat de overgang naar een nieuwe school geen ‘walk in the park’ is zal voor velen wel herkenbaar zijn, en dat is het zeker niet in het geval van Rockport Highschool, waar er vanaf dag één door de jongens al lijstjes doorgestuurd worden met weinig subtiele categorieën zoals ‘Most Bangable’ en ‘Best Ass’. Het lijkt er allemaal bij te horen in het Amerikaanse schoolleven, want heel verrast lijkt hoofdpersonage Vivian (Hadley Robinson) niet bij de bekendmaking van deze onbehouwen keuring.  Pas als haar klasgenote Lucy (Alycia Pascual-Pena) gemeen behandeld wordt door de obligate ‘Mr. Popular’ Mitchell (je weet wel: knap, charmant, kapitein van het rugbyteam maar tegelijk ook een ontzettende eikel) wordt er bij Vivian een eerste vonkje ontstoken.  Dat vonkje ontaardt al snel in een heuse steekvlam nadat ze ontdekt hoe moederlief in haar schooltijd de strijd aan ging met dat soort van irritant en ongewenst machogedrag.  Haar alleenstaande moeder Lisa (gespeeld door Poehler zelf) was immers een fervent aanhangster van de Riot grrrl-beweging, een feministische subcultuur die aan het begin van de jaren ’90 een vuist wou maken tegen het patriarchaat en seksisme. In Lisa’s oude spullen vindt Vivian ook een zelfgemaakt propaganda-blaadje, wat haar motiveert om zelf met wat inventief knip- en plakwerk haar eigen magazine met de titel ‘Moxie’ (slang voor pit) uit te brengen en te verdelen onder haar medestudenten, zij het met behoud van volledige anonimiteit.  Het krantje zorgt meteen voor een schokgolf doorheen Rockport High, en een nieuwe Girl Power-beweging lijkt geboren.  

Alhoewel Moxie verhaaltechnisch weinig verrassend is en er in dit genre misschien wel betere films voorhanden zijn (denk aan Booksmart of Mean Girls), vindt Poehler toch wel een mooie balans tussen drama en humor die bovendien ondersteund wordt door een sterke cast.  Marcia Gay Harden is vermakelijk karikaturaal als stuurse schooldirectrice die pas in actie wil schieten als iemand op Youtube dreigt om een wapen mee naar school te brengen. Als Vivian bij haar het grensoverschrijdende gedrag van Mitchell (gespeeld door Patrick – zoon van – Schwarzenegger) wil aankaarten, reageert zij dat er een groot verschil is tussen ‘aanvallen’ en ‘lastigvallen’, puur uit eigen comfort, omdat er voor haar op administratief vlak een enorm verschil is tussen die twee. Ike Barinholtz is dan weer uiterst genietbaar in zijn bijrol als klungelige en ietwat naïeve leerkracht die liever confrontaties uit de weg gaat en een boekbespreking van The Great Gatsby droog afrondt met het triviale feitje dat Nick Carraway gespeeld werd door Toby Maguire. Een film die de Riot grrrl-beweging nieuw leven wil inblazen is natuurlijk niets zonder een sterke groep jonge vrouwen, maar ook dat zit gelukkig goed. Hoofdpersonage Vivian lijkt aanvankelijk niet de geknipte persoon om de Moxie-beweging te leiden, maar Hadley Robinson weet de twijfel en onwennigheid perfect te vatten tijdens haar groei van muurbloempje tot leidster van een revolutie. Haar beste vriendin Claudia (Lauren Tsai) voelt zich als dochter van Chinese migranten het minst van allemaal thuis in de nieuwe beweging en geeft terloops een mooie boodschap mee als Vivian haar betrokkenheid in vraag stelt: ‘I do care. You just need to let me do it my way’.  Het siert Poehler dat ze die nuance in haar film legt, want opkomen voor een gemeenschappelijk goed is één ding, maar het mag niet ten koste gaan van eigen normen en waarden, want op die manier worden er nieuwe beperkingen en stereotypes gecreëerd, terwijl het doel nu net is om te breken met bestaande conventies binnen de muren van de school. Een klein minpuntje is het vaak sloganeske karakter van de tiener-retoriek. Bij momenten neigt het allemaal iets té veel naar Amerikaanse feelgoodcinema, in die zin dat je bij een zoveelste statement bijna een uitroep van ‘Yeah’s’ kunt horen waarbij toestaanders de gebalde vuisten euforisch de lucht in zwieren.   

Onlosmakelijk verbonden met de Riot grrrl-beweging was de muzikale subcultuur die, gelijktijdig met de opkomst van de grunge, alternatieve en vrouwelijke bands naar voren bracht zoals Hole, L7 en Babes In Toyland.  Die rebelse sound is gelukkig ook sterk aanwezig op Moxie’s soundtrack, met Rebel Girl van Bikini Kill voorop.  Het is daarom wel een beetje jammer dat die punk-attitude niet helemaal doorgetrokken wordt in het verhaal zelf.  Op een anarchistische uitspatting van vandalisme na blijft Moxie misschien iets te braaf en meanderend naar zijn doel toe werken, iets wat op het einde ook pijnlijk duidelijk wordt als er nog snel een verkrachtingszaak bijgehaald wordt om de finale wat meer gewicht te geven. Het had de film extra diepgang gegeven moest deze subplot eerder in het verhaal geslopen zijn – op deze manier komt het allemaal wat geforceerd over.  Ook de bloeiende liefde tussen Vivian en haar klasgenoot Seth (Nico Hiraga) haalt de vaart er een beetje uit (vooral een onnodige romantische escapade in een funerarium).

Een ‘coming-of-rage’, zoals Poehler haar eigen prent omschrijft, is het dus niet, maar Moxie blijft wel prima overeind als een met liefde gemaakte ode aan Girl Power en het recht op individualiteit.

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vier =