Été 85

Été 85, de nieuwe film van François Ozon, was verondersteld om in première te gaan op de jongste editie van het filmfestival van Cannes. Toen de wereldwijde Corona-pandemie ook het festivaljaar 2020 helemaal dooreenschudde, werd de prent een van de titels die het virtuele selectielabel ‘Cannes 2020’ mocht dragen bij de release. Het is een label dat films die anders sterk rekenden op het festival als lanceerplatform, nu kunnen aanwenden om alsnog een wat meer geslaagde doorstart te kennen op de schermen buiten het internationale festivalcircuit.

Sinds zijn grote doorbraak aan het begin van de jaren 2000– toen hij met Gouttes d’eaux sur pierres Brûlantes en Swimming Pool respectievelijk het werk van Rainer Werner Fassbinder en Alfred Hitchcock emuleerde, is Ozon uitgegroeid tot een van de meest interessante Franse cineasten van zijn generatie en tot een regisseur die een duidelijk herkenbaar en eigenzinnig oeuvre wist uit te bouwen. Met Été 85, wordt duidelijk dat Ozon ook twee decennia later, nog altijd werk van zijn grote voorbeelden laat binnen sluipen in zijn eigen filmische universum. Deze zomerse kroniek van een dramatische liefde, is immers een nauwelijks verholen hommage aan het werk van de grote Éric Rohmer en dan vooral aan zijn ‘Normandische’ parels Pauline á La Plage en Conte d’ Été (Melvil Poupaud, de hoofdrolspeler uit die tweede film duikt trouwens op in een kleine bijrol als plaatselijke leerkracht).

Net als bij Rohmer, staan ook hier liefde en vriendschap centraal, meer bepaald die tussen adolescenten die de zomer doorbrengen aan de Normandische kust (anno 1985 uiteraard, zoals ook een paar raak gekozen popsongs illustreren). David en Alexis (sterk vertolkt door de jonge acteurs Benjamin Voisin en Félix Lefebvre) leren elkaar kennen wanneer de laatste met zijn zeilboot in de problemen komt tijdens een onweer. Er is van bij het begin een aantrekkingskracht tussen beide jongens die verder gaat dan het louter amicale en al snel is het tweetal onafscheidelijk.  De wat oudere David heeft alles waar de meer timide Alexis van droomt en hij wordt hopeloos verliefd – een liefde die ook beantwoord lijkt te worden.

Aangezien de film echter omgeven wordt door een raamvertelling en Alexis in voice-over ons inlichtte over het lijk van zijn vriend dat zo een grote indruk op hem maakte, weten we dat dit ook de kroniek is van een aangekondigd drama. Het is in het uitspitten van dat drama, dat François Ozon eens te meer zijn subtiliteit toont als filmmaker. Zonder zich ook maar een moment te vergrijpen aan voor de hand liggend sentiment of nostalgie, weet de regisseur – net als Rohmer – een fijnzinnig web te spinnen van schijnbaar triviale gesprekjes en voorvallen, die langzamerhand aan betekenis en coherentie winnen.  Gedrapeerd in het zachte noordelijke kustlicht dat door de camera van DOP Hichame Alaouie mooi wordt gevat, slaagt de film erin om – los gebaseerd op het boek Dance on My Grave van Aidan Chambers – te graven in de emoties van de jonge personages, zonder ze te trivialiseren of ironiseren, maar evenmin zonder ze op te kloppen tot al te zwaarmoedige of hysterische hoogtes.

Inzake het evoceren van de kracht van grote beeldkunst, is dit zeker niet het beste werk van de Fransman. Dit is geen Swimming Pool, 5×2 of 8 Femmes. Dit is wel een ‘coming-of-age’ film die erin slaagt om binnen de grenzen van een uitermate beproefd genre iets neer te zetten dat fris en boeiend aanvoelt en toch bijzonder stevig verankerd zit in de (Franse) traditie van wat vooraf kwam.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twaalf + negentien =