Queen and Slim

Queen and Slim vormt een perfect dubbelluik met het in de Verenigde Staten ongeveer gelijktijdig uitgebrachte Black and Blue. Beide films openen met Afro-Amerikaanse personages die tegengehouden worden door blanke – openlijk racistische – agenten en beide films drijven op diepe, bijna wanhopige woede. Het verschil bestaat uit de positie tegenover de wet die beide producties innemen: het hoofdpersonage in Deon Taylors films is zelf politie-agent, de protagonisten van Queen en Slim bevinden zich – noodgedwongen – aan de andere kant van de lijn. Achter de camera staat Melina Matsoukas, die vooral haar sporen verdiende als regisseur van videoclips (vooral voor Beyoncé), maar zichzelf met dit langspeeldebuut meteen stevig op de kaart zet.

Wat opvalt van bij de eerste beelden – een ongemakkelijk eerste afspraakje in een taverne – is de dwingende manier waarop debutante Matsoukas haar breedbeeldcanvas gebruikt. Het is een kwaliteit die ze de hele film lang zal aanwenden en die aan deze ‘road movie’ doorheen een akelig leeg en anoniem Amerika, een sterke visuele signatuur schenkt.

De twee hoofdpersonages die we zien zitten – Slim (Daniel Kaluuya uit Get Out) en Queen (Jodie Turner-Smith) – hebben elkaar gevonden via Tinder, maar hebben duidelijk weinig boodschap aan de ontmoeting. Hij is een brave, godsvruchtige jongeman die vooral geen moeilijkheden wil, zij een advocate die weinig opheeft met het justitiële systeem. Ze zijn overduidelijk geen zielsverwanten en de avond eindigt dan ook met een gelaten rit naar huis. Onderweg worden ze echter tegengehouden door een agent en wanneer die in een steeds bitser wordende discussie zonder aanleiding zijn wapen trekt, ontstaat een schermutseling waarbij de wetsdienaar per ongeluk de dood vindt. Doodsbang vlucht het tweetal weg – de vooringenomenheid zal hen geen schijn van kans geven leert Queens ervaring – en wanneer de video van het incident online komt, groeit hun tocht uit tot een odyssee doorheen een verscheurd Amerika. Op het moment dat het tweetal aankomt in New Orleans duikt nog een parellel op met Black and Blue: de door orkaan Katrina getekende stad, vormde ook daar een symbool voor de raciale spanningen die de Amerikaanse samenleving segregeren.

Het is ook daar dat de film Queen and Slim zijn volle potentieel begint te ontplooien. Wanneer de vluchtelingen hun uiterlijk veranderen om uit de handen van de politie te blijven, conformeren ze zich langzamerhand van ‘geslaagde’ Afro-Amerikanen, in exact het soort van beeld dat in media en films wordt gepropageerd van de hippe – geapproprieerde – ‘zwarte’ cultuur. Dat de protagonisten zich noodgedwongen conformeren aan dat beeld is de echte tragiek in Queen & Slim: enkel op die manier zijn ze in staat een beeld van zichzelf te bouwen dat aanvaardbaar is voor de media die hun verhaal gebruikt voor het bouwen van een mythologie.  Dat idee zat ook al verwerkt in Us van Jordan Peele en duikt hier opnieuw op, met zelfs nog een extra non-essentialistische dimensie: het koppel stopt bij een ‘zwarte’ bar, waar het idee speelt dat ze kunnen opgaan ‘onder de eigen mensen’, maar dat concept – essentialisme reduceert een groep altijd tot één gemeenschappelijk beeld – wordt door de film volledig onderuit gehaald. Het echt grote moment moet dan echter nog komen. Een vrijpartij wordt doorsneden met de beelden van protesten ten voordele van het tweetal dat in tussentijd uitgroeit tot uithangborden voor de Afro-Amerikaanse zaak. Die schitterend opgebouwde scène is hét moment waarop Queen and Slim boven zichzelf uitstijgt en weigert een boodschapfilm te zijn: dit is een prent over de mythologie en de romantische idealen en iconen van de Hollywood filmkunst en hoe die verweven kan raken met de sociale realiteit. De mythe van het voortvluchtige koppel wordt een sociale mythe en film en realiteit vormen een nieuw beeld waarin wat constructie is en wat echt is, niet langer van elkaar te onderscheiden valt. Op die manier is dit een They Live by Night, Badlands of Bonnie and Clyde (een film die meermaals voor de geest komt) die niet langer het spiegelbeeld vormt van de generatiekloof die de tegencultuur van de jaren negentienzestig voedde, maar wel van de raciale en sociale breuklijnen die de VS anno 2019 nog steeds verdelen.

De langoureuze, contemplatieve stijl, die doorspekt wordt met stukken brutaal geweld, leveren een verbazend zelfzeker en overtuigend debuut op. De nieuwe golf aan Afro-Amerikaanse films is tot nog toe verbonden aan enkele terugkerende prominente namen – Jordan Peele, Ryan Coogler, Barry Jenkins – en met deze Queen and Slim plaatst Melina Matsoukas zich meteen als een potentiële kandidate om aan dat lijstje te worden toegevoegd.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − vier =