Nothing :: Dance On The Blacktop

Sinds 2013 brengt Nothing een mix van shoegaze, droompop, metal en punk die nostalgisch en verfrissend aandoet. Dance On The Blacktop bewijst bijna over de hele lijn dat er nog geen sleet op die formule zit.

De band uit Philadelphia hoort sinds enkele jaren bij de lichting bands die op verschillende manieren teruggrijpt naar de shoegaze-erfenis van de jaren negentig. A Place To Bury Strangers en The Pains Of Being Pure At Heart zijn misschien niet meer wat ze geweest zijn, maar gelukkig zijn er genoeg andere groepen (van Deafheaven over DIIV tot Alcest), die recentelijk nog boeiende nieuwe muziek uitbrachten. Ook Nothing doet het nog altijd uitstekend.

Even terug naar dat fantastische debuut, vier jaar geleden verschenen bij het (opvallend genoeg) extreme metallabel Relapse. Van bij de eerste luisterbeurt van Guilty Of Everything werden we overdonderd door hevige distorted shoegaze-rock die zweeft tussen loodzwaar en bloedmooi. Tired Of Tomorrow (2016) was een stap vooruit; een plaat met duizelingwekkende hoogtepunten en prachtige rustpunten. Moeilijk te evenaren, dachten we toen al.

Hoewel heaviness iets minder de boventoon neemt dan op de vorige platen, kan je Dance On The Blacktop bezwaarlijk een positief getinte, rustige plaat noemen. De muziek is opnieuw een therapie voor de innerlijke kwelduivels van Domenic “Nicky” Palermo. De frontman is niet voor het geluk geboren. Palermo kende niet bepaald een gelukkige jeugd, zat ooit in de gevangenis na een steekpartij en werd het slachtoffer van een gewelddadige overval. Aan dat laatste incident hield hij nog eens een degeneratieve hersenziekte (versta: blijvende hersenschade) over.

Toch kan de man met zijn band (onder wie een nieuwe bassist, Aaron Heard van Jesus Piece) nog altijd geweldige nummers schrijven met een eigen, kenmerkend geluid. “Zero Day”, “Blue Line Baby” en “You Wind Me Up” behoren tot het beste werk van Nothing en zijn zelfs nog toegankelijker dan oudere prijsbeesten zoals “Dig”, “Bent Nail” en “Vertigo Flowers”.

Naar goede gewoonte doet de geluidsmuur in elk nummer heerlijk escapistisch aan, maar tegelijk hebben we het gevoel dat hier en daar iets te veel kopieerwerk overheerst. “You Wind Me Up” blijf een dijk van een nummer, maar doet vooral aan Ride en Dinosaur Jr. denken. Ook andere nummers missen een beetje een eigen smoel. In “Us / We / Are” lijkt het alsof Radiohead een alternatieve versie van “Creep” met My Bloody Valentine opnam. Toch werkt het riffwerk weer verslavend (net als in “Hail On Palace” trouwens).“I Hate The Flowers” doet dan weer te veel aan Deftones denken en is eigenlijk het enige zwakke broertje van de plaat.

De twee afsluiters van de plaat zijn wel weer tegelijk overweldigend mooi én origineler. “The Carpenter’s Son” is een sereen nummer met echo’s van Slowdive. “(Hope) Is Just Another Word With A Hole In It” is een perfect nummer om met de ogen dicht bij weg te zweven. De uitstekende productie — hoe kan het ook anders — van John Agnello (Sonic Youth, Dinosaur Jr., Kurt Vile) voegt extra warmte toe aan de immer hevig gloeiende gitaren.

De derde van Nothing is over de hele lijn niet haar sterkste plaat, toch blijven alle nummers lang genoeg hangen. Zowel de trouwe fans als iedereen die wel eens een stevige portie gitaarmuziek kan smaken, mogen zich dus aangesproken voelen door Dance On The Blacktop.

Nothing speelt dit najaar drie keer in België in het kader van Autumn Falls: op 3 november in Cirque Mystic in Aalst, op 5 november in Muziekodroom in Hasselt en op 7 november in de Charlatan in Gent.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 3 =