ROADBURN 2014: Nothing :: ”Extreem luid spelen is als drugs nemen”

“Als er geen muziek in mijn leven was geweest, zou ik op een slechter pad beland zijn dan wat al het geval was.” Aan het woord is frontman Domenic “Nicky” Palermo, frontman van shoegazewonder Nothing dat net het opgemerkte debuut Guilty Of Everything uit heeft. Het oprechte verhaal van een muzikant met een bewogen levensgeschiedenis, die met Nothing op Roadburn Festival zijn eerste Europese show speelt.

“Een artiest waar ik recentelijk aan verslaafd raakte, is Townes Van Zandt. We hebben ook veel dingen gemeen: onze afkomst en verslavingen”, zegt de frontman van Nothing, die in zijn leven al veel miserie kende, ergens middenin het gesprek. De jonge Palermo was rond de millenniumwissel frontman van hardcoreband Horror Show, maar lang duurde dat avontuur niet. De toen 20-jarige Palermo moest in 2002 twee jaar de gevangenis in voor een steekpartij. De tijd in de gevangenis veranderde hem. Toen hij vrij kwam, belandde hij opnieuw op het slechte pad. Na enkele jaren bezinning was hij in 2010 klaar om keihard terug te slaan met Nothing, waarvan begin dit jaar de debuutplaat verscheen. “Ik ben tevreden met het debuut. We hebben ons doel bereikt. Het is altijd een beetje gokken, maar ik merk dat we al een trouwe groep luisteraars hebben. Elke persoon die het album koopt, maakt mij tevreden.”

Philadelphia, een shithole

Palermo groeide op in Kensington, een van de meest criminele buurten van Philadelphia, een van de Amerikaanse steden met het hoogste aantal moorden. “Ik groeide op in de lagere middenklasse, maar iedereen in de buurt leek aan de drugs te zitten. Er was ook veel geweld en criminaliteit: alles wat je daar kan verwachten dus. Het werd steeds erger. Veel familie en vrienden zaten aan de drugs. Ik heb er de verschrikkelijke gevolgen van gezien.” Toch kreeg hij niet de minste muzikale opvoeding. “Mijn moeder voedde mij op met The Cure, Cocteau Twins en Joy Division: alles wat triestig klonk dus. Mijn broer is tien jaar ouder en luisterde naar de hardcore punk van Minor Threat en Warzone. Zo ben ik in de scene geraakt en ik kon mijn gewelddadige en negatieve energie toch nog kwijt. Het hielp mij echter niet om te ontsnappen aan de drugs.”

Als we Palermo vragen of we Philadelphia eens moeten bezoeken, antwoordt hij volmondig neen. “Maar ik heb er een haat-liefdeverhouding mee. Ik haat het om er te leven en kutjobs te doen, maar wanneer ik even weg ben op tournee, voel ik de drang om terug te keren. De eerste week van een tour is altijd tof, maar in de derde week word ik onrustig. Ik heb even in Los Angeles gewoond, maar daar wou ik mij op den duur verhangen. Ik zat er zo hard aan de drugs.”

Cynische klootzak

De meest inspiratie voor zijn teksten haalde hij uit de literatuur. “In de gevangenis ben ik veel beginnen lezen. Dat deed ik er vooral naast gokken. (dwaalt af) Literatuur is voor mij een van de puurste kunstvormen waaruit je dingen voor jezelf kan opnemen. Ik lees vooral Emil M. Cioran, Albert Camus, Jean Genet, Georges Bataille en Dostojevski. Allemaal heel existentialistisch, maar ik haalde er positieve energie uit.

Vandaag is Nothing een volwaardige band, die naast Palermo ook uit gitarist Brandon Setta, bassist Joshua Jancewicz en drummer Michael Bachich bestaat, maar het was vooral de ontmoeting met Setta die een grote invloed had op de band en de muziek. “Na mijn vrijlating had ik het echt gehad met hardcore op vlak van zelf muziek maken en spelen. Maar je vond me nog steeds op hardcore shows. Die inspireren nog steeds. Ik hou bijvoorbeeld echt van de band Hoax. De ontmoeting met Setta is een vreemd verhaal. Ik ontmoette hem na de opnames van de demo van Nothing ( in 2010, lh). Ik was in een methadonkliniek hier in Philly. Ik zat in de lobby en hij had zat aan de andere kant van de kamer om ook op een spuit te wachten. Hij had een shirt aan van de punkband Ink & Dagger en zo zijn we aan de praat geraakt. Brandon is zoals ik een cynische klootzak. We begrijpen elkaar. Hij hielp mij om de muziek verder vorm te geven en de atmosferische en gelaagde sound die ik op het oog had te bereiken. Het huidige succes van Nothing is er dankzij hem gekomen. Als Nothing en muziek in het algemeen er niet was geweest, was ik echt door het lint gegaan.”

Met Setta trok hij zich terug in een kamertje, om onder invloed van drank en drugs aan de negen nummers te sleutelen die nu op het loodzware maar toch toegankelijke Guilty Of Everything staan. “We wilden echt een trieste plaat maken, maar melancholie kan toch ook schoon zijn? Het album is als een bekentenis, een biecht voor mezelf. Het vertelt mij hoe ik mij voelde.” En dan dwaalt Palermo, die verward maar aardig blijft klinken, weer een beetje af. “(over de algemene boodschap van de plaat) Ik wil ook vertellen hoe we verward zijn over ons doel op de aarde. Het menselijke ras is zo opgefokt. Iedereen is — sorry, ik kan geen betere term verzinnen — een stuk stront. Elke mens denk dat hij of zij centraal staat, denkt dat ze zeer belangrijk zijn. Ik denk dat de wereld beter was duizend jaar geleden, toen mensen nog niet zo zelfbewust waren. Maar pas op: ik ken gelukkig nog een heleboel mensen die het goed menen.”

Fuck de decibellimiet

Over uitgebreide tourplannen in Europa kon Palermo nog niet uitwijden, maar hij begint wel spontaan over zijn passage in Antwerpen te vertellen. “In 2012 speelde ik er een show toen ik met Horror Show een reünietour deed met de mannen van Dead Swans. Ik hou echt van de stad. Ik liep er de hele tijd dronken, maar ook de architectuur en vriendelijke mensen herinner ik mij nog. Het was een mooie ervaring. Ik hield ook van jullie bieren en de oude gebouwen. In Philadelphia dateren de oudste uit de 17de eeuw, in Antwerpen leek alles zo veel ouder.”

Nothing is een bad-ass band die graag super luid speelt, zo lezen we als we het internet afschuimen. Maar de geluidslimiet van 100 decibels bij ons schrikt Palermo niet af. “Dat zal een groot probleem zijn voor ons, maar ik ga mijn versterker niet stil zetten. We spelen vaak maar een halfuur, maar we spelen zo luid en energiek mogelijk. We spelen normaal op 120 decibel! Het hoogste volume dat we ooit gespelen is 130 decibel, ergens in Florida. Dat was met de band Whirr. Zij haalden zelfs 145 decibels! Het coole aan zo luid spelen, is dat je dingen begint te horen die er niet zijn. Het is een beetje vergelijkbaar met drugs nemen. Je lichaam begint andere dingen te doen.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

19 − zeventien =