Gorillaz :: Humanz

Het is al weer een jaar of zeven geleden dat Damon Albarn Gorillaz nog eens uit de kast heeft gehaald en kijk: daar borrelt de cartoonband weer op. Met Humanz staat de teller al op vijf albums. Memorabel is die helaas niet geworden, maar als de wereld vergaat, doet het er misschien niet altijd even hard toe.

In 2010 leek het erop dat de stekker uit het virtuele project van Albarn en Hewlett getrokken zou worden, maar plot was daar Plastic Beach: hun beste plaat tot dan toe. Het contrast met The Fall, ‘s werelds eerste plaat die later dat jaar verscheen en volledig op een iPad werd gemaakt, maar toch vooral een gimmick was, kon niet groter zijn. Nee, Plastic Sea was complex en ambitieus, maar ook een perfecte driehoeksverhouding tussen hiphop, pop en elektronica die, ondanks de vele gastbijdragen, een homogene langspeler vormde. Net op dat vlak verliest Humanz zichzelf: de toestellen in de speeltuin van Albarn vertonen slijtage.

Want hoewel Humanz een hedendaags, apocalyptisch album is — het uitgangspunt was “Wat als Trump de verkiezingen wint?” — slaan de tientallen gastbijdragen soms in de arrangementen als een tang op een varken. Hoe veel is te veel? Was dat nu echt nodig? Dit werkt niet echt: het zijn enkele van onze notities na een paar luisterbeurten. Ook de singles kunnen het zaakje niet rechttrekken. Want geef toe: zo’n “Andromeda” staat toch een trapje lager dan “Feel Good Inc.”, “Clint Eastwood” of “Stylo”. Bovendien halen een resem interludes de vaart compleet uit het album. Over interludesgesproken …

I switched my robot off
And I know more
But I retain less
Retain less
-tain less
-tain less
Less
Less
Less
Less …

Zo verwelkomt de stem van acteur Ben Mendelsohn ons. Het is een van die merkwaardige samenwerkingen, maar “We Got The Power” met Jehnny Beth van Savages spant toch de kroon en: Noel Gallagher godbetert. Staat misschien leuk op de tracklist, maar van dat nummer hadden we bijvoorbeeld meer verwacht. Als slotsong heb je daar de kans om een sterk statement te maken, om een vuistslag der menselijkheid uit te delen op een album dat per slot van rekening Humanz heet, maar dan blijkt dat we met een dun vullertje te maken hebben. Net zoals “Hallelujah Money”: een dijk van een stem heeft die Benjamin Clementine, nog eens versterkt door een koor, maar die valt als los zand tussen de stuiterende en freewheelende strofes.

Maar gelukkig — Albarn zou Albarn niet zijn — schuilt er in die chaos ook genialiteit. Rapper Vince Staples zet het einde van de wereld in met “Ascension” en waarom zou dat niet met een feestje kunnen? “Heard the world is ending soon I assumed that they told ya/They tryna dinosaur us/So now it’s time to go up.” Het is een stem van de toekomst die goed past bij het urgente sfeertje van het nummer. Van hetzelfde laken een broek voor “Saturn Barz”, waarin Popcaan in het Jamaicaans de ideale mix vindt tussen reggae en hiphop.

De tribale kermisbeats van “Momentz” vormen het gedroomde decor voor een blij weerzien met De La Soul, die in 2005 al meededen op “Feel Good Inc.” en vijf jaar later ook nog eens op “Superfast Jellyfish”. Het zijn de synthriedels en de koortjes (“Plastic on the ceiling/Plastic in the ceiling”) die het nummer op het rechte pad houden. Helemaal geen pad meer is er in “Charger”, waarin Grace Jones komt spoken: “I am the ghost/Hahahaha/Provocative/That’s what I want”, gestuurd door een Robot-Rock-achtige gitaarrif. De rauwe energie staat in schril contrast met de monotone en gedesoriënteerde zanglijn van Albarn: “A cha-charger/Everything is supposed to get in/I just don’t know where I’m a-getting it from”

In “Let Me Out” is het terug aan Staples om een bijdrage te leveren. Het voormalige lid van The Staples Singers dat het voorbije decennium niet verlegen zat om een paar uitstekende soloplaten, wordt hier bijgestaan door Pusha T. Geen idee of ze de jonge snaak naast haar kent, maar de combo tussen die twee en Albarn werkt verrassend goed.
“Am I passin’ into the light?/Am I looking into mercy’s eyes?”zingt ze met meer cool dan je van het besje zou vermoeden. Een beloning voor wie tijdens het hobbelige ritje Humanz is blijven zitten. We raden trouwens de reguliere versie aan en niet de deluxe: de vijf extra nummers plus interlude maken het album nodeloos lang en zijn allesbehalve essentieel.

Humanz bewijst dat Damon Albarn nog altijd een relevante artiest is — net zoals het soloalbum Everyday Robots uit 2014 en het comeback Blur-album “The Magic Whip” uit 2015 dat deden — en dat al bijna 30 jaar lang. Wie doet het hem na? Toch is dit een plaat geworden waarop hij zichzelf meer dan eens verliest in z’n eigenzinnigheid. Gelukkig zijn er uitschieters in beide richtingen. Moeilijk te verteren als een enkele hap, maar er zijn enkele lekkere snacks van te maken.

Gorillaz speelt op 22 november in Vorst Nationaal. Het concert is uitverkocht.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 4 =