Philip Selway :: Weatherhouse

Ouwe mop: Hoe noem je iemand die graag met muzikanten rondhangt? De drummer.

Maar Selway is niet zomaar een drummer. Zijn slagwerk bij Radiohead is verbluffend en ook als soloartiest weet hij zich behoorlijk uit de slag te trekken. Laten we niettemin één ding duidelijk maken: als Weatherhouse voorgesteld wordt als “de tweede van Radiohead-drummer Philip Selway”, moet u dat epitheton vooral niet interpreteren alsof deze plaat veel van doen heeft met de legendarische Britse rockband. Selway is niet het grote creatieve brein binnen Radiohead, en p het in 2010 uitgebrachte Familial kon je al horen dat hij op z’n eentje vooral uit een ander vaatje durft tappen.

Klonk die eerste soloplaat opvallend pastoraal, dan is Weatherhouse veel donkerder en gemener in toon. Er pakken opvallend veel donkere wolken samen boven het hoofd van Selway, al nemen die niet altijd duidelijke contouren aan. In “Ghosts” zingt hij over nachtelijke angstaanvallen en in “Around Again” hoor je hem bijna over het randje van de waanzin struikelen. Opener “Coming Up For Air” zet de toon met een donker gevoel van onbehagen. Songs waarin het licht toch doorschemert, krijgen een titel als “It Will End In Tears” – alsof Ian Curtis over Selways schouder mee stond te kijken.

Nee, Weatherhouse kan je niet pastoraal noemen. Daarvoor is de muziek – zeker in de eerste helft – te broeierig. Rusteloze percussie is een van de steunmuren van deze plaat geworden en er zijn opvallend veel Radiohead-foefjes in de songs zijn geslopen, zonder dat ze ook als Radiohead-songs gaan klinken (al scheren “Miles Away” en “Ghosts” maar rakelings langs). “Coming Up For Air” bijvoorbeeld, dat trilt op elektronische golven die Selway bij John Grant’s “Pale Green Ghosts” is gaan pikken. In de tweede helft liggen de koortsdromen van Selway minder op ramkoers en klinkt er vaker hoop in zijn stem, met afsluiter “Turning It Inside Out” als minzaam, evenwichtig envoi.

Maar om nu te zeggen dat dat allemaal aan de ribben blijft kleven? Neen, dat niet. Weatherhouse is een degelijke plaat geworden, maar ook niet veel meer dan dat. Er ontbreekt punch, panache en een scheut snedigheid. Selway wordt nergens saai of vermoeiend, maar de momenten die je na enkele luisterbeurten bijblijven, zijn op één hand te tellen. Het kan aan ons liggen, maar deze plaat doet een tikkeltje overbodig aan. Waarmee niet gezegd is dat deze schoenmaker beter bij zijn leest blijft. Selway heeft vast betere platen in zich, maar als solosongschrijver heeft hij nog wat tijd nodig om te rijpen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen − 7 =