Johnny Marr :: Playland

Het heeft tot zesentwintig jaar na de split van The Smiths geduurd vooraleer Johnny Marr vorig jaar eindelijk zijn eerste echte solo-album uitbracht. Maar kijk, blijkbaar moeten die plaat en de bijhorende tour hem uitermate goed bevallen zijn, want een jaar later is hij al terug met een nieuw album, Playland.

De inspiratie voor de titel van het album, Playland, haalde hij bij de Nederlandse cultuurfilosoof Johan Huizinga, die in 1936 het boek Homo Ludens schreef waarin hij poneerde dat de mens een spelend wezen is en dat het spel een noodzakelijke voorwaarde voor cultuur is. Niet dat Johnny Marr ineens de grote filosoof gaat uithangen, maar het is ook op deze plaat duidelijk dat hij nog steeds enorm veel plezier heeft in het musiceren. Want dat is Johnny Marr toch bovenal: een gitarist.

Wie de biografie van Morrissey gelezen heeft, weet het nu wel absoluut zeker: een reünie van The Smiths komt er nooit meer. We moeten het dus willens nillens doen met de soloplaten van beide heren. Misschien is het daarom dat Johnny Marr nu plots zo’n haast maakt met het uitbrengen van platen. Had hij vroeger geen vertrouwen in zijn eigen capaciteiten als zanger, dan lijkt het alsof hij nu zijn vocale beperkingen aanvaard heeft. Een groot zanger zal hij nooit worden, maar het is nu ook niet dat zijn zang storend werkt. In 2010 werd hij door de BBC verkozen tot vierde beste gitarist ooit en ook op Playland lijkt hij te beseffen dat hij het vooral van zijn gitaar moet hebben. Doorheen het hele album worden we getrakteerd op de kenmerkende typische Marr-gitaarstijl. En het is dankzij zijn heerlijk gitaarspel dat Playland toch enigszins de moeite waard is.

Want het is erg jammer dat Marr als songschrijver op geen enkel moment in de buurt komt van het torenhoge niveau dat hij in de jaren ‘80 haalde. Met een beetje goede wil kunnen we zeggen dat de beste songs van de plaat misschien wel ergens op een b-kantje van The Smiths hadden kunnen belanden. “Boys Get Straight” is gewoon een goeie rocksong en “Back In The Box” heeft zo’n heerlijke Marr-gitaarpartij op een sterke melodie.

Helaas zijn deze nummers uitzonderingen; voor het overige lijken de meeste liedjes immers weinig geïnspireerde songs, die herinneren aan andere liedjes die je al eens gehoord hebt. Zo refereert “Speak Out Reach Out” wel heel erg aan de vroege Depeche Mode en klinkt “25 Hours” als een dertien-in-een-dozijn elektronicanummer zoals je er in de jaren ‘90 zo veel kon horen. Een bijkomend probleem is de bijwijlen gedateerd en zielloos klinkende productie. Regelmatig klinkt Playland meer ‘jaren ‘80’ dan The Smiths ooit geklonken hebben, luister maar naar pakweg “Candidate” of “This Tension”. En laat ons eerlijk zijn: ‘klinken zoals in de jaren ‘80’ is nu niet meteen een groot compliment.

Met Playland weet Johnny Marr dus ook deze keer niet te overtuigen. Ja, hij is nog steeds een geweldig gitarist, maar als songschrijver haalt hij nergens het niveau dat hij ten tijde van The Smiths zo vlot haalde. In plaats van Playland kan je beter nog maar eens een Smiths-plaat opleggen om te weten waartoe hij echt in staat is.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien + 17 =