Greylag :: Greylag

We zien het in onze contreien nog niet meteen gebeuren, toch niet voor een groep die het serieus meent, maar dit trio uit Portland heeft zichzelf vernoemd naar… een gans! Voor de heren, die allen afkomstig zijn uit verschillende uithoeken van Amerika, staat deze vogel symbool voor verrijking, voor migratie, voor reizen. Na enkele jaren actief te zijn in Portland steken ze nu alvast zelf de grote plas over met hun eerste langspeler, waarvoor ze zich zoals menig groep de moeite getroost hebben om met een originele titel op de proppen te komen.

Breed gepande akoestische gitaren verwelkomen de luisteraar in het van Americana doordrenkte universum van de plaat. Het kampvuur wordt aangestoken, en de bierflesjes geopend. Het wordt zo’n avond. Al wie op zoek is naar zijn wortels: dit album heeft roots genoeg voor iedereen.

Opener “Another” gepasseerd, wordt de elektrische gitaar bovengehaald om wat te sliden en het refrein open te trekken op “Yours To Shake”. Indien u wil weten of deze band überhaupt iets voor u is, zoek dan misschien even dit nummer op. Zanger/gitarist Andrew Stonestreet heeft namelijk een ietwat apart timbre (een theelepel schel en ijl, met een snuifje vrouwelijkheid), vooral wanneer hij de hogere regionen opzoekt, en dat wordt hier vanaf de eerste noot zeer duidelijk. Bij spontane huiduitslag zet je de plaats beter meteen af om ongelukken te voorkomen.

De plaat laat zich voorts vlot beluisteren, zonder ooit echt al te ver af te wijken van het ingezette pad, of potten te breken. Hoeft ook niet per se, natuurlijk. Op “Mama” worden de stoelen even aan de kant geschoven om de dansvloer te ontbloten en stevig met de voeten op de grond te stampen. Opvolger “Kicking” voegt dan weer een scheut vuige bluesrock toe aan de mix, en met het voorlaatste nummer “One Foot” stapt het gezelschap onbevreesd de zakkende zon tegemoet in de woestijn, terwijl de camera langzaam de hoogte ingaat om over te gaan op een breed horizonshot. De eindcredits rollen dan weer over het daarvoor perfect dienst doende, intimistische “Walk the Night”. Er stak nog een pint in de bak, en die mag de bard van dienst op zijn eentje met zijn gitaar opzuipen, terwijl het hout nog wat nagloeit.

Ondanks de prominent aanwezige elektrische gitaar voelt het geheel toch eerder akoestisch aan. Daarnaast zou het wel eens kunnen dat de nummers op dit album live beter tot hun recht komen dan op plaat. Misschien blijft het dan ook allemaal wat spannender, want na verloop beginnen de nummers nét dat ietsje te veel op elkaar te lijken. Verder willen we producer Phil Ek niet vertellen hoe hij zijn job moet doen, maar de basdrum en snare hadden toch echt een tikkeltje luider gemogen om het geheel wat meer hartslag te geven.

Deze negen nummers zullen niet meteen hoge toppen scheren op de eindejaarslijstjes, maar staan zeker wel garant voor enkele aangename draaibeurten. Fans van oude helden als Crosby, Stills & Nash — en hoewel die ook in de promo vermeld worden, waren we ook zelf tot die vergelijking gekomen — zullen hierin hun gading zeker vinden. De groep lijkt er alvast zin in te hebben, en dat werkt best aanstekelijk, dus hou die podia alvast in ‘t oog!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × een =