St. Vincent :: St. Vincent

Annie Clarke op een hoes in Memphisstijl, witte haren en een outfit waarmee ze niet in een Tim Burton film zou misstaan, zelfverzekerd op haar iron throne van kitsch. Zelden vertaalde een albumcover de muziek die erachter wacht zo goed. En eigenlijk, zelden is tegenwoordig een nieuw album zo goed.

St. Vincent heet het vierde soloalbum van de Amerikaanse. Niet te lang over nagedacht op het eerste gezicht, maar eigenlijk net wel. Want op een plaat waarop je meer dan ooit als jezelf klinkt, is een self titled album logisch. Alleen in “Digital Witness” dwaalt nog even de geest van Love This Giant rond, het brassband geïnspireerde album dat ze samen met David Byrne maakte in 2012. Verder: helemaal St. Vincent, inclusief zwaar vervormde gitaren, funky ritmes, elektronica en haar typische wittiness.

Ook een album vol valkuilen voor analisten. Clarke dolt constant met de luisteraar door te zappen tussen de echte wereld en de Willy Wonkaversie ervan. Ze bezit als een van de weinigen de gave om te spelen met waarheid en fantasie zonder de leugendetector op hol te jagen. “Am I the only one in the only world?” vraagt ze zich af in het parabelachtige “Rattlesnake”, dat uiteindelijk niets meer dan een waargebeurde anekdote blijkt te zijn. Of in “I Prefer Your Love”, een goudeerlijke ballade waar het vruchteloos zoeken is naar de dubbele bodem waartoe de gekheid in de andere nummers ons aanzet.

Gekheid vraagt u zich af? We stellen u voor Huey Newton, oprichter van de Black Panthers en figurant in het gelijknamige nummer, geschreven in een hotel in Helsinki hallucinerend op een slaapmiddel. DJ Shadow lijkt de intro voor z’n rekening te nemen en de song denkt rustig verder te kabbelen terwijl Clarke associaties oproept als “Live children blind psychics / Turned online assassins”. Tot na bijna drie minuten het distortionpedaaltje wordt ingetrapt en er zich een gospelkoor achter schaart. “Entombed in a shrine of zeroes and ones / You know /You know”. Het is een van die moment waarop je je afvraagt hoe serieus dit nog is, maar het klinkt zo verdomd goed dat je het al snel als dogma aanziet.

Wanneer Clarke zingt, beveelt “Bring me your loves all your loves / I wanna love them too you know” (in “Bring Me Your Loves”) over een digitaal slash tribaal ritme en hondsdolle Moog-synthesizer heen, of “I want all of your mind” in het eerder vernoemde “Digital Witness” is er geen ruimte tot interpretatie over het feit wie er stevig op de troon zit in haar koninkrijk. Zelfs een op het eerste gehoor eenvoudig klinkende klassieke rocker als “Regrets” zit ingenieus in elkaar. Een eenvoudige maar efficiënte gitaarriff: het alomtegenwoordige instrument als een draak met zeven koppen, dat als vertaler-tolk excelleert tussen hoofd en vingers.

Het afsluitende “Severed Crossed Fingers” klinkt licht als helium en doet aan Bowie denken. We wikken onze referenties, want als er iemand in tijden van eenheidsworst een eigen smoel toont, is het wel St. Vincent op St. Vincent. De voeling met de realiteit is vaak geruststellend veraf, maar soms ook verrassend dichtbij: “People turn the tv on it looks just like a window” en “What’s the point of sleeping / If I can’t show if you can’t see me” (uit “Digital Witness”, nogmaals, waarschijnlijk het beste nummer). Het is het sprekende gemak waarmee tussen die werelden geswitcht wordt dat deze plaat naar een hoger universum tilt. Beste adelbrief tot nu toe? Beste tot nu toe.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − 15 =