Grown Below :: The Other Sight

Als we een euro hadden voor iedere keer dat post-metal doodverklaard werd, was deze review waarschijnlijk aan een zwembad in de Caraïben geschreven. Driewerf helaas voor dat zwembad, maar in het druilerige Vlaanderen wordt er blijkbaar nog naarstig aan het genre gewerkt. Getuige daarvan het Antwerpse Grown Below.

Antwerpen en omstreken (in de volksmond “de parking”) bleek al enkele jaren vruchtbare grond voor metal, hardcore en aanverwanten te zijn. Vooral de ogenschijnlijk eindeloze variatie doet menige fan van zwaar muzikaal spul watertanden. Grown Below voegt aan het — overheersend donkere — kleurenpalet nog een extra post-metaltint toe. Het viertal loopt al een drietal jaar mee en kon in die relatief korte tijd al twee albums aan de wereld tonen, wat niet gering is. Debuut The Long Now, dat bijna net na de oprichting van de band verscheen, liet een opvallend volwassen geluid horen dat duidelijk aansluiting zocht bij wegberijders van het genre zoals ISIS, Cult of Luna en Red Sparowes, maar zich tussen die mastodonten best staande kon houden. Nu is er dus The Other Sight.

Ook daar weer kan je quasi onmiddellijk de link leggen naar eerder genoemde voorbeelden. De openingsakkoorden van “New Throne” vallen als een sloophamer de deur binnen, met voorop de fenomenale stem van Matthijs Vanstaen, die probleemloos kan wedijveren met het majestueuze leeuwengebrul van Aaron Turner. Wanneer de storm gaat liggen en de muziek meer intimistische vormen aanneemt, geeft Vanstaen zijn tweede wapen ten gehore, namelijk zijn uiterst knappe zangstem. De blazers in de onstuimige finale van “New Throne” zijn een mooie vondst en geven een extra cachet aan het geluid van de band op deze plaat.

Want als er één constante is op het hele album, dan is het wel de overkoepelende sound. Dat komt de consistentie van het geheel zeker ten goede, maar zorgt er ook voor dat er te weinig verrassingen vallen te rapen om de aandacht er een ganse plaat bij te houden.

Dat wordt vooral duidelijk in het dertien minuten durende “My Triumph”, dat vijf minuten voort meandert op nagenoeg het zelfde thema en je pas bij de eerste echte uitbraak bij de keel kan grijpen. Daarna valt het nummer weer stil in een minutenlange contemplatieve, maar ongevaarlijke trip alvorens weer in een uitstekende slotclimax te eindigen. “Phantoms” houdt min of meer hetzelfde stramien aan, maar klinkt eenvoudiger met één lange aanloop die abrupt in een explosie van geraas en gebrul tuimelt. De glorieuze, triomfantelijke finale is dan wel weer heel erg mooi.

Afsluiter “Reverie” dreigt ons weer hetzelfde bekende straatje in te sturen, maar draait gaandeweg een sterk gearrangeerde bocht in, die mooi wordt gevolgd door een iets donkerder getinte zangpartij. Zo geeft de band toch een iets melancholischer klank aan het anders wat flegmatieke geluid mee. Maar ook hier is het weer het denderende einde dat met de pluimen gaat lopen. Vooral in de ultieme slotminuten van The Other Sight duikt Grown Below als het ware de doomdieperik in en zoekt op aanvuren van loodzware drumslagen het keelgeluid van Vanstaen haar diepste regionen op. Het is een magistraal einde van een plaat die het vooral van zijn heavy materiaal moet hebben, maar in de zachtere, meer intimistische arrangementen wat variatie en diepgang mist. Vakwerk, maar geen meesterwerk.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien − 6 =