Smith Westerns :: Soft Will

Soft is het nieuwe ruig. Dat lijkt wel de boodschap die Smith Westerns uitdraagt op Soft Will. De nozemrock van de begindagen heeft volledig plaats gemaakt voor een zachte aanpak, waarmee het trio zich als een mes door boter naar de ziel van de luisteraar begeeft.

Na het rammelende maar veelbelovende titelloze debuut, leek begin 2011 met de prachtige opvolger Dye it Blonde een wonderlijke toekomst open te liggen voor Smith Westerns. Het trio omarmde een glamelement en tekende voor een dijk van een plaat vol lust for life. Tot de hemel op het hoofd van band en fans viel, toen wat tien minuten eerder nog een fantastische editie van Pukkelpop was, veranderde in een fatale uithaal van het noodlot.

Ruim een jaar, na een oorverdovende minuut stilte op de Pukkelpopweide, duurde het voor Dye it Blonde opnieuw voorzichtig tevoorschijn kwam. En toen was de glans, waarmee het album bij zijn release had weten te charmeren, er plots weer. Nu ook het nieuwe Soft Will verschenen is, gaan de neuzen weer helemaal richting toekomst. Of ook niet. Want als weinig andere platen weet dit album herinneringen op te roepen aan de tijd dat de toekomst nog een verre droom was en beslommeringen zich afspeelden in de beslotenheid van een van verlangen vervulde tienerkamer.

Smith Westerns heeft de rammelrock compleet aan de kant geschoven en speelt de meer poppy kaart, die op Dye it Blonde voor het eerst getrokken werd, helemaal uit. Geen pop verpakt als glamrock hier, maar zonder gêne flirten met softrock, waarmee het trio zich dichter bij Big Star dan bij T. Rex positioneert. Ook Air ten tijde van The Virgin Suicides is, qua sfeer althans, nooit veraf op dit juweeltje.

Dat woord werd met zorg gekozen: de tien songs op Soft Will maken stuk voor stuk indruk wanneer ze zich behoedzaam maar kordaat aandienen. Er is het dromerige “Glossed”, het sentimentele “Best Friend” met zijn weemoedige gitaarlick, en de gelaagde opener “3AM Spiritual”, die stap voor stap het album als een overweldigend kleurenpalet aan sferen uitrolt, om uiteindelijk bij orgelpunt “Cheer Up” te belanden.

Onderweg dienen zich Brian May-solo’s aan (“White Oath”), wordt met het instrumentale “XXIII” liefdesverdriet van een klanktapijt voorzien en is er nog de gouden single “Varsity”, waarmee Soft Will enkele maanden geleden werd aangekondigd en die behoorlijk hoge verwachtingen schiep.

En hier zijn we nu, opnieuw zomer, opnieuw duizend-en-een plannen en opnieuw is er dat besef, ergens knagend in een hoekje, dat aan mooie liedjes een eind komt, dat de euforie die vrijkomt wanneer een nachtje vertier eindigt met een stiekeme plons in het zwembad van een nietsvermoedende buurman, snel vervaagt wanneer de dagelijkse verplichtingen zich zonder een greintje medelijden opnieuw aandienen.
Maar waar dat melancholische besef knaagt, speelt nu een plaat van Smith Westerns, een zoete troost, die wonderwel in staat is de luisteraar mee te voeren naar de beste momenten en onder te dompelen in absolute schoonheid. Daarmee bouwt Smith Westerns de droom die twee jaar geleden aan diggelen werd geslagen voorzichtig, maar zorgvuldig, opnieuw op.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien − tien =