Muse :: The 2nd Law

Sinds Absolution zweert Muse bij symfonische rock. Op The 2nd Law probeert de Londense rockdino hier en daar een stijlbreuk te forceren, maar gaat daarbij de mist in.

Volgens frontman Matt Bellamy betekende Absolution de evolutie van rechttoe rechtaan rock naar epische, Queen’eske arrangementen. Vandaag is de plaat uit 2003 al een moderne rockklassieker. “Hysteria”, “Stockholm Syndrome” en “Time Is Running Out” zijn dan ook maar drie voorbeelden van dijken van nummers die er op te vinden zijn. Bellamy, bassist Chris Wolstenholme en drummer Dominic Howard maakten zich hiermee onsterfelijk in het rockcircus.

Maar goed, genoeg jeugdherinneringen. Muse bewandelde met de recentere platen Black Holes And Revelations en The Resistance op het eerste gehoor betreden paden, de bombastische accenten werden bij momenten spectaculair opgedreven. Gelukkig bleef op voortreffelijke nummers als “Knights Of Cydonia” en “Uprising” het evenwicht tussen bombast en emotie behouden. Maar net als bij Coldplay blijft de lijn tussen beide flinterdun, vooral live.

Vandaag zijn er genoeg redenen om nostalgisch te worden naar de goeie ouwe tijd, toen Muse nog monsters van songs schreef rond één geniale gitaarlijn. Met “Supremacy” (Led Zep!), “Madness” (U2!), “Panic Station (Queen! Red Hot Chili Peppers!) en “Explorers” (Meat Loaf!) lijkt The 2nd Law op de Grote Soundmixshow. Aangezien Bellamy een bewonderaar is van Skrillex, staan enkele nummers bol van toegankelijke dubstep. “Follow Me” is dankzij de hulp van de wereldberoemde producer bijna pure Nero. In “The 2nd Law: Unsustainable” zit iets meer van Muse zelf in. Noem het gerust symfonische dubstep.

Maar eerlijk gezegd hadden we liever wat minder blieps, keyboardsirenes en cirkelzagen-dubstep en meer gitaren gehoord. Vooral in de meest electrogetinte songs is de intensiteit van weleer verdwenen. Zo blijft “Big Freeze” nooit écht hangen. Een nog slechter voorbeeld is de trancy afsluiter “The 2nd Law: Isolated System”. Dit is een dromerig maar karakterloos nummer.

Nochtans was Muse erg goed begonnen met het symfonische “Supremacy” en sentimentele “Madness”. Wolstenholmes baslijnen rocken lekker vet en Bellamy bereikt met zijn falsettostem weer vocale hoogtes. Het contrast tussen deze twee nummers, die je meteen bij de ballen grijpen, en het ongeïnspireerde funknummer “Panic Station” is onwezenlijk groot. De eerste luisterbeurt is best leuk, maar daar blijft het bij. Hetzelfde geldt voor de donderende, symfonische rock “Survival”. Kan beter voor het officiële nummer van de recentste Olympische spelen.

De frustratie na de vieze dubstep van “Follow Me” kan nog verwerkt worden met “Animals”, het bescheiden hoogtepuntje op de plaat. Muse grijpt terug naar de Radiohead-achtige rocksound van ruim tien jaar geleden. Bellamy’s omschrijving van “Explorers” — “het geluid van Meat Loaf en Louis Armstrong die een postmetal nummer maken” — klonk ambitieus, maar net als de door Wolstenholme geschreven en ingezongen “Save Me” en “Liquid State” doet dit nummers niets behalve voortkabbelen. Schone verpakking, weinig inhoud.

Muse scoort een magere vier voor drie te pruimen en twee half geslaagde composities. Niet toevallig sluiten deze nummers het meest aan bij zijn vertrouwde sound. Wanneer Muse platgetreden paden verlaat, is hij de weg kwijt. Maar als het de band kan troosten: er zijn meer dan genoeg devote fans die The 2nd Law zullen slikken. We wensen hen bij deze veel plezier in het Sportpaleis.

Muse concerteert op 18 december in de Antwerpse concerttempel. Dat optreden is hopeloos uitverkocht.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × twee =