Fucked Up :: David Comes To Life

Matador, 2011

Op een doodnormale zondagavond in juni raakten de gesprekken
plots verhit ten huize Ketels. Oorzaak: de pas uitgekomen nieuwe
van Fucked
Up
. “Waarom is deze hardcoreplaat ineens wél goed?”, zo sprak
mijn oudere broer. “Hippe indiekids lachen altijd met die
scene, maar nu Pitchfork het goed vindt kan het blijkbaar wel!”. Nu
moet u weten: niet alleen is de broer in kwestie fan van het genre,
maar ook en vooral is hij nogal vies van muzieksnobs – zo van die
mensen die dingen goed vinden omdat het goed staat. Niettemin had
hij een punt. Meer nog bezorgde hij me een uitdaging, want ook ik
vond dit album een stuk specialer dan zijn soortgenoten. En dus
moest en zou ik er het fijne van weten.

Allereerst kan je beargumenteren dat ‘David Comes to Life’ een
stuk ambitieuzer is dan de meeste, zo niet alle albums die vandaag
de dag uitkomen – in alle genres. Want welke andere band komt er
nog weg met een conceptplaat van zo’n omvang? Je kan echter
evenzeer oordelen dat dit eerder een handicap is dan een streepje
voor, wanneer het aankomt op het bereiken van een breed publiek.
Ook inhoudelijk kan je niet echt uitmaken waarom deze LP nu juist
met kop en schouders boven de rest uitsteekt. Want hoewel men
binnen het zwaardere werk vaak heel andere thema’s aanraakt, lijken
de teksten ook hier niet bepaald hapklaar of trendy. Zeg nu zelf:
het opvoeren van Romeo-en-Juliafiguren in een relaas over het
bombarderen van een fabriek door middel van een handgemaakte raket,
waarin de verteller op een metaniveau de uiteindelijke antagonist
blijkt, dat lijkt toch op het eerste zicht behoorlijk pompeuze
neuzelarij?

En toch moeten we van daar niet al te ver meer gaan om tot de
kern van de zaak te komen. De sleutel lijkt me immers niet het
verhaal zelf, maar wel de situering ervan in plaats en tijd. Het
gebeuren speelt zich namelijk af in het Engeland van de jaren
zeventig en tachtig. Wie met een beetje aandacht naar het album
luistert, merkt dan ook al snel dat de plaat ervan doordrenkt is.
Fucked Up slaagt er met verve in om herinneringen op te roepen aan
de origine van de punk en de hardcore, zonder ook maar een moment
oubollig te klinken. Sterker nog: Damien Abraham en co. klinken
zelfs heel hedendaags. Maar toch besluipt je tegelijkertijd het
gevoel je in een heel andere tijdzone te bevinden.

Zonder ooit al te gratuite referenties te maken, verbindt Fucked
Up dus twee tijdvakken naadloos met elkaar, en dat is behoorlijk
straf. Het is volgens mij dan ook deze tour de force die
ervoor zorgt dat ‘David Comes to Life’ ook aanslaat bij mensen die
doorgaans heel andere koek nuttigen. Het helpt natuurlijk ook dat
alle songs, los van hun context, van een torenhoog niveau zijn. Ze
tonen daarenboven trouwens niet zelden een stadionrockkantje,
zonder daarbij ooit smaakloos of plat te zijn. En dat zorgt er
uiteraard weer voor dat deze plaat toch iets toegankelijker klinkt
dan je op papier zou vermoeden. Het enige waar je eventueel nog
over zou kunnen struikelen, is overkill. Want hier en daar
wordt het geheel toch behoorlijk zwaar en bombastisch om in één ruk
verteerd te krijgen.

En dus is mijn broer opnieuw aan zet, nu ik hem eindelijk –
sorry voor de vertraging, bro! – van repliek heb gediend.
Het wordt nog even afwachten of ik hem heb weten overtuigen. Door
het delen van deze uiteenzetting met u, hoop ik echter ook meteen
enkele trouwe lezers aan te spreken – in zoverre u natuurlijk niet
al lang mee bent. To kill two birds with one stone, heet
dat in het schoon Engels.

http://lookingforgold.blogspot.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien + 1 =