Soley :: We Sink

Na jaren in de schaduw bij het IJslandse indiecollectief Seabear is Sóley Stefánsdóttir nu uit haar schulp gekropen om het publiek haar solowerk te laten horen. Dat ze ook de kunst van de melancholie onder de knie heeft, toont ze op haar eerste langspeler, een plaat vol knusse wegdroommuziek om languit liggend van te genieten.

Sóley Stefánsdóttir was tot nu toe het best gekend als één achtste deel van Seabear, maar daar bleef ze vooral bescheiden op de achtergrond. Haar eerste voorzichtige, zoekende stapjes naar een eigen geluid deed de IJslandse vorig jaar op de ep “Theater Island” en nu heeft ze dus een volledige soloplaat klaar. Voor We Sink plukte Sóley drie nummers van haar ep, maar gelukkig bleek er genoeg inspiratie te vinden voor tien gloednieuwe songs.

In opener “I’ll Drown” wordt meteen de toon gezet. Een vederlicht, ondefinieerbaar getik wordt vergezeld van enkele voorzichtige pianonoten en Sóley begint haar verhaal met de intrigerende woorden “He is alone / in this house out there / far far away”. Dat is wat Sóley te bieden heeft: bevreemdend sprookjesmysterie met een vleugje melancholie. Het album klinkt alsof het — met veel liefde — opgenomen is op grootmoeders zolder, ergens tussen een in de steek gelaten schommelpaard, een bestofte piano en een antieke platenspeler. Stefánsdóttir nam We Sink bijna volledig zelf op en het is vooral dankzij die lo-fi klank dat de plaat een authentieke oprechtheid uitstraalt die je met de beste wil van de wereld niet doelbewust ineen kan knutselen.

Sóley slaagt erin een eigen microkosmos te creëren waarin de wereld altijd met verwondering bekeken wordt. Een beetje zoals de dames van CocoRosie op hun eerste plaat deden, maar dan minus de speelgoedinstrumenten. Krakende achtergrondeffecten, lichte percussie en gepingelde pianodeuntjes scheppen de perfecte grondlaag voor de fluisterende echostem van Sóley. Zo nu en dan roept We Sink herinneringen op aan Emiliana Torrini ten tijde van Fisherman’s Woman, maar dan wel met wat meer vocale echo-effectjes (“Bad Dream”, “Smashed Birds”). Sóley’s voorkeur voor subtiele geluidseffecten en spaarzame instrumentatie zorgen voor een ingetogen, maar toch erg warm geluid.

”Theater Island”, dat ook al op Sóley’s ep te vinden was, is aan We Sink toegevoegd als ghost track. De combinatie van vrolijke percussie, een huppelende pianomelodie en Sóley’s bijna kinderlijk klinkende stem werkt wonderwel. Waarom het nummer op deze plaat een beetje weggemoffeld werd, is niet helemaal duidelijk, want het verdient zeker een plaats op de tracklist. Dit in tegenstelling tot onbestemde geluidsbrij “The Sun Is Going Down I”, een eerder overbodig folieke dat de brug vormt tussen “About Your Funeral” en “The Sun Is Going Down II”, maar eigenlijk aan geen van beide nummers iets toevoegt.

Voor alle duidelijkheid: We Sink is een geslaagd solodebuut. Toch is er een klein, pietluttig detail op de plaat dat telkens opnieuw stoort: de wel erg abrupte stilte middenin opener “I’ll Drown”. Dat die vier geluidloze seconden er per ongeluk in geslopen zijn, is zeer onwaarschijnlijk, dus moet Sóley er wel een bedoeling mee gehad hebben, maar dan is die toch hopeloos verloren gegaan. Jammer, want het is een detail, maar dan wel één met een grote impact op de luisterervaring. Toch moet dat niet opgeblazen worden, het is uiteindelijk maar een “schoonheidsfoutje” dat een voor de rest uitstekende plaat een heel klein beetje ontsiert.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + 4 =