The Pussywarmers :: The Chronicles Of…

De kruisbestuiving van punk, folk en rock-‘n-roll zit tijdens de laatste jaren in de lift. Bij het Zwitserse label Voodoo Rhythm wisten tot nog toe vooral Mama Rosin en Reverend Beat-Man hiermee potjes te breken. Dat er met C.W. Stoneking en The Pussywarmers nieuwe kapers op de kust zijn, kan een opwaartse trend alleen maar bevestigen.

The Pussywarmers is eigenlijk een onfortuinlijke bandnaam gezien de muziek die de groep maakt. Want wie een groepsnaam als The Pussywarmers hoort, denkt hierbij automatisch aan punkers met een gebrek aan goede smaak en dat is allesbehalve wat de groep is. Het is natuurlijk wel best mogelijk dat The Pussywamers ooit vanuit een punkideaal is opgericht, maar met het niveau dat de groep met The Chronicles Of… bereikt, mag men toch gerust een beetje verder kijken. De gemoedelijke trekzakken en koperblazers geven The Pussywarmers namelijk tonnen meer klasse dan een doorsnee punkgroepje.

Dat talent kwam met voorganger My Pussy Belongs To Daddy reeds naar de oppervlakte, maar het zal uiteraard niemand verwonderen dat de groep met een dergelijke groepsnaam en plaattitel meer mogelijke fans afstoot dan aantrekt. Wat werkelijk zonde is, want het is echt muziek waarmee zowel een Klara- als Radio 1-publiek in het vizier komt. Daar laten de koperblazers van “Me And My Girl” van bij het begin geen twijfel over bestaan, terwijl het net zo goed materiaal is om tijdens een zonnig festival een vrolijke polka op te dansen!

Dat The Pussywarmers met de frontcover van The Chronicles Of… heel duidelijk afstand neemt van het humoristisch bedoelde hoesje van My Pussy Belongs To Daddy, lijkt alvast een teken dat het combo verder in een serieuzere richting wil evolueren. Hoewel serieus misschien niet het ideale woord is, want ondanks The Pussywarmers’ neiging om met hoogwaardige wereldmuziek te flirten, is feesten toch nog altijd het hoogste doel. Dat blijkt niet in het minst uit het levendige, Italiaanse “Credo Crepero”, hoewel het combo met het Duitstalige “La Nen La Bambele” al even hard zijn best doet om de verdeelde Europese landen in tijden van schuldencrisis terug dichter bij elkaar te brengen.

Toch is feestgedruis niet het enige wat The Pussywarmers bezighoudt, want met “Chanson D’Amour (Ce N’est Pas Pour Moi)” besluit zanger Pozzo het even later over een heel andere boeg te gooien. In het nummer haalt hij namelijk de chansonnier in zichzelf naar boven en hierbij lijken zowel Brel als Aznavour nooit ver uit de buurt. Met nauwelijks meer dan een piano en een akoestische gitaar is het immers hard zoeken naar het punkgehalte van de groep.

Gelukkig verklaren andere nummers beter waarom The Pussywarmers nog steeds bij het punklabel Voodoo Rhythm platen blijft maken. De overdreven gearticuleerde Duitstalige teksten van “La Nen La Bambele” hebben immers meer met attitude dan met muziek te maken en ook het opzettelijk vals gezongen “The Throne” heeft op de warme koperblazers na heel weinig met goede smaak te maken.

Niettemin mag The Pussywarmers best fier zijn over het gemoedelijke The Chronicles Of…. Met een paar Europese talen meer en een hoop even creatieve als gezellige nummers begint het combo labelgenoot Mama Rosin na diens zwakkere Louisiana Sun namelijk naar de kroon te steken, wat alleen maar beide groepen kan aanmoedigen om nog betere muziek te maken. Niet dat u hierop hoeft te wachten, want The Chronicles Of… biedt alvast een feestelijke soundtrack bij uw barbecue.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

tien − tien =