Styrofoam :: Disco Synthesizers & Daily Tranquilizers

Toen de polsslag van de indietronica definitief weggestorven was,
restten de vertegenwoordigers van het genre twee keuzes: eindeloos
rouwen en tevergeefs proberen de typische Morr Music-sound te
reanimeren of kiezen voor de vlucht vooruit. Arne ‘Styrofoam‘ Van Petegem
koos gelukkig voor het laatste en leverde met ‘The Same Channel
(met Fat Jon) en ‘A Thousand Words
twee platen af die de popkaart trokken zonder de navelstreng met de
subtiliteit helemaal door te knippen. Dat doet ‘Disco Synthesizers
& Daily Tranquilizers’ wel, met wisselende resultaten tot
gevolg.

Die metamorfose van schuchtere laptopnerd naar zelfverzekerde
popartiest verliep nochtans niet van een leien dakje. Op ‘Nothing’s
Lost’ waren de eerste voorzichtige stapjes richting electro en
synthpop te horen, maar Van Petegem durfde de Morr-maniërismen niet
overboord gooien. Het resultaat was noch vlees noch vis en een
radicalere koerswijziging drong zich op. Die kwam er met ‘A
Thousand Words’, een pure popplaat waarop Styrofoam zich definitief
bevrijdde uit die cocon van experimentele elektronica en
akoestische pop.

Met z’n nieuwe plaat wil Van Petegem die evolutie verder zetten, en
met een rist analoge synths en beats delft hij zich een weg naar de
gloriedagen van New Order, Kraftwerk en Gary
Numan. Het resultaat: vierkwartsbeats in plaats van percussie met
hartritmestoornissen en melodielijnen die niet langer met de
dunschiller aan flarden worden gereten. Luister maar naar de fraaie
opener ‘Carolyn’, een tegelijkertijd dansbare en weemoedige brok
synthpop die de laatste plaat van Hot Chip van de
middelmatigheid had kunnen redden.

Niettemin blijkt dit uitstapje naar de 70’s en 80’s al snel een
tweesnijdend zwaard. Na de aanstekelijke single ‘Get Smarter’
verzandt de plaat namelijk snel van een opwindende ode aan de
electropop-pioniers tot een formulaïsche vingeroefening. ‘Kids On
Acid’, ‘Looking Glass To Zero’, ‘What’s Hot (And What’s Not)’ en
‘Mile After Mile’: allemaal belanden ze aan de verkeerde kant van
de grens tussen okselfrisse nostalgie en belegen kopie. Je krijgt
er zin van om ‘Technique’ van New Order nog eens te draaien, maar
daar eindigt het ook.

Bovendien lijdt de plaat ook aan bloedarmoede op het vlak van
memorabele songs en hooks. Zo mag Jimmy Eat World-zanger Jim Adkins
opdraven in ‘Extra Careful’, maar zelfs hij krijgt geen peper in de
poep van het zoutloze refrein. Ook de vrouwenstem in het makke ‘Am
I The Ghost’ lijkt zich stierlijk te vervelen tussen de
voorgekauwde beats. Doodzonde, want gezien de beperkte
zangcapaciteiten van Van Petegem teren de Styrofoam-platen meestal
op de gaststemmen om te blijven boeien.

En zo lijkt Styrofoam met een knoert van een identiteitscrisis te
kampen. De indietronica is te uitgehold om nog een ‘I’m What’s
There To Show That Something’s Missing’ te maken, maar deze
koerswijziging slaat jammer genoeg ook geen deuk in een pakje
boter. Misschien toch maar Fat Jon opbellen voor een opvolger van
‘The Same Channel’?

www.myspace.com/styrofoam

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 + elf =